gahetNA in het Nationaal Archief

Militair Gezag - Zoeken: militair

5312 Resultaten gevonden, klik op het tabblad om de resultaten te tonen.

2.13.25
Centrale Archief Selectiedienst
Nationaal Archief, Den Haag
1998
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.13.25
Auteur: Centrale Archief Selectiedienst
Nationaal Archief, Den Haag
1998
CC0

Periode:

1939-1956
merendeel 1943-1947

Omvang:

208,50 meter; 4595 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands

Soort archiefmateriaal:

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief van het Militair Gezag omvat een breed scala aan onderwerpen afhankelijk van de taakopdracht en plaats binnen het MG. Zo zijn er stukken afkomstig van het bestuur van het Militair Gezag: het Bureau in Londen; de Chef Staf; het Stafbureau (souchefs); Secretariaat, Algemene- en Personeelszaken; en stukken afkomstig van de bureaus van P.J. Six en E.B.W. Schuitema. Deze stukken zijn over het algemeen niet naar onderwerp ingedeeld. Daarnaast zijn er archiefstukken afkomstig van de 15 secties die onder het Militair Gezag ressorteerden: Binnenlandse Zaken; Juridische Zaken; Politie; Brandweer en Luchtbescherming; Financiën; Economische Zaken; Transport; Volksgezondheid; Openbare Werken; Arbeidszaken; Voorlichting; PTT; Sociaal Werk voor Oorlogsgetroffenen; Onderwijs; en Oost- en West-Indische Zaken.
Naast stukken van algemene aard, die voor iedere sectie min of meer gelijk zijn - organisatie, personeel, rapporten en verslagen - verzamelde iedere sectie stukken die samenhingen met de speciale taken van die sectie. Zo gingen de secties van Binnenlandse- en Juridische Zaken over de zuiveringen en de sectie Economische Zaken bijvoorbeeld over fabricage van goederen voor burgerdoeleinden. Daarnaast zijn er archiefbescheiden van het Commissariaat Noodvoorziening B.2 (CNV B.2) en het Commissariaat Noodvoorziening voor de Geteisterde Gebieden (CNVGG); het Korpscommando Militair Gezag - waaronder stukken van de Queen's Messengers en het Vrouwen Hulpkorps - het bureau Betaalmeester; het Centraal Bureau voor Drukwerken; Intendance Militair Gezag; Korps Grensbewaking; Bureau voor Evacuerings-, Repatriërings- en Verzorging Oorlogsslachtofferszaken; Militair Commissaris A.H. Stok; Bureau Geschiedschrijving en bureau Afwikkeling.

Archiefvormers:

  • Militair Gezag (1939) 1943-1947 (1956)

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Algemene inleiding

Militair Gezag is de wettelijke benaming voor de militaire overheid die tijdens de staat van oorlog en de staat van beleg is toegerust met bijzondere bevoegdheden, noodzakelijk met het oog op de uitvoering van de militaire taak ter handhaving van de veiligheid. Deze bijzondere bevoegdheden zijn in de eerste plaats vastgelegd in de Oorlogswet van 23 mei 1899, Stb. 128. Een in 1941 te Londen ingestelde commissie, die tot taak had na te gaan of deze Oorlogswet aanpassing behoefde, kwam tot de conclusie de wet buiten toepassing te laten en de bevoegdheden van het MG in een bijzonder wetsbesluit te regelen.

Bij KB van 11 sep. 1943 (Wetsbesluit D 60 van 4 sep. 1944) werd door de regering in Londen de bijzondere staat van beleg geregeld, waarop het Militair Gezag (MG) in de jaren 1944-1946 werd gebaseerd. Bij de terugtrekking van de vijand werd het ontruimde gebied in bijzondere staat van beleg verklaard en kreeg het MG de taak orde op zaken te stellen. Dit hield voornamelijk in: de handhaving van de openbare orde, het onderhouden van contacten tussen de plaatselijke en (via de SHAEF-Mission) geallieerde militaire autoriteiten en het nemen van de noodzakelijke bestuursmaatregelen. Hierbij werd vooral rekening gehouden met de omstandigheid dat de centrale overheid zich nog in Londen bevond en een deel van de lagere burgerlijke overheid in Nederland ontbrak of niet betrouwbaar was door verzet, oorlogshandelingen, collaboratie en zuivering.

