Ambtenaren Centraal Bestuur Karel V
- Archiefinventaris
- Inleiding
- Inventarisnummers
- Bestanden
- Alle scans (0)
3.01.02
J.L. van der Gouw
Nationaal Archief, Den Haag
(c) 1952
Beschrijving van het archief
Naam archiefblok:
Ambtenaren van het Centraal Bestuur, met betrekking tot de Noordelijke Gewesten, Eerste Helft 16e Eeuw
Ambtenaren Centraal Bestuur Karel V
Periode:
1243-1554
Omvang:
3,50 meter; 1247 inventarisnummers.
Taal van het archiefmateriaal:
Het merendeel der stukken is in het Nederlands. Een gedeelte is gesteld in het Frans.
Soort archiefmateriaal:
Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.
Archiefbewaarplaats:
Nationaal Archief, Den Haag
Samenvatting van de inhoud van het archief:
Het archief van de ambtenaren van het Centraal Bestuur tijdens de regering van Karel V bevat stukken die het beheer van de Noordelijke Nederlanden betreffen: Holland, Zeeland, Gelre, Utrecht, Friesland, Groningen, Overijssel, Drenthe en verder het bestuur over Oost-Friesland, Denemarken en de Hanze in het begin van de zestiende eeuw. De Gelderse oorlogen zijn het hoofdthema, daarnaast zijn bestrijding van ketterij, criminele zaken, geestelijke zaken en de telkens oplaaiende geschillen tussen de verschillende gewesten aanleiding geweest tot archiefvorming.
Archiefvormers:
- Ambtenaren van het Centraal Bestuur tijdens de Regering van Karel V
- Hannaert, Jean
- Blioul, Laurens du
- Carondolet, Jean
- Ruffault, Jehan
- Schore, Mr. Louis
- Myerop, Mr. Vincent Cornelisz. van
- Pensart, Guillaume
- Zwichem, Viglius van
- Ligne, Johan de
Archiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
Geschiedenis van het archiefbeheer
Oorsprong der collectie
Voor het beschrijven van de geschiedenis en de inrichting van de registeren charterkamer van Holland, waarbij de hierbeschreven stukken gedeponeerd waren, is het hier niet de plaats. Voldoende is te weten, dat deze instelling gevestigd was op het Hof van Holland en dat het beheer van de charters werd waargenomen door een charterbewaarder. Altijd werd dit ambt bediend als een nevenfunctie. Nadat Vincent Cornelisz. van Myerop het ambt gedurende de eerste helft van de 16e eeuw had vervuld, werd het na zijn dood opgedragen aan de president van de Geheime Raad, Viglius van Zwichem (
Algemeen Rijksarchief, Rekenkamer der Domeinen van Holland, no. 493. Ruige blauwe register van de Commissiën, fol. 126.
Met de feitelijke waarneming werd belast de schoonzoon van de overledene Vincent Damaesz. van Droegendijck (
Als voor, fol. 128
Cornelius Suys, raadsheer in het Hof van Holland, kreeg op 31 October 1551 opdracht om de charterkamer van Holland van de weduwe en erfgename van Vincent Cornelisz. over te nemen en aan de schoonzoon van de overledene, Vincent Damaesz., over te dragen. Van de overdracht aan Damaesz. is nooit iets gekomen en in 1554 werd Suys zelf substituut voor Viglius (
Algemeen Rijksarchief, Rekenkamer der Domeinen van Holland, no. 494. Zwarte register van de Commissiën, fol. 185. J. Smit, Een bijdrage tot de geschiedenis van het Hollandsche archiefdepot te Gouda in Ned. Archievenblad XXXIII (1923-1924) blz. 141 e.v.
Behalve de stukken, die van nature tot de grafelijke archieven behoren - de leenregisters en de grafelijke charters - waren toen reeds enige stukken in het Hollandse archiefdepot gedeponeerd, afkomstig van ambtenaren van de Centrale Regering te Brussel. Wat echter archief betekende, begon men zich in die dagen eerst geleidelijk bewust te worden; het werd langzamerhand duidelijk, dat behalve de charters en registers als onmiddellijke bewijzen van rechten der grafelijkheid, ook andere stukken door dienaren der landsregering ambtshalve opgemaakt en ontvangen, