gahetNA in het Nationaal Archief

Cie. Opsporing Oorlogsmisdadigers - Zoeken: oorlogsmisdadigers

4331 Resultaten gevonden, klik op het tabblad om de resultaten te tonen.

2.09.61
Centrale Archief Selectiedienst, J.H. Kompagnie
Nationaal Archief, Den Haag
2002
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.09.61
Auteur: Centrale Archief Selectiedienst, J.H. Kompagnie
Nationaal Archief, Den Haag
2002
CC0

Periode:

1942-1949
merendeel (1944) 1942-1949(1984)

Omvang:

82,80 meter; 4484 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands, in het Engels en in het Duits.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften. Het archief bevat enkele foto's.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

De archieven van de Commissies tot Opsporing van Oorlogsmisdadigers (COOM) bevatten onder ander lijsten van oorlogsmisdadigers, verdachten en ooggetuigen, lijsten en vonnissen tegen Japanse oorlogsmisdadigers gewezen in Nederlands-Indië, correspondentie voornamelijk gevoerd met subcommissies bevattende informatie over van oorlogsmisdadigers verdachte personen, zonder dat er van actieve opsporing sprake is, dossiers inzake opsporing en aanhouding van oorlogsmisdadigers, documentatie betreffende diverse personen, voornamelijk bestaande uit kopieën van artikelen uit de 'Deutsche Zeitung in der Nierderlanden', stukken van de verschillende sub-commissies en dossiers inzake de opsporing en uitlevering van oorlogsmisdadigers.

Archiefvormers:

  • Bureau Opsporing Oorlogsmisdrijven (BOOM) 1945
  • Nederlandse Commissie inzake Oorlogsmisdrijven (NCO) in Engeland 1944-1946
  • Nederlandse Missie Opsporing Oorlogsmisdrijven in Duitsland (NMOO) oftewel de Netherlands War Crimes Commission (NWCC) 1945-1949
  • Nederlandse Vertegenwoordiger bij de United Nations War Crimes Commission 1942-1946
  • Verbindingsofficier van de Nederlandse Commissie inzake Opsporing van Oorlogsmisdadigers bij de Central Registry of War Criminals and Security Suspects (CROWCASS) in Parijs, later Berlijn 1945-1946

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Inhoud

Grote delen van de in deze inventaris beschreven archieven bestonden uit series, zoals persoonsdossiers, numerieke dossiers, correspondentie geordend op rubriek of agendanummer e.d. Deze bestanden zijn in de inventaris op serieniveau toegankelijk gemaakt, waarbij een verwijzing is gemaakt naar de eigentijdse toegangen (klappers, agenda's e.d.).

In een aantal gevallen zijn stukken of dossiers niet toegankelijk via een eigentijdse toegang. Dit wordt bij het betreffende inventarisnummer vermeld door middel van een N.B. Via dit N.B. wordt vervolgens naar een bijlage bij de inventaris als nadere toegang verwezen.

Aanwijzingen voor de gebruikers
Inleiding

Tot 2020 zijn aan de openbaarheid van de archieven van de opsporingsorganen beperkingen gesteld. Daarom is deze werkinstructie in eerste instantie bedoeld voor de studiezaalbeambte, de baliemedewerker en de depotmedewerker van het Algemeen Rijksarchief.

In de praktijk zullen bezoekers op de studiezaal hoofdzakelijk om inzage verzoeken in persoonsdossiers (hebt u het/de dossier (s) van Jansen?). Het verzoek moet worden beoordeeld en na verleende toestemming moeten de dossiers worden opgezocht in het archief.

Aangezien de archieven tamelijk ingewikkeld in elkaar zitten en zowel het behandelen van de aanvraagprocedures als het opzoeken van de dossiers een complexe zaak is, is door de Centrale Archief Selectiedienst als steun voor de ARA-medewerker deze instructie samengesteld. Na het volledig openbaar worden van de archieven in 2025, kan deze Wegwijzer als hulpmiddel worden gebruikt door de bezoeker op de studiezaal.

