Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Monniken en ridders

Tijdbalk: Tijdbalk Nederlandse geschiedenis (500 - 2009)
Date: 500 - 1000

In de eeuwen die men ook wel de Vroege Middeleeuwen noemt, zijn voor de geschiedenis van ons land drie namen van betekenis: Karel de Grote, Willibrord en Bonifatius. Zij staan voor de totstandkoming van een groot Frankisch rijk, waarvan ook het huidige Nederland deel uitmaakt, en voor de verspreiding van het christendom.

Karel de Grote

Karel de Grote slaagt erin zijn rijk een zekere organisatie te geven en steun te verlenen aan de zendelingen die het christendom prediken. De bekendste onder hen zijn Willibrord, die in 695 tot bisschop der Friezen wordt gewijd en zijn zetel in het tegenwoordige Utrecht heeft, en Bonifatius, die zijn arbeid moet bekopen met de dood in 754 bij Dokkum.

Verzwakking van rijk Karel

De opvolgers van Karel de Grote (overleden in 814) kunnen het grote, machtige rijk niet in stand houden. Een belangrijke oorzaak daarvan is de opkomst van het leenstelsel, waarin vorsten een deel van hun macht afstaan aan leenmannen. Bovendien wordt het Frankische rijk geteisterd door de invallen van de Noormannen, vooral Deense zeerovers die hun fortuin zoeken in het betrekkelijk welvarende West-Europa. De verzwakking van Karels rijk wordt nog eens bevorderd doordat zijn drie kleinzonen het – bij het verdrag van Verdun in 843 –
verdelen. In de 10e eeuw worden de Nederlanden een deel van het rijk van
Lodewijk, het Duitse rijk.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in