Het MG bestond voor een groot deel uit niet-militairen die voor deze gelegenheid waren gemilitariseerd. Het MG functioneerde in Nederland van 14 sep. 1944 (toen Maastricht als eerste grote gemeente werd bevrijd) tot 4 mrt. 1946 (toen het MG werd opgeheven).

Een belangrijke publicatie over het MG is het in 1947 door het Bureau Geschiedschrijving (o.l.v. H. Winkel) uitgebrachte 'Overzicht der werkzaamheden van het Militair Gezag gedurende de bijzondere staat van beleg 14 september 1944 - 4 maart 1946'.

Militair Gezag van (1943) 1944-1946

Om een gezagsvacuüm na de bevrijding van Nederland te voorkomen, werd eind januari 1943 bij beschikking van de minister van Oorlog O.C.A. van Lidth de Jeude in Londen het bureau Militair Gezag ingericht. Tot hoofd van het bureau werd de majoor van de Generale Staf J.H. Kruls benoemd. Hij werd belast met de taak 'het verrichten van de voorbereidende arbeid met betrekking tot de uitoefening van het militair gezag in Nederland'. Kruls nam de opbouw voortvarend ter hand en hij benoemde officieren (Engelandvaarders), veelal burgers met een baan op de regeringskantoren of in het bedrijfsleven. Dezen werden vervolgens opgeleid in theorie en in de militaire praktijk en voorbereid op de taken die hun in bevrijd gebied zouden wachten.

Eind 1943 ontstond wrijving tussen Kruls en enkele ministers en tussen ministers onderling over de bevoegdheden van het MG en over welke kwartiermakers na de bevrijding naar Nederland zouden afreizen. Bovendien was koningin Wilhelmina niet van plan om Kruls na de bevrijding in Nederland tot Chef-Staf MG te benoemen. Kruls dacht intussen dat die mening nog wel zou veranderen (pas in sep. 1944 zou Wilhelmina toestemmen) en ging onverdroten voort met het aanstellen van militair personeel.

In april 1944 bestond dat uit 175 officieren en 565 onderofficieren en manschappen.

Bij kb van 9 juli 1944 werd door de regering in Londen het MG officieel ingesteld. Men kende naast een Stafbureau en Secretariaat een Bureau Repatriëring, een Bureau Grensbewaking en maximaal 15 secties:

  1. Binnenlandse Zaken
  2. Juridische Zaken (en Kampen)
  3. Politie
  4. Luchtbescherming en Brandweer
  5. Financiën
  6. Economische Zaken
  7. Transport
  8. Volksgezondheid
  9. Openbare Werken
  10. Arbeidszaken
  11. Voorlichting
  12. PTT en Censuur
  13. Sociale Zaken (en Rode Kruis)
  14. nderwijs, Kunsten en Wetenschappen
  15. Oost- en West-Indische Zaken.

Toen in september 1944 de bevrijding nabij scheen, vormde de regering bij kb de militaire verzetsorganisatie Binnenlandse Strijdkrachten (BS), onder bevel van prins Bernhard, die deel uitmaakte van de koninklijke landmacht. De BS werd samengesteld uit leden van de Ordedienst (OD), Knokploegen (KP) en de Raad van Verzet (RVV). Bij de bevrijding van het zuiden, oosten en noorden van het land vocht de BS met de geallieerden mee. Uit hen werden de stoottroepen gevormd.