Deze instructie zal bestaan uit een nadere toelichting over:

  • De verschillende invalshoeken van onderzoek
  • De structuur van de inventaris
  • Algemene informatie over de relatie tussen de toegangen op de bestanden en de bestanden
  • De praktijk van het zoeken van dossiers, waarbij wordt ingegaan op de systematiek rondom de alfabetische indeling op naam en problemen bij het zoeken
  • De beperkende bepalingen op het archief
De verschillende invalshoeken van onderzoek

Er zijn twee invalshoeken van onderzoek en dus twee categorieën onderzoekers te onderscheiden die archieven van de opsporingsorganen willen raadplegen.

  • Onderzoek vanuit particulier belang
  • Historisch onderzoek
Onderzoek vanuit particulier belang

Deze categorie onderzoekers is niet te vergelijken met een genealogisch geïnteresseerde studiezaalbezoeker. Het betreft vaak mensen, die met een bepaalde mate van emotionele geladenheid de dossiers komen inzien. Indien de naam van een dader, getuige of slachtoffer bekend is is onderzoek in de archieven mogelijk.

Het historisch onderzoek

Deze categorie onderzoekers betreft de historicus, de journalist en ook wel de amateur historicus die bezig is met een gedenkboek over de bezetting en bevrijding van zijn woonplaats. Deze personen zijn over het algemeen op zoek naar gegevens over meerdere personen. Bij publicaties zullen ongetwijfeld een aantal namen uit persoonsdossiers een rol spelen. Het is bij deze categorie daarom van belang dat het schriftelijke verzoek om inzage nauwkeurig wordt behandeld en dat goed wordt toegezien op naleving van de gestelde beperkingen aan de openbaarheid en de voorwaarde dat de publicaties vooraf worden gecontroleerd. Met name geldt dit voor de categorie "historici" waarvan het vermoeden bestaat dat zij de resultaten van hun onderzoek willen gebruiken voor politieke doeleinden. Let ook hier op het risico van diefstal van foto's, dagboeken, enz..

De structuur van de inventaris

De inventaris bevat de bestanden van de Nederlandse vertegenwoordiger in de United Nations War Crimes Commission (UNWCC), de Nederlandse Commissie inzake Oorlogsmisdrijven (NCO) in Engeland en de uitvoerende organen van de Nederlandse Commissie inzake Oorlogsmisdrijven in Nederland, het Bureau Opsporing Oorlogsmisdrijven (BOOM) en de opsporingsorganen werkzaam in Duitsland. Tot slot zijn er archiefdelen opgenomen van de Verbindingsofficier van de NCO bij Nederlandse vertegenwoordiger bij de Central Registry of War Criminals and Security Suspects (Crowcass).

De archieven bestaan hoofdzakelijk uit persoons- of zaakdossiers, registers en kaartenbestanden.

Voor een uitgebreidere toelichting op de taken van de verschillende opsporingsorganen wordt verwezen naar het hoofdstuk geschiedenis van de archiefvormende organen.

Enige bijzonderheden:

  • Eigentijdse toegangen, voor zover aangetroffen, zijn aan het begin van de hoofdrubrieken als afzonderlijke subrubriek opgenomen.
  • De inventaris geeft een opsomming van de aanwezige dossiernummers. Impliciet is hiermee aangegeven welke dossiernummers ontbreken.
  • Bij een aantal inventarisnummers staan N.B.'s. Deze vermelden bijzonderheden zoals: nadere gegevens over de dossiers, de wijze waarop de nadere toegankelijkheid van de betreffende inventarisnummers is geregeld, de wijze van ordening en de verwijzing naar andere inventarisnummers of naar specificaties in de bijlagen.
Algemene informatie over de relatie tussen de toegangen op de bestanden en de bestanden zelf
Uitgangspunt voor het zoeken van dossiers

Aangezien op de archieven, inclusief de inventaris tot 2020 beperkende bepalingen rusten, zal voorlopig het meeste zoekwerk moeten worden verricht door de medewerkers van het ARA.

Bij historisch onderzoek zal meestal in eerste instantie kunnen worden volstaan met het verstrekken van de inventaris, nadat de aanvraagprocedure is doorlopen. Naar aanleiding hiervan zullen in de meeste gevallen naamsdossiers worden aangevraagd.

Bij persoonlijk onderzoek wordt meestal gevraagd naar informatie over een bepaalde persoon/ bepaald bedrijf en naar de daarop betrekking hebbende dossier(s). Het zoeken naar naamsdossiers wordt als uitgangspunt genomen.

