gahetNA in the National Archives

Raad voor het Rechtsherstel / Rechtspraak - Zoeken: arnhem

10 Results found, click on a tab to show the results.

2.09.48.02
H.A.J. van Schie
Nationaal Archief, Den Haag
1997
cc0
This finding aid is written in Dutch.

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.09.48.02
Author: H.A.J. van Schie
Nationaal Archief, Den Haag
1997
CC0

Periode:

1945-1967
merendeel 1945-1967(1971)

Omvang:

90,75 meter; 933 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

In het archief van de centrale griffie - het centraal administratief orgaan - bevindt zich de neerslag van voorbereiding, vaststelling, controle, voorlichting en verantwoording van het zich in de praktijk ontwikkelende rechtsherstelbeleid: notulen van afdelingsvergaderingen, adviezen over wetswijzigingen, periodieke rapportages en desbetreffende correspondentie met de kamers, andere afdelingen van de Raad en derden. Een deel van de correspondentie heeft betrekking op organisatie en personeel van de afdeling. Voor toezicht op de procesgang zijn speciale hulpmiddelen vervaardigd: Alle ingekomen rekesten zijn op rekestnummer (R-nummer) ingeschreven in een register waarin gegevens genoteerd zijn over partijen, de eis, verwijzing naar een kamer en de wijze van afhandeling. Op dit register is een alfabetische naamindex (klapper) gemaakt op de namen van appellanten, rekwestranten en gerequestreerden. Register en klapper hebben de vorm van een kaartsysteem. De centrale griffie ontving van alle kamers twee afschriften van de vonnissen. Een exemplaar is opgeborgen op rekestnummer, het andere op kamer en datum van de uitspraak.

Archiefvormers:

  • Militair Commissariaat voor het Rechtsherstel te Tilburg 1944-1945
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Centrale griffie 1945-1967
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Kamer te Amsterdam 1945-1967
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Kamer te Arnhem 1945-1958
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Kamer te 's-Gravenhage 1945-1967
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Kamer te Groningen 1945-1958
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Kamer te 's-Hertogenbosch 1945-1958
  • Raad voor het Rechtsherstel, Afdeling Rechtspraak, Kamer te Utrecht 1945-1954
  • Gerechtshof te Amsterdam 1967-1971
  • de laatste rekestdossiers (zie o.a. inv.nrs. 929-931).

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud

In de archieven van de kamers is de neerslag te vinden van de feitelijke behandeling van de rekesten in de vorm van de procesdossiers. Procesdossiers van zaken waarin geen uitspraak was gedaan, bevonden zich tussen dossiers waarin vonnis werd gewezen, dan wel een minnelijke schikking of een akte van dading werd bekrachtigd. De dossiers zelf bevatten naast de voor afhandeling van de procedure formeel vereiste stukken als rekesten, verweerschriften, pleitnota's, bewijsstukken, processen-verbaal van getuigenverhoor en zittingen en getekende vonnissen een groot aantal geleidebrieven en procedurele routinestukken.

Naast de procesdossiers zijn er bescheiden over het functioneren van de desbetreffende kamer in organisatorische en personele zin. Verschil in de omvang van het aantal te behandelen zaken per kamer leidde tot de nodige variatie in administratieve organisatie en ontwikkeling van hulpmiddelen.

De archieven van de kamers verschillen onderling sterk naar inhoud en ordening. Alleen van de kamers Den Haag, Arnhem en Amsterdam zijn de griffiecorrespondentie, audintiebladen en aanvullende registraties bewaard gebleven.

GEBRUIKSAANWIJZING

Onderzoek naar dossiers, betrekking hebbend op individuele zaken, is in dit archief goed te doen. Toch zijn er enkele problemen, welke hieronder worden aangegeven. Wil men een dossier raadplegen, dan dient men te weten welke kamer vonnis heeft gewezen in die zaak en onder welk nummer een zaak bij die kamer is geregistreerd.

Belangrijk: als in een zaak geen vonnis is gewezen, is het dossier niet bewaard gebleven! dan is alleen in het rekestregister nog iets over het verloop van die zaak te vinden.

