gahetNA in het Nationaal Archief

Consulaat Kaapstad - Zoeken: kaapstad

148 Resultaten gevonden, klik op het tabblad om de resultaten te tonen.

2.05.128
A.L.M. van Zeeland, P.L. Groen
Nationaal Archief, Den Haag
2006
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.05.128
Auteur: A.L.M. van Zeeland, P.L. Groen
Nationaal Archief, Den Haag
2006
CC0

Periode:

1860-1939
merendeel 1860-1939

Omvang:

4,00 meter; 121 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief bevat correspondentie over de organisatie en personeelszaken van de post. Voorts stukken over juridische zaken, verkeer en vervoer, migratie, sociale zaken, onderwijs en cultuur.

Archiefvormers:

  • Consulaat te Kaapstad (Zuid-Afrika), 1860-1939

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

De Nederlandse vertegenwoordiging te Kaapstad

Kaapstad, de oudste stad in Zuid-Afrika was de hoofdstad van de in 1652 door Jan van Riebeeck gestichte Kaapkolonie en de zetel van de opeenvolgende Nederlandse en Britse gouvernementen. Later was het tevens de zetel van het parlement van de Unie van Zuid-Afrika.

Op 25 maart 1857 werd bij Koninklijk Besluit nr. 45 een consul der Nederlanden voor Kaapstad en de Oostelijke bezittingen benoemd. Hoewel er vele malen een consul-generaal als hoofd van het consulaat te Kaapstad werd benoemd bleef de post een consulaat. Pas in 1950 zou de verheffing tot een consulaat-generaal plaatsvinden. Vanaf 1892 waren de Nederlandse consulaire ambtenaren te Kaapstad bezoldigde ambtenaren(

Register van onbezoldigde consulaire ambtenaren, deel 3 fol. 99.

).

De Consuls

De eerste in de Staatsalmanak genoemde consul-generaal te Kaapstad is O.J. Trüter sr., die in 1859, buiten bezwaar van 's lands schatkist, wordt benoemd(

Koninklijk Besluit van 17 juli 1859, nr. 70

). In 1867 werd hij als honorair consul-generaal opgevolgd door zijn zoon J.A. Trüter. Het ressort van het consulaat besloeg alle Britse bezittingen in Zuid-Afrika, met uitzondering van Natal.

Met het KB van 24 augustus 1870 nr. 9 werd Gerard Mijburgh, van Britse nationaliteit, benoemd tot onbezoldigd consul-generaal te Kaapstad. Mijburgh was tevens consul voor Denemarken. Hij zou dit blijven tot zijn overlijden op 16 december 1886. Als consul-generaal zou hij met ingang van 18 augustus 1887 worden opgevolgd door zijn zoon Rudolph, die op 13 februari 1871 al tot vice-consul te Kaapstad was benoemd. Aan Rudolph Mijburgh werd eervol ontslag verleend met KB van 23 mei 1891. Van 23 mei 1891 tot 14 november 1892 werd dezelfde Rudolph Mijburgh, in afwachting van de komst van een bezoldigde consul-generaal, belast met de tijdelijke waarneming van de post.

De eerste bezoldigde consul-generaal te Kaapstad was B.M. de Waal, die met KB van 29 september 1892, nr. 35 werd benoemd. De Waal, die daarvoor consul te Natal en Durban was geweest, werd eervol ontslag verleend per 15 november 1901. Hij werd opgevolgd door de consul-generaal A.C. van der Hoop, die met het Koninklijk Besluit van 14 maart 1902, nr. 35 werd benoemd. Van 3 april 1901 tot 14 maart 1902 was Van der Hoop al waarnemend consul-generaal.

Van der Hoop werd opgevolgd door J. Barendrecht, die van eind december 1906(

Koninklijk Besluit van 31 december 1906, nr. 119

) tot december 1908 in functie bleef, daarna vertrok hij naar Kobe. Zijn opvolger was H. van Oordt van Lauwenrecht, van 1908 tot 1910 consul en van 17 februari 1910 tot het aantreden van mr. H.A. Lorentz in februari 1916 consul-generaal te Kaapstad. Lorentz, die vice-consul in algemene dienst was, werd met KB van 25 september 1917 nr. 44 belast met de waarneming van het consulaat te Kaapstad. Zijn plaatsing duurde tot medio augustus 1920.

Na de periode Lorentz waren kort na elkaar mr. H.G. van Oven en H.M.J. Fein belast met de waarneming van het consulaat. Van Oven van september 1920 tot november 1921 en Fein van november 1921 tot januari 1922.

Na deze twee vice-consuls werd de functie van hoofd van het consulaat bekleed door de consuls mr. F.E.H. Groenman (van januari 1922 tot 19 december 1924), P.A. van Buttingha Wichers, die zijn functie in maart 1925 aanvaardde(

Koninklijk Besluit van 3 maart 1925, nr. 81

), en G.P. Luden. Luden, die in maart 1930 was aangetreden werd in verband met de bezuinigingen met ingang van 1 januari 1933 met wachtgeld gestuurd. De functie van consul te Kaapstad werd daarna waargenomen door de gezantschapssecretarissen jhr. W.F. van Lennep en A. Merens. De laatste werd in september 1938 opgevolgd door jhr. mr. G.R.G. van Swinderen(

Zie voor de verdere bezetting van de post R. Spork, Inventaris van het archief van het consulaat-generaal te Kaapstad 1938-1956 (Den Haag 1984).

)
.

De Nederlanders in de Kaapprovincie

Te Kaapstad waren in de periode die dit archief beslaat enkele Nederlandse verenigingen actief. De consul der Nederlanden te Kaapstad was qualitate qua nauw betrokken bij deze verenigingen.

De afdeling Kaapstad van het "Algemeen Nederlands Verbond" (opgericht in 1903) organiseerde lezingen over onderwerpen van culturele aard en organiseerde uitstapjes voor Nederlanders woonachtig in de Kaapprovincie. De sinds 1933 opererende "Hollandse Kring" was in hoofdzaak een gezelligheidsvereniging.

Geschiedenis van het archiefbeheer

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in