Onderzoek waarbij namen bekend zijn

Voor het doen van onderzoek in het archief waarbij de namen van daders, getuigen of slachtoffers bekend zijn, zijn er twee belangrijke bestanden waarin gezocht kan worden:

  • het archief van het Bureau Opsporing Oorlogsmisdrijven (BOOM);
  • het archief van Nederlandse Missie Opsporing Oorlogsmisdrijven in Duitsland oftewel de Netherlands War Crimes Commission in Duitsland.

Ad 1:

Indien de naam van een dader, getuige of slachtoffer bekend is kan gekeken worden of de gezochte naam voorkomt in de klapper op de opsporingsdossiers (inv.nrs. 293-331). Dit kaartsysteem verwijst naar de op agendanummer geordende correspondentie inv.nrs. 373-960 en 961-1001) en naar de PD-serie, inv.nrs. 1002-2825.

De meeste kaartjes bevatten namen. Op de kaartjes staat soms een d (dader), g (getuige) of s (slachtoffer).

De op agendanummer geordende correspondentie bestaat uit twee series, n.l.:

Inv.nrs. 373-960: per agendanummer een afzonderlijke map

Inv.nrs. 961-1001: verzameling agendanummers in één pak, oorspronkelijk geborgen geweest in ordners.

Bovenstaande dossiers bevatten informatie over van oorlogsmisdaden verdachte personen, zonder dat van een actieve opsporing sprake is. In de beide series zitten hiaten, doordat de meeste stukken nadat tot actieve opsporing was overgegaan, toegevoegd zijn aan de zgn. Persoonsdossiers (PD's). Deze zijn opgenomen onder de inv.nrs. 1002-2825. De PD's zelf zijn genummerd 20-668, met enkele hiaten daarin. Bovendien zijn veel nummers onderverdeeld met behulp van Romeinse cijfers.

Ook zijn een aantal agendanummers opgenomen in afzonderlijke bestanden. Het betreffen de dossiers die gaan over de opsporing van oorlogsmisdrijven begaan in Kamp Amersfoort (Verzamel PD 151; inv.nrs. 3586-3587) en Kamp Vught (verzamel PD 135; inv.nrs. 3592-3645).

Bij een verwijzing naar een agendanummer is de werkwijze als volgt:

  • Kijk in de serie correspondentie geordend op agendanummer (inv.nrs. 961-1001) of het gezochte agendanummer hier is opgenomen. Per inventarisnummer is een opsomming opgenomen van de aanwezige agendanummers. Impliciet is hiermee aangegeven welke agendanummers ontbreken.
  • Als het agendanummer aanwezig is kan vervolgens het bijbehorende inventaris-nummer opgevraagd worden.
  • Als het gezochte agendanummer niet is aangetroffen in de onder 1 genoemde serie correspondentie dient gekeken te worden of het gezochte agendanummer separaat geborgen is. De separate serie is opgenomen onder de inv.nrs. 373-960. Bij het vinden van het gezochte agendanummer kan het bijbehorende inventarisnummer opgevraagd worden.
  • Als het gezochte agendanummer niet is aangetroffen in de onder 1 en 2 genoemde series kan nog gekeken worden of de agendanummers zijn opgenomen in een serie die om verschillende redenen uit de oorspronkelijke serie is gelicht. De agendanummers kunnen nu o.a. deel uitmaken van dossiers die gaan over het opsporen van oorlogsmisdaden begaan in verschillende kampen.

Bij een verwijzing naar een PD-nummer is de werkwijze als volgt:

Kijk in de serie PD's (inv.nrs. 1002-2825) of het gezochte PD-nummer hier is opgenomen.

Als het PD-nummer aanwezig kan vervolgens het bijbehorende inventarisnummer opgevraagd worden. Een aantal stukken zijn opgenomen in zgn. verzamel PD's. Het betreft PD 135 (Kamp Vught) en PD 151 (Kamp Amersfoort).

Ad 2:

Indien de naam van een dader bekend is kan gekeken worden of de gezochte naam voorkomt in de klapper (inv.nrs. 3895-3907). De cartotheekkaartjes bevatten naast informatie omtrent de dader verwijzingen naar diverse in deze inventaris opgenomen bestanden, nl:

de zgn. researchdossiers (inv.nrs. 4026-4127);

dossiers inzake concentratiekampen, rubriek AB, (inv.nrs. 3921-3949);

dossiers inzake war crimes algemeen, rubriek H, (inv.nrs. 3992-4003);

detention reports, rubriek Q, (inv.nrs. 4013-4014).

Sommige cartotheekkaartjes bevatten bovendien verwijzingen naar het zgn. chargenummer. De charges zelf zijn opgenomen in het archief onder rubriek 1.2.5 (inv.nrs. 208-215).

Hieronder treft u een overzicht aan van de in de inventaris opgenomen series waarin onderzoek gedaan kan worden naar daders, getuigen of slachtoffers. De daarbij behorende eigentijdse toegangen zijn cursief vermeld. Bovendien is een verwijzing gemaakt naar de inventarisnummers.

Uit archief van de Nederlandse vertegenwoordiger bij de UNWCC en van de NCO te Engeland

Tabel met zoekresultaten in archieven
BeschrijvingInv.nr(s).Toegang(en)Inv.nr(s).
Getuigen Opbergdossiers (G.O.D.); Verzamelde informatie (van getuigen) omtrent gedurende de oorlogsjaren in Nederland gepleegde oorlogsmisdrijven, nrs. 32-207.86Accused-kaarten, witnesses-kaarten, daderskaarten, getuigenkaarten en verdachtenkaarten12-15 en 20-22
Opbergdossiers (O.D.); binnenkomende stukken betrekking hebbende op oorlogsmisdrijven, behalve correspondentie en documenten afkomstig van de UNWCC (verzamelde informatie omtrent gedurende de oorlogsjaren in Nederland gepleegde oorlogs-misdrijven).87-91 en 92-97Accused-kaarten, witnesses-kaarten, daderskaarten, getuigenkaarten en verdachtenkaarten12-15 en 20-22
Lijsten van de UNWCC van oorlogsmisdadigers, verdachten en ooggetuigen99-156Alfabetische lijsten157-160
Vonnissen tegen Japanse oorlogsmisdadigers gewezen in Nederlands-Indië.162-170 en 172Lijst van ontvangen vonnissen161 en 171
"Charges" tegen oorlogsmisdadigers, bij de UNWCC door de NWCC ingediend208-215"Charges" tegen oorlogsmisdadigers, bij de UNWCC door verschillende afdelingen ingediend216-231
Lijsten met namen van gezochte oorlogsmisdadigers (wanted lists), samengesteld door "The Central Registry of War Criminals and Security Suspects" (Crowcass).232-246
Lijsten met namen van gevangen genomen oorlogsmisdadigers (detention lists), samengesteld door "The Central Registry of War Criminals and Security Suspects" (Crowcass)247-269

Uit archief van NCO-Nederland (BOOM Amsterdam):

Tabel met zoekresultaten in archieven
BeschrijvingInv.nr(s).Toegang(en)Inv.nr(s).
Rapporten van de United Nations War Crimes Commission aan BOOM betreffende aanklachten tegen personen336-372Klapper290
Correspondentie voornamelijk gevoerd met de subcommissies bevattende informatie over van oorlogsmisdaden verdachte personen, zonder dat van actieve opsporing sprake is373-960Klapper293-331
Correspondentie voornamelijk gevoerd met de subcommissies bevattende informatie over van oorlogsmisdaden verdachte personen, zonder dat van actieve opsporing sprake is961-1001Klapper293-331
Dossiers inzake de opsporing en aanhouding van oorlogsmisdadigers (de zgn. PD's waarbij sprake is van actieve opsporing)1002-2825Klapper293-331
Documentatie betreffende diverse personen, voornamelijk bestaand uit kopieën van artikelen uit de 'Deutsche Zeitung in der Niederlanden'2828-3583Klappers288 en 290
Opsporing oorlogsmisdaden begaan in Kamp Amersfoort3584-3591Klapper293-331
Opsporing oorlogsmisdaden begaan in Kamp Vught3592-3645Klapper293-331

Uit archief van NCO-Nederland (BOOM, Sub-commissies):

Tabel met zoekresultaten in archieven
BeschrijvingInv.nr(s).Toegang(en)Inv.nr(s).
Sub-commissie Zwolle: Dossiers afkomstig van de Politieke Recherche Afdeling te Enschede inzake de opsporing van oorlogsmisdadigers3647-3661Bijlage 1, pag.139--
Sub-commissie Utrecht: Diverse processen-verbaal inzake gepleegde misdrijven3663-3678----
Sub-commissie Haarlem: Stukken betreffende het onderzoek naar de door de Duitsers in de oorlog genomen repressaillemaatregelen in Noord-Holland3679-3712----
Sub-commissie Maastricht: Stukken betreffende onderzoeken naar de door de Duitsers in de oorlog in Limburg gepleegde misdrijven3720-3867----

Uit archief van Nederlandsche Missie Opsporing Oorlogsmisdrijven (NMOO)/NWCC in Duitsland (Hoofdverbindingsofficier van de Netherlands War Crimes Commission in Duitsland (Britse zone) ):

Tabel met zoekresultaten in archieven
BeschrijvingInv.nr(s).Toegang(en)Inv.nr(s).
Dossiers inzake concentratiekampen3921-3949Klapper3895-3907
Dossiers inzake traitors3954-3976Klapper3889
Dossiers inzake War Crimes algemeen3992-4003Klapper3895-3907
Detention Reports4013-4014Klapper3895-3907
Dossiers inzake de opsporing en uitlevering van oorlogsmisdadigers (de zgn. research-dossiers)4026-4127Klapper3895-3907
Dossiers met gegevens inzake Nederlandse gevangenen in kampen voor politieke gevangenen4133-4138----

Uit archief van Nederlandsche Missie Opsporing Oorlogsmisdrijven (NMOO)/NWCC in Duitsland (Netherlands War Crimes Liaison Detachment U.S. Army):

Tabel met zoekresultaten in archieven
BeschrijvingInv.nr(s).Toegang(en)Inv.nr(s).
Stukken betreffende de opsporing, aanhouding en overbrenging van in de Amerikaanse zone verblijvende Nederlandse SS'ers en Security Suspects4161-4163Klapper4150-4153
Stukken betreffende de opsporing, aanhouding en uitlevering van oorlogsmisdadigers, alsmede het verrichten van onderzoek en het verstrekken van inlichtingen inzake gepleegde strafbare feiten4164-4168Klapper4150-4153
Stukken betreffende het verstrekken van informatie omtrent in de Amerikaanse zone verblijvende Nederlanders waarvan is geconstateerd dat Nederland geen belang heeft bij de opsporing, aanhouding en overbrenging4169-4170Klapper3895-3907
Detention Reports4013-4014Klapper3895-3907
Dossiers inzake de opsporing en uitlevering van oorlogsmisdadigers (de zgn. research-dossiers)4026-4127Klapper3895-3907
Dossiers met gegevens inzake Nederlandse gevangenen in kampen voor politieke gevangen4133-4138----

Uit archief van Nederlandsche Missie Opsporing Oorlogsmisdrijven (NMOO)/NWCC in Duitsland (Investigation Teams):

Tabel met zoekresultaten in archieven
BeschrijvingInv.nr(s).Toegang(en)Inv.nr(s).
Stukken betreffende de opsporing, aanhouding en uitlevering van oorlogsmisdadigers, alsmede het verrichten van onderzoek en het verstrekken van inlichtingen inzake gepleegde strafbare feiten (personendossiers)4182-4450Klapper; Bijlage 2, pag. 1404181
Onderzoek waarbij de naam niet bekend is

Zonder dat de naam bekend is kan toch onderzoek in het archief gedaan worden.

Hierbij doen zich twee mogelijkheden voor.

  • Het type misdaad is bekend
  • De plaats van het misdrijf is bekend

Ad 1.

Indien u gegevens zoekt waarvan noch de daders, noch de getuigen bekend zijn en welke alleen aangegeven kunnen worden door het type misdaad zijn kwalificatiekaarten nodig (inv.nrs. 17-19). Het systeem is niet strik juridisch, maar heeft het voordeel dat leken er mee kunnen werken.