Het MG was (voor een deel) al in Brussel gevestigd, toen Maastricht op 14 september 1944 werd bevrijd, en kon ternauwernood haar bevoegdheden veiligstellen tegenover leden van de OD, die het militair gezag aldaar wilden opeisen. In het algemeen kon het MG zich tijdens zijn onverwachts lange bestaan moeilijk profileren. Een verklaring daarvoor waren onder andere de competentiegeschillen met de regering, burgerlijke bestuursorganen, verzets- en andere (para)militaire organisaties op het gebied van openbare orde en bestuursvoorzieningen.

Het MG eiste wekelijkse rapportage van zijn militaire commissarissen in provincies en districten. Met de regering was geen (regelmatige) rapportage afgesproken, waardoor misverstanden en conflicten met Londen niet konden uitblijven. Initiatieven en besluiten doorkruisten zodoende elkaar nogal eens.

Een belangrijk geschilpunt van Kruls met de ministers (uitgezonderd Van Lidth) was zijn bezwaar tegen de te vroege komst van minister-kwartiermakers naar bevrijd gebied, die volgens hem weinig konden uitrichten en het MG voor de voeten liepen. 'Zeker, zodra de gehele regering zich in Nederland zou kunnen vestigen en daar de beschikking zou hebben over goed werkende departementen en diensten, zou de taak van het MG van karakter veranderen', volgens Kruls. Kruls schitterde door afwezigheid bij de aankomst van vijf 'kwartiermakers' (waaronder de minister-president) op 25 november 1944 op het vliegveld bij Eindhoven. Pas na het aantreden van het derde kabinet-Gerbrandy op 23 februari 1945 zou de samenwerking tussen MG en regering verbeteren. De felste critici van Kruls (Burger, Van Heuven Goedhart en Van den Tempel) waren, mede op aandringen van Wilhelmina, niet opgenomen in dit nieuwe kabinet. De regering bepaalde een meer uniforme en positieve houding ten aanzien van het MG.

Men besefte ook beter dat het MG veel te maken had met en opereerde binnen de directieven van het Shaef, het geallieerd hoofdkwartier. En Kruls besefte zijn ondergeschiktheid aan en de noodzaak tot samenwerking met de regering beter.

Gebrek aan communicatie speelde ook binnen het MG een rol. Zo bleek de afstand van de staf MG te Brussel en het uitvoerend personeel in bevrijd gebied een handicap. Provinciale (en districts) militaire commissarissen moesten soms een maand op antwoord wachten. Deze situatie verbeterde door de verplaatsing van de Staf MG, begin april 1945 naar Breda en in mei 1945 naar Den Haag.

Aanleiding tot coördinatie van bevoegdheden met het MG gaven ook de activiteiten van het College van Vertrouwensmannen. Het college was door de regering ingesteld en diende in bezet gebied als een voorlopige regering allerlei maatregelen voor de overgangstijd (o.a. zuivering en benoemingen voor belangrijke bestuursposten) voor te bereiden ten behoeve van zijn hoofdtaak: 'het handhaven van orde en rust'. Dat het College lange tijd (aug. 1944 - feb. 1945) onkundig was van eerder door de regering genomen besluiten op voornoemd gebied en de aanvankelijk toebedeelde rol van het MG daarin, deed het College enigszins in het luchtledig werken en belastte de verstandhouding met het MG. Uiteindelijk bleef het College in zijn activiteit beperkt en breidde het MG zijn gezag over het bevrijde gebied uit. Op 23 mei 1945 werd het College door Gerbrandy opgeheven.

Eenmaal gevestigd in Den Haag stelden de secties van het MG zich in verbinding met de ministeries om zich te beraden over de (gedeeltelijke) overdracht van hun werkzaamheden. Sectie VI (Economische Zaken) was de eerste sectie die opgeheven werd.

In juli 1945 werd begonnen met de geleidelijke opheffing van de provinciale militaire commissariaten. Zij werden per 1 oktober 1945 opgevolgd door Afdelings Militaire Commissariaten (AMC's), zoals het AMC voor Zuid-Holland en Zeeland.