Onderzoek naar dossiers als naam van rekwestrant of appellant bekend is

Meestal weet men de naam van de verzoekende of eisende partij. Dat is de meest belanghebbende partij in het geding.

STAP 1

De centrale griffie heeft een complete namenklapper (inv.nrs. 163-202) aangelegd. Deze klapper, een kaartsysteem, verwijst naar het rekestregister (inv.nrs. 137-162). Daarin is te vinden onder welk R-nummer de zaak is geregistreerd, naar welke kamer de zaak destijds is verwezen en of er een uitspraak of vonnis is en zo ja, op welke datum dat vonnis is uitgesproken. Deze gegevens zijn zeer belangrijk voor verder onderzoek bij stap 2A en 2B.

STAP 2A

Is men enkel geïnteresseerd in het vonnis, dan kan men direct het vonnis raadplegen. In de inv.nrs. 203-236 bevinden zich alle vonnissen van de Raad voor het Rechtsherstel in afschrift. Men kent het R-nummer en zoekt het inventarisnummer op waarin dat vonnis is opgeborgen.

STAP 2B

Wil men echter het rekestdossier raadplegen, dan dient men te weten welke kamer de zaak heeft behandeld. Dat staat ook vermeld in het rekestregister (inv.nrs. 137-162) van de centrale griffie. Als er verwezen wordt naar de kamers 's-Gravenhage, Groningen en 's-Hertogenbosch, is er verder niet zo'n probleem. De rekestdossiers liggen geborgen op de R-nummers, die de centrale griffie aan de zaak heeft toegekend. In de inventaris kan men het inventarisnummer vinden, waaronder het betreffende dossier in het archief is opgeborgen. De overige kamers hebben zelf eigen nummers aan de zaken toegekend. En op die nummers liggen de dossiers geborgen. Het verdere onderzoek verschilt per kamer.

Is de zaak verwezen naar de kamer Amsterdam, dan kan men de volgende stappen ondernemen.

  1. Raadpleeg de namenklapper (inv.nrs. 742-753) op de rekestdossiers. Daarin wordt verwezen naar het Amsterdamse dossiernummer.
  2. Zoek het vonnis in de serie de vonnissen van de centrale griffie (inv. nrs. 203-236), omdat daarop altijd het eigen nummer (een breuk) van de kamer vermeld staat.
  3. Als het R-nummer van de centrale griffie hoger is dan R 17607, kan men de concordantieregisters (inv.nrs. 740-741) raadplegen.
  4. Als men de datum van het vonnis weet, kan men gebruik maken van de audiëntiebladen (inv.nrs. 716-720). Op het audiëntieblad van die datum staat de zaak omschreven, met vermelding van het Amsterdamse dossiernummer.
  5. Als men de datum van het rekest kent, of beter nog, de datum van doorverwijzing door de centrale griffie naar Amsterdam, dan kan men via de registers van ingekomen rekesten (inv.nrs. 724-736) het Amsterdamse nummer opsporen. Enkele dagen nà die datum is het rekest immers ontvangen in Amsterdam en aldaar ingeschreven.

Het dossiernummer van de kamer Amsterdam bestaat altijd uit een breuk: het eerste getal, liggend tussen 45 en 69, verwijst naar het jaar, het tweede naar het volgnummer binnen dat jaar. Dus de verwijzing 48/130 verwijst naar rekestdossier uit het jaar 1948, volgnummer 130, en is te vinden in inv.nr. 795.

Is de zaak verwezen naar de kamer Arnhem, dan kan men de volgende stappen ondernemen.

  1. Raadpleeg de namenklapper (inv.nr. 596) op de rekestdossiers. Daarin wordt verwezen naar het Arnhemse dossiernummer.
  2. Zoek het vonnis in de serie de vonnissen van de centrale griffie (inv. nrs. 203-236), omdat daarop altijd het eigen nummer (een nummer tussen 1 en 1282) van de kamer vermeld staat.
  3. Als men de datum van het vonnis weet, kan men gebruik maken van de processen-verbaal en de audiëntiebladen (inv.nrs. 585-591). In het proces-verbaal of het audiëntieblad van die datum staat de zaak omschreven, met vermelding van het Arnhemse dossiernummer.