Iedere kwalificatie wordt aangeduid door een Romeins nummer:

  1. Moord
  2. Mishandeling
  3. Marteling
  4. Arrestatie (van enkelingen)
  5. Tewerkstellingen (zgn. vrijwillige)
  6. Razzia's
  7. Organization Todt (Nederland)
  8. Deportatie voor gedwongen werk
  9. Voedselroof
  10. Bedrijfsmiddelenroof
  11. Schepenroof
  12. Grondstoffen en verwerkte materialenroof
  13. Gebruiksmiddelenroof
  14. Vernieling van huizen
  15. Vernieling van bedrijfsmiddelen
  16. Maatregelen tot uithongering
  17. Standgerechten
  18. Concentratiekampen (gevangenissen)
  19. Internering
  20. Prisoners of War
  21. Inundaties
  22. Wetsverkrachting
  23. Geneeskundige proefnemingen
  24. Evacuaties
  25. Diefstal van Nederlandse kunstschatten
  26. Verkrachting
  27. Gestapo en Sicherheitsdienst

Zo komt dus bijv. diefstal van meel onder "Voedselroof" en derhalve onder nummer IX; het in brand steken of vernielen van een of meerdere huizen onder "Vernieling van huizen" en derhalve onder XIV, enz.

Tevens is iedere kwalificatie geografisch onderverdeeld, aangevende het gebied waar het misdrijf is gepleegd. De geografische lijst is als volgt samengesteld:

  • Nederland Ne.
  • Noord-Holland A.
  • Zuid-Holland B.
  • Utrecht C.
  • Zeeland D.
  • Noord-Brabant E.
  • Gelderland F.
  • Overijssel G.
  • Drenthe H.
  • Groningen I.
  • Friesland J.
  • Limburg K.
  • Duitsland Du.
  • Oostenrijk Oo.
  • Denemarken De.
  • België Be.
  • Frankrijk Fr.
  • Italië It.
  • Noorwegen No.
  • Polen Po.

Elk binnenkomend stuk betrekking hebbende op één of meer oorlogsmisdrijven, werd eerst genummerd met rood in de rechter bovenhoek (zo wordt het 23e binnenkomende stuk nummer 23, het 600e nr. 600 enz.) en werd daarna nagezocht op welk van de de verschillende misdrijven het betrekking had.

Hiertoe plaatste de persoon, belast met het behandelen van deze binnenkomende stukken op het document bij het gepleegde feit het kwalificatienummer en de geografische letter (bijv. X/A/). Dit is dus bedrijfsmiddelenroof in Noord-Holland; II/K/ is een mishandeling in Limburg; enz.

Vervolgens ging het zo bewerkte stuk naar degene, belast met het bijhouden van het kaartsysteem. Deze persoon onderzocht in de eerste plaats in het kwalificatiesysteem en waar het namen van daders betreft, in de verdachten (en dader)-kaartenbak, of er reeds een kaart van het aan hem voorgelegde feit bestond. Indien:

  • Noch een kwalificatiekaart, noch een verdachte (dader)kaart aanwezig was, moest hij een nieuwe kwalificatiekaart maken en, indien namen van verdachten en/of getuigen in het stuk voorkwamen, tevens een nieuwe verdachten- en/of getuigenkaart.
  • De nieuwe kwalificatiekaart kreeg hetzelfde OD-nummer (nummer van het stuk in het Opberg Dossier), hetzelfde kwalificatienummer en dezelfde geografische letter als in het stuk voorkwam en bovendien een volgnummer, welk nummer tevens achter de geografische letter in het document moest worden toegevoegd. Zo wordt het voorbeeld van hierboven X/A bijv. X/A/27, d.w.z. de 27e bedrijfsmiddelenroof in Noord-Holland en II/K wordt bijvoorbeeld II/K/3, de 3e mishandeling in Limburg. Gemakshalve werden de nummers X/A/27 en II/K/3 Q-nummers genoemd. (de Q staat voor qualificatiekaart-nummer)
  • Ook de eventuele verdachten- en getuigenkaarten werden voorzien van Q en OD nummers
  • Reeds een kwalificatiekaart betreffende hetzelfde misdrijf aanwezig was behoefde hij slechts het OD-nummer op deze kwalificatiekaart in te vullen, welk nummer hij eveneens invulde op de verdachtenkaart en/of getuigenkaart indien deze ook reeds voorkwam.
  • De naam van de verdachte (dader) reeds voorkwam, doch met betrekking tot een ander type misdrijf dan het in het document genoemde, en de zekerheid bestond dat het dezelfde persoon betrof, behoefde geen nieuwe (aparte) verdachtenkaart te worden vervaardigd, doch moest slechts het nieuwe Q- en OD-nummer op de reeds aanwezige verdachtenkaart te worden toegevoegd. Wel moest een nieuw kwalificatiekaart worden vervaardigd.
  • Er in het stuk slechts een naam voorkwam, zonder dat er sprake was van enig oorlogsmisdrijf, was het onmogelijk een qualificatiekaart te vervaardigen. Opdat dergelijke namen later eventueel teruggezocht konden worden, werd derhalve alleen een verdachtenkaart gemaakt waarop slechts het OD-nummer werd ingevuld.

