Nationaal Archief. Search the collection of the Dutch National Archives

Staatsregeling voor het Bataafsche volk

Timeline: Tijdbalk Nederlandse geschiedenis (500 - 2009)
Date: 1798

De pogingen om te komen tot een grondwet voor de Bataafse Republiek verlopen erg  moeizaam door de tegenstelling tussen de unitarissen en federalisten. De Fransen grijpen in 1798 in het geheim in. Zij steunen de coup van een radicale groep van unitarissen onder leiding van de Tilburgse fabrikant Pieter Vreede. Met hulp van Franse troepen bezet de groep de vergaderzaal aan het Binnenhof en zuivert de vergadering van federalisten. Daarna presenteert ze een Staatsregeling die uitgaat van een eenheidsstaat en een einde maakt aan de provincies. De Staatsregeling wordt aan een volksstemming onderworpen, waarbij de nietstemmers als voorstemmers worden geteld. Het inrichten van de eenheidsstaat geeft echter veel problemen en onrust onder de bevolking. Al in juni 1798 wordt het bewind van Vreede door een tegencoup omver geworpen. De Staatsregeling blijft weliswaar intact maar zal nooit volledig worden ingevoerd. In 1801 wordt ze vervangen door een nieuwe die meer recht doet aan de provinciale autonomie.

Achtergrond

Wanneer als gevolg van het uitbreken van de Franse Revolutie op 14 juli 1789 het Ancièn Régime in Frankrijk omver is geworpen, verspreidt de revolutionaire onrust zich ook naar het buitenland. Nadat Frankrijk in 1793 de Zuidelijke Nederlanden heeft geannexeerd, trekken Franse troepen onder generaal Pichegru in de strenge winter van 1795 over het ijs van de bevroren rivieren de Republiek binnen. Op 18 januari 1795 wijkt stadhouder Willem V met zijn gezin vanuit Scheveningen naar Engeland uit. Maar de 'bevrijding' is niet gratis: in het Haags Verdrag wordt onder andere bepaald dat de nieuwe Bataafse Republiek 100 miljoen gulden aan Frankrijk moet betalen en 25.000 man Franse troepen moet onderhouden.

Eén ondeelbaar Nederland

1798 is boor de vaderlandse geschiedenis een belangrijk jaartal. Na 1581 mag het als een tweede mijlpaal gelden. Immers, in 1581 zwoeren de Nederlandse gewesten hun landsheer af en waren zij geen onderdeel meer van een keizer- of koninkrijk. In 1798 komt er een grondwet die bepaalt dat alle bewoners van de Nederlanden staatsburgers van één staat worden. Dit eenheidsbeginsel is sindsdien gehandhaafd gebleven: er is één ondeelbaar Nederland.

Nationale vergadering ontwerpt constitutie

Aan het gewichtige moment van een nieuwe Grondwet gaan drie verwarrende jaren vooraf. In 1795 wordt met steun van de binnentrekkende troepen de zittende magistraat afgezet. Op nationaal niveau blijven de Staten-Generaal gehandhaafd, zij het dat de leden daarvan geleidelijk 'patriots' worden. 'Oranjegezindheid' is nu verboden en strafbaar. Een nationale vergadering treedt dan in de voetsporen van de Staten-Generaal en belast zich met het ontwerp van een constitutie (grondwet). Dit ontwerp, bestaande uit maar liefst 918 artikelen en om die reden 'het Dikke Boek'genoemd, wordt in augustus 1797 met grote meerderheid door het volk verworpen.

Unitarissen tegenover Federalisten

Binnen de nationale vergadering zijn twee grote politieke stromingen zichtbaar. De Unitarissen streven naar een eenheidsstaat en sterke centralisatie. Hun aanhangers vindt men vooral in Holland, Utrecht en Brabant. De Federalisten willen daarentegen een zekere mate van autonomie voor de gewesten bewaren en zijn vooral uit de noordelijke provincies afkomstig. Wanneer een tweede nationale vergadering bijeenkomt om zich te buigen over de nieuwe Grondwet, grijpen de Unitarissen, gedekt door de Fransen, begin 1798 de macht. De nationale vergadering krijgt de opdracht een staatsregeling naar Frans model te maken die -zonder tegenstand van de Federalisten- dan ook spoedig gereed is.


De roerige tijden verhinderen dat de Staatsregeling een lang leven beschoren is: al in 1801 wordt deze vervangen door een gematigder regeling. Maar de tekst van 1798 blijft de basis voor regelingen in de toekomst.

Inhoud van de Staatsregeling

De Staatsregeling neemt de onderscheiding van drie machten over uit de leer van de Franse filosoof Montesquieu: de uitvoerende, de rechterlijke en de vertegenwoordigende of wetgevende macht. Een machtsevenwicht is er niet, want de vertegenwoordigende macht is de hoogste.

Minstens zo belangrijk zijn de grondrechten die in Staatsregeling opgenomen zijn. Zo is er de bepaling dat iedere burger zijn gevoelens mag uiten en verspreiden zoals hem goeddunkt. De vrijheid van drukpers is heilig, mits de geschriften van de naam van uitgever, drukker of schrijver zijn voorzien. Ook het recht van vergadering en van godsdienstuitoefening en van vrije jacht en visserij worden erin opgenomen.

De 72 artikelen van de Staatsregeling worden afgesloten met de vaststelling dat de waardering van vrijheid en uitoefening van rechten door de burgers de duurzaamheid, het behoud en het geluk van het vaderland zal bepalen.

gahetNA is a website of the Society for the Nationaal Archief in cooperation with the Nationaal Archief and Spaarnestad Photo.
Advanced
Search in collections
Search in: