Uhlenbeck - Zoeken: wilhelmina
7 Resultaten gevonden, klik op het tabblad om de resultaten te tonen.
2.21.165
J.A.A. Bervoets
Nationaal Archief, Den Haag
(c) 1985
Beschrijving van het archief
Naam archiefblok:
Collectie 310 Uhlenbeck
Uhlenbeck
Periode:
1744-1962
merendeel 1744-1962(1978)
Omvang:
2,00 meter; 222 inventarisnummers.
Taal van het archiefmateriaal:
Het merendeel der stukken is in het Nederlands
Soort archiefmateriaal:
Normale, geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.
Archiefbewaarplaats:
Nationaal Archief, Den Haag
Samenvatting van de inhoud van het archief:
De Familie Uhlenbeck is oorspronkelijk afkomstig uit de Rijnstreek in het huidige Duitsland. Doordat Johan Wilhelm Uhlenbeck in de 18e eeuw in dienst trad van de V.O.C. geraakte de Familie in de Nederlanden. Zijn zoon Christian werd civiel ingenieur en diende in de Marine, en diens broer Olke Arnoldus diende in de marine, en voer o.a. als commandant van de 'Palembang' op het toen nog gesloten Japan. Ook Olke's zoon Christian Eliza had een loopbaan bij de marine, en was o.a. lid van de rekenkamer. Het archief bevat o.a. persoonlijke papieren, bio- en autobiografisch materiaal van verschillende telgen, correspondentie, stukken betreffende bevelvoering over verschillende schepen, portretten en teksten van redevoeringen.
Archiefvormers:
-
Uhlenbeck, Johan Wilhelm (1744-1812)
Gildemeester, Wilhelmina (1757-1813)
Uhlenbeck, Christianus Cornelius (1780-1845)
Andringa, Catharina Elisabeth (1789-1849)
Uhlenbeck, Maria Elisabeth (1809-1860)
Uhlenbeck, Olke Arnoldus (1810-1888)
Lette, Antoinette (1825-1909)
Uhlenbeck, Johannes Cornelis (1813-1848)
Uhlenbeck, Christian Eliza (1840-1897)
ten Bosch, Anna Christina (1843-1921)
Uhlenbeck, Olke Arnoldus (1872-1929)
Uhlenbeck, Johannes Diederik (1875-1939)
Uhlenbeck, Christiaan Eliza Olke Uhlenbeck (1904-?)
Guyot, Paul Charles Guillaume (1800-1861)
Guyot, Henri Daniel (1836-1912)
Uhlenbeck, Antoinette (1842-1923)
Archiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
1. Het geslacht Uhlenbeck in Velbert en Ceylon
Het geslacht Uhlenbeck(
Voor een beschrijving van het geslacht Uhlenbeck, zie Nederlands Patriciaat, jaargang 31, 1945, pag. 287-298, en de zich daarin bevindende literatuurverwijzing. Zie voor nadere details ook inventarisnummers 50 en 202. P.C. Molhuysen, P.J. Blok, L. Knappert, Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel V, kolom 982-986, bevat beschrijvingen van Christianus Cornelius Uhlenbeck (1780-1845), Christian Eliza Uhlenbeck (1840-1897), Johan Wilhelm Uhlenbeck (1744-1812) en Olke Arnoldus Uhlenbeck (1810-1888).
2. Olke Arnoldus Uhlenbeck (1810-1888)
Olke Arnoldus, de tweede zoon van Christianus Cornelius Uhlenbeck en Catharina Elisabeth Andringa, werd op 18 maart 1810 in Colombo geboren. Op 11-jarige leeftijd maakte hij de wederwaardigheden van de overtocht naar Nederland mee. Na een opleiding op een Engels college begon in 1826 een marine-opleiding, die tijdelijk door de actieve dienst werd onderbroken toen in de jaren 1830-1832 de Nederlandse marine bij gelegenheid van de afscheiding van België op de Schelde moest opereren. Bij een landingsoperatie voor de citadel van Antwerpen in 1832 liep Uhlenbeck een hoofdwond op. Naar aanleiding van deze krijgsverrichtingen werd hij bij Koninklijk Besluit van 8 oktober 1842, nr. 4, tot ridder in de Militaire Willemsorde, 4e klasse, benoemd.
Als luitenant ter zee werd hij in 1835 toegevoegd aan ir. A. Lipkens, die als adviseur van het departement van Binnenlandse Zaken tevens de koning van advies moest dienen over door hemzelf ontworpen duikboten. Uhlenbeck kreeg de taak deze boten te vergelijken met Engelse modellen, ze varensgereed te maken en te beproeven. Weldra werd hij ook betrokken bij de opleiding van duikers en bij onderzoekingen van onderzee-toestellen op non-belligerent terrein. De door hem en Lipkens op deze manier geperfectioneerde vindingen werden echter niet operatief gemaakt. Lipkens werd in 1842 directeur van de koninklijke akedemie voor de opleiding van burgerlijke ingenieurs in Delft, Uhlenbecks opdracht werd in 1844 ingetrokken, omdat hij tot lid van een commissie ter aanbieding van geschenken aan de keizer van Japan werd benoemd en op het fregat "Bromo" werd geplaatst.
Aldus werd hij betrokken bij het diplomatiek initiatief van koning Willem II ter verruiming van de Nederlands-Japanse betrekkingen. In Japan verbleef hij op het fregat "Palembang" in afwachting van 's keizers antwoord op het verzoek om aanbieding. Zijn ergernis over het commando over de "Palembang", over de verhoudingen tussen de Nederlandse handelsfactorij op Deshima en de Japanse overheid en over de beperkingen in bewegingsvrijheid die hemzelf en zijn manschappen door de Japanners waren opgelegd, brachten hem in een conflict met het opperhoofd van de Nederlandse handel in Japan, dat in 1846 door de goeverneur-generaal van Nederlandsch-Indië in zijn nadeel werd beslecht. Een periode van gedeeltelijke nonactiviteit volgde door ziekte van Uhlenbeck en zijn vrouw Marie Jeanne Arnoldine Lette, met wie hij op 25 april 1839 gehuwd was. In 1850 werd hij belast met de inspectie van het loodswezen in Amsterdam, maar na de dood van zijn vrouw op 19 oktober 1852 ging hij weer in actieve dienst. Op 3 november 1854 huwde hij Antoinette Lette, de zuster van zijn overleden vrouw. Rangverhoging en een zekere roem behaalde hij, toen hij in 1856 met de verouderde raderboot de "Vesuvius" moest optreden tegen zeeroversbases in de Molukken. Op zijn geslaagde poging om het schip in noodweer te behouden en de daarbij betoonde moed volgde zijn bevordering tot kapitein-luitenant. In 1859 nam "lord Donderton", zoals allengs zijn bijnaam werd, tijdelijk het commando over de marine in Suriname waar. In 1861 werd hij bevorderd tot kapitein ter zee, en als zodanig voerde hij het bevel over een nieuw type fregat met stoomvermogen "Adolf Hertog van Nassau", waarmee hij verscheidene malen wereldreizen ondernam. In 1866 werd hij bevorderd tot schout-bij-nacht en werd hem het commando van het marine-etablissement Willemsoord opgedragen. In 1869 werd hij vice-admiraal en het jaar daarop werd hij benoemd tot commandant van de zeemacht in Oost-Indië.
Onder zijn commando begonnen de schermutselingen tegen zeeroverijen aan de noordkust van Sumatra, die in 1874 zouden uitlopen op de Atjeh-oorlog. Hij zelf keerde echter reeds terug naar Nederland, toen de eerste aanvallen op de kust van Atjeh plaatsvonden. Op 25 april 1874 werd hij op zijn verzoek uit de dienst ontslagen en gepensioneerd. Op 26 maart 1888 overleed hij in Den Haag.