Is de zaak verwezen naar de kamer Utrecht, dan heeft men slechts één mogelijkheid om het dossier te vinden.

  1. Zoek het vonnis in de serie de vonnissen van de centrale griffie (inv. nrs. 203-236), omdat daarop altijd het eigen nummer (een nummer tussen 1 en 845) van de kamer vermeld staat.
STAP 3

Weet men nu welke kamer de zaak heeft behandeld, en onder welk dossiernummer een zaak is geregistreerd, dan kan men in de inventaris vinden onder welk inventarisnummer het gezochte dossier is op te vragen.

Onderzoek naar dossiers als kamer èn datum van het vonnis bekend zijn

Deze methode is vooral relevant als men via de jurisprudentie het volledige dossier wil raadplegen.

STAP 1

Als de datum van het vonnis bekend is en als men weet welke kamer het vonnis heeft uitgesproken, dan kan men in de op datum geordende vonnissen (inv.nrs. 237-291) verder zoeken naar het betreffende dossier. Op deze vonnissen staat altijd vermeld tot welk rekestdossier een vonnis behoort. Wees erop bedacht dat de kamers 's-Gravenhage, Groningen en 's-Hertogenbosch de R-nummers van de centrale griffie gebruikt hebben. De overige kamers hebben eigen dossiernummers gebruikt. Soms staan beide nummers op het vonnis vermeld.

STAP 2

Volg verder 'stap 2B', hiervoor in paragraaf 5.1 vermeld.

Als alléén de datum bekend is, wordt het onderzoek wat lastiger. Men moet dan elke 'kamerreeks' van de chronologische geordende vonnissen (inv.nrs. 237-291) raadplegen. Begin in zo'n geval altijd met de reeksen van de kamers 's-Gravenhage en Amsterdam. Die hebben de meeste zaken behandeld, zodat men met die reeksen de meeste kans op succes zal hebben.

Onderzoek naar dossiers betreffende een bepaalde soort zaken

De griffiers hebben geen index of klapper op soort zaken vervaardigd. Wel bestaat er het kaartsysteem op de jurisprudentie. In dit register, onderverdeeld in 404 rubrieken, zijn per rubriek één of meer vonnissen vermeld, welke zijn gepubliceerd in de tijdschriften Tribunalen en andere na-oorlogse rechtspraak (inv.nrs. 120-124) en Rechtsherstel (archief Raad voor het Rechtsherstel, afdeling Secretariaat). In die tijdschriften wordt meestal niet de naam van de partijen vermeld, maar wel de datum van het vonnis en de kamer die dat vonnis heeft uitgesproken. Verder onderzoek is dan mogelijk zoals omschreven in paragraaf 5.2.

In de rekestregisters van de centrale, Haagse en Amsterdamse griffie (inv.nrs. 137-162, 310-321 en 743-753) is een beperkte rubricering aangebracht naar soort zaken. Deze aanduidingen zijn zeer globaal en zeker niet volledig.

In de correspondentie van de griffiers, betrekking hebbend op interpretatie en jurisprudentievorming, wordt soms verwezen naar bepaalde concrete zaken. Met name zijn de inv.nrs. 107-118 en 706-713 in dit verband van belang.

Selectie en vernietiging

Aanvullingen

Ordening van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Comments by visitors

Post new comment
Fields marked with an asterisk sign (*) are obligatory fields
The content of this field is kept private and will not be shown publicly.
  • Web page addresses and e-mail addresses turn into links automatically.
  • Lines and paragraphs break automatically.
  • Allowed HTML tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Converts capital HTML tags to lower case HTML tags e.g. <A> to <a>.
gahetNA is a website of the Society for the Nationaal Archief in cooperation with the Nationaal Archief and Spaarnestad Photo.
Advanced
Search in collections
Search in: