Informatie
In 1711 begint in Algiers een opstand. Aanleiding vormt een door de Turkse Sultan gestuurde gouverneur, wiens gezag in Algiers niet wordt erkend. De rebellie richt zich ook tegen bevriende naties als Nederland.
De Nederlandse consul wordt het land uitgezet en de Nederlandse schepen worden aangevallen en geplunderd. De Nederlandse ambassadeur Jacobus Colyer dient daarop een klacht in. De heersende Sultan Ahmed III reageert direct en schrijft een Hatti Serif (een door de Sultan persoonlijk getekende brief). De brief stelt dat Nederland een bevriende Staat is en dat de vijandelijkheden dus gestaakt moeten worden. De vrede tussen Nederland en Algiers wordt pas met een verdrag van 1726 hersteld.