3. Christian Eliza Uhlenbeck (1840-1897) en zijn nakomelingen
(
Een levensbericht van Christian Eliza Uhlenbeck bevindt zich in het Marineblad nr. 9, 1 maart 1897, inventarisnummer 85. Een dienststaat bevindt zich in het stamboek van marine-officieren na 1850, nr. 208 en in inventarisnummer 87.
Christian Eliza, de enige in leven gebleven zoon van Olke Arnoldus Uhlenbeck en zijn eerste vrouw Marie Jeanne Arnoldine Lette, werd op 7 mei 1840 in Voorburg geboren. Hij volgde het voetspoor van zijn vader en werd op 14-jarige leeftijd adelborst aan de Koninklijke Militaire Akademie in Breda. In 1857 begon zijn loopbaan als zee-officier op het schip de "Admiraal van Wassenaar", en van 1859 tot 1861 was hij betrokken bij patrouilles in Nederlandsch-Indië. Bij enkele gelegenheden voerde hij het commando over de schoenerbrik "Makassar" voor de kust van Borneo. Van 1864 tot 1865 voer hij onder bevel van zijn vader Olke Arnoldus op het fregat met stoomvermogen "Adolf Hertog van Nassau". Sedertdien bleef hij voornamelijk betrokken bij de opleiding van marine-officieren in het moederland en bij beproeving van nieuwe vindingen op technisch gebied. In 1875 vertrok hij weer naar Nederlandsch-Indië, waar hij werd gestationeerd voor de noordkust van Atjeh om het bevel te voeren over de bevoorrading van manschappen, die daar een bruggenhoofd hadden gevormd. Zelf had Uhlenbeck het commando over een landingsdivisie, die in 1877 de vorstendommen Samelangan en Merdu pacificeerde. In 1878 keerde hij om gezondheidsredenen naar Nederland terug.
In 1880 bevorderd tot kapitein-luitenant, kreeg hij het bevel over het wachtschip "Hellevoetsluis". In 1882 had hij de leiding over de opleiding van bootsmansleerlingen aldaar. Deze activiteit werd onderbroken, toen hij in 1884 tot chef van de eerste afdeling van Marine in Batavia werd benoemd. In 1887 zette hij in Nederland zijn activiteiten in de onderwijssfeer voort, omdat hij tot commandant van het Koninklijk Instituut voor de Marine en directeur van het Onderwijs werd benoemd. Dit bleef hij tot zijn bevordering tot schout-bij-nacht in 1892: hem werd toen het commando van de marine in Willemsoord en van de stelling Den Helder opgedragen.
Op 16 september 1896 vroeg Uhlenbeck om gezondheidsredenen ontslag en pensioen aan. Op 7 januari 1897 overleed hij in Zandvoort.
Christian Eliza was op 19 mei 1871 gehuwd met Anna Christina ten Bosch. Uit dit huwelijk kwamen drie zoons voort, waarvan de oudste, Olke Arnoldus, op 9 maart 1872 in Tiel geboren werd. Hij was voorbestemd om de voetsporen van zijn vader te volgen, maar werd als adelborst afgewezen. Nu volgde hij de opleiding Indisch Ambtenaar in Delft en begon vanaf 1896 een burgerlijke loopbaan bij de Algemene Secretarie in Batavia (
Voor een staat van dienst als indisch ambtenaar, bijgehouden vanwege zijn pensionering, zie inventarisnummer 133.
Na tijdelijk aan de departementen van Oorlog en Eredienst verbonden te zijn geweest, werd hij in 1910 definitief secretaris van de Raad van Indië. In 1919 werd hij lid van de Algemene Rekenkamer van Nederlandsch-Indië. In 1923 nam hij ontslag uit 's lands dienst en keerde naar Den Haag terug, alwaar hij werd gepensioneerd. Op 2 februari 1929 overleed hij.