Op 4 maart 1946 werd het MG geliquideerd. De afwikkeling van de werkzaamheden werd opgedragen aan het Afwikkelingsbureau Militair Gezag.

Het MG heeft, zeker in vergelijking met België, de toestand in bevrijd Nederland vrij spoedig gestabiliseerd en er tal van stimulerende en corrigerende maatregelen genomen:

  • het heeft met succes geprotesteerd tegen plundering en vernieling door geallieerde troepen
  • de opvang bevorderd van tienduizenden evacués in het zuiden en de hulpverlening aan bezet gebied gestimuleerd, onder andere door oprichting van de Nationale Centrale voor Hulpverlening in Nederland en de Hulpactie Rode Kruis
  • materiële hulp aan het onderwijs geboden
  • brandweer, luchtbescherming en grensbewaking op peil gebracht
  • mobiele colonnes en politiereserves gevormd voor de inzet benoorden de rivieren
  • herstel bevorderd van de infrastructuur: PTT-verbindingen, kanalen en spoorwegen
  • pers, omroep en censuur gereorganiseerd
  • de geallieerden gestimuleerd om voldoende voedsel, zeep en medicamenten naar het bevrijde gebied te zenden
  • prioriteit gegeven aan de noden van de mijnwerkers
  • efficiënt gebruik gemaakt van vrachtwagens via het Centraal Transportbureau
  • het College van Algemene Commissarissen voor Landbouw, Handel en Nijverheid ingesteld, dat door lagere overheidsorganen leiding gaf op economisch gebied
  • gestimuleerd tot het herstel van gasfabrieken en elektrische centrales en de distributie van grondstoffen en energie
  • de Nederlandse belangen bevorderd bij het verdelen van de oorlogsbuit
  • de aanvoer op gang gebracht van door het Nederlandse Voedselaankoopbureau en het Netherlands Office for Relief and Rehabilitation aangekochte voedselvoorraden en goederen
  • de droogmaking van Walcheren voorbereid
  • lonen en prijzen gestabiliseerd en een (royale) wachtgeldregeling afgekondigd
  • werklozen doen opnemen in de nieuwe Dienst Uitvoering Werken
  • voor voldoende circulerend geld gezorgd en de financiering geregeld van het gehele overheidsapparaat
  • overheidsorganen gezuiverd en commissies daarvoor ingesteld

Geschiedenis van het archiefbeheer

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

  • In de jaren tachtig zijn de archieven van de regionale onderdelen van het Militair Gezag overgebracht naar de rijksarchiefbewaarplaatsen in de provincies (thans Regionale Historiache Centra). Dit is gebeurd krachtens de bepalingen van de Archiefwet 1962, en wel art. 13 lid 2 jo. art. 3. In 2003 is nog een hoeveelheid materiaal overgebracht dat bij de bewerking in 1997-1998 tevoorschijn is gekomen. Deze bestanddelen zijn tijdens de bewerking 4428-5019 genummerd, die thans niet meer aanwezig zijn, maar berusten in een van de rijksarchiefbewaarplaatsen in de provincie. Het betreft de archieven van:

    • Provinciale Militaire Commissarissen
    • Districts Militaire Commissarissen
    • Grensvakken van de Dienst Repatriëring
    • Grensvakken van de Dienst Grensbewaking
    • Commissariaat Noodvoorziening Geteisterde Gebieden (Zuid-Nederland)
    • Commissariaat Noodvoorziening B2 (West-Nederland)
    • Militaire Haven Commissarissen
    • Noodziekenhuizen
  • Bij de bewerking van de archieven van het Militair Gezag in de jaren 1997-1998 zijn verscheidene bestanddelen aangetroffen, die behoren tot andere archieven dan die van het Militair Gezag. Deze bescheiden zijn in een afzonderlijke reeks beschreven. Het lag in de bedoeling dat dit materiaal zou worden toegevoegd aan de betreffende archieven. Dat is niet gebeurd. Deze bestanddelen zijn in deze rubriek beschreven.

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in