Resumerend: Van elk van de in de documenten voorkomende misdrijven bestaat tenslotte dus een kwalificatiekaart en al naar gelang er in die documenten namen van verdachten en getuigen voorkomen, verdachten- en getuigenkaarten.

De bewerkte documenten werden opgeborgen in de opbergdossiers (zie inv.nrs. 87-91).

De getuigen-, verdachten- en daderskaarten werden alfabetisch in de betreffende kaartenregisters geplaatst (inv.nrs. 17-19).

De kwalificatiekaarten werden op (kwalificatie)nummer opgeborgen.

Ad 2.

Indien de plaats van het misdrijf bekend is (bijv. de naam van een concentratiekamp) kan gezocht worden in een klapper waarbij de cartotheekkaartjes primair geordend zijn op plaats van misdrijf (inv.nrs. 3890-3894). De cartotheekkaartjes bevatten verwijzingen naar diverse in deze inventaris opgenomen bestanden, nl:

de zgn. researchdossiers (inv.nrs. 4026-4127);

dossiers inzake concentratiekampen, rubriek AB, (inv.nrs. 3921-3949);

dossiers inzake War Crimes algemeen, rubriek H, (inv.nrs. 3992-4003);

Bij een verwijzing op het cartotheekkaartje is de werkwijze als volgt:

Bepaal op welke serie de verwijzing betrekking heeft. Hierbij doen zich de volgende mogelijkheden voor:

  • Als het aangetroffen nummer een dossiernummer is zonder enige letteraanduiding betreft het een zgn. researchdossier. Kijk in de serie researchdossiers (inv.nrs. 4026-4127) of het gezochte nummer hier is opgenomen. Per inventarisnummer is een opsomming opgenomen van de aanwezige dossiernummers. Impliciet is hiermee aangegeven welke dossiernummers ontbreken.
  • Als het dossiernummer aanwezig is kan vervolgens het bijbehorende inventarisnummer opgevraagd worden.
  • Als de aangetroffen verwijzing een letteraanduiding is beginnend met AB/ betreft het een document dat is opgeborgen in de dossiers inzake concentratiekampen (inv.nrs. 3921-3949). Per inventarisnummer is een letteraanduiding opgenomen.
  • Als de letteraanduiding aanwezig is kan vervolgens het bijbehorende inventarisnummer opgevraagd worden.
  • Als de aangetroffen verwijzing een combinatie is van een letteraanduiding met nummer betreft het een document opgeborgen bij de in de rubriek "Correspondentie geordend volgens het rubriekenstelsel" (rubriek 2.2.1.3). In alfabetische volgorde zijn hier de verschillende rubrieken met letteraanduiding opgenomen. Als de rubriek aanwezig is kunnen vervolgens de bijbehorende inventarisnummers opgevraagd worden.

Opgemerkt moet worden dat op één kaartje meerdere verwijzingen kunnen voorkomen.

In een aantal gevallen zijn stukken of dossiers niet toegankelijk via een kaartsysteem. Dit wordt bij het betreffende inventarisnummer vermeld door middel van een N.B. Via deze N.B. wordt vervolgens naar een bijlage bij de inventaris als nadere toegang verwezen. Als een naam niet voorkomt in één van de kaartsystemen, wil dat dus niet zonder meer zeggen dat een dossier van een bepaalde persoon niet aanwezig is. In dit geval moet met de voorhanden zijnde gegevens de inventaris worden geraadpleegd.

Nadat het corresponderende inventarisnummer is gevonden kan de doos waarin het inventarisnummer zich bevindt worden gehaald. Het archief staat in het depot op numerieke volgorde van de inventarisnummers. Vaak komt het voor dat er zich onder één inventarisnummer meerdere dossiers bevinden. Bij terbeschikkingstelling van het inventarisnummer moet hiermee rekening worden gehouden.

Selectie en vernietiging

Verantwoording van de bewerking

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in