Zijn beide broers Johannes Diederik Uhlenbeck (1875-1939) en Anne Christiaan Anton Uhlenbeck (1883-1927) hadden administratieve functies in Indische ondernemingen. Johannes Diederik was administrateur van de onderneming Kwala Namoe van de Medan Tabak Maatschappij, Anne Christiaan Anton van de ondernemingen Penandjoeng en Mandalaneh onder Soerabaja.
Olke Arnoldus Uhlenbeck was gehuwd met Maria Berbera Visser (geboren 1874), die hem één zoon schonk, Christiaan Eliza Olke. Deze werd op 2 september 1904 in Buitenzorg geboren en begon, na een marine-opleiding vrijwillig te hebben afgebroken, zijn loopbaan als surnumerair bij de belastingen in Rotterdam. In 1935 was hij firmant van de commissionairsfirma Schuller & Co., die in 1949 opging in de Rotterdamsche Bank N.V.
4. Het geslacht Guyot
Op 24 mei 1871 huwde Antoinette Uhlenbeck, een dochter van Olke Arnoldus Uhlenbeck (1810-1888) en Marie Jeanne Arnoldine Lette (1813-1852), Henri Daniel Guyot (1836-1912), die als marine-officier bevriend raakte met Olke Arnoldus en zijn zwager Christian Eliza Uhlenbeck. Hij was de zoon van Paul Charles Guillaume Guyot (1800-1861)(
Voor een beschrijving van het geslacht Guyot, zie Nederlands Patriciaat, jaargang 2, 1911, pag. 172-175.
Paul Charles Guillaume Guyot, die op zijn beurt de zoon was van de oprichter van het doofstommeninstituut in Groningen, Henri Daniel Guyot (1753-1828) (
Een biografie van Henri Daniel Guyot bevindt zich in P.C. Molhuysen e.a., Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel I, kolom 1008. Een biografie van Paul Charles Guillaume Guyot bevindt zich in o.c., kolom 1009. Een staat van dienst bevindt zich in het stamboek van officieren na 1813, inventarisnummer 301, fo. 149.
Na het aftreden van goeverneur-generaal Van den Bosch keerde Guyot eveneens naar Nederland terug, waar hij zich na twee jaar non-activiteit uit de militaire dienst terugtrok en zich in Nijmegen vestigde.
Daar maakte hij naam als historicus en bekleedde hij diverse functies. In 1846 werd hij tot lid van de Provinciale Staten van Gelderland gekozen, maar in 1851 verhuisde hij naar Den Haag, waar hij in 1857 lid van de gemeenteraad en in 1858 wethouder werd. Zijn plotselinge dood in 1861 maakte een eind aan zijn politieke loopbaan.
Henri Daniel Guyot werd op 7 mei 1836 in Nijmegen geboren. Hij begon zijn marineloopbaan als kadet in de Koninklijke Militaire Akademie in Breda in 1850 en werd in 1887 gepensioneerd als schout-bij-nacht titulair(
Een dienststaat van Henri Daniel Guyot bevindt zich in het stamboek van marine-officieren na 1850, nummer 159.
Guyot was van 1889 tot 1897 lid van de Tweede Kamer als afgevaardigde van het eerste kiesdistrict in Den Haag, waar hij op 6 mei 1912 overleed.
Stamboom van het geslacht Guyot:
Stamboom van het geslacht Uhlenbeck:
Geschiedenis van het archiefbeheer
Inhoud en structuur van het archief
Aanwijzingen voor de gebruiker
Openbaarheidsbeperkingen
Beperkingen aan het gebruik
Materiële beperkingen
Aanvraaginstructie
Citeerinstructie
Verwant materiaal
Beschrijving van de series en archiefbestanddelen
Fotokopieën van stukken, berustend in het archief van de Nederlandse Genealogische Vereniging in Naarden.



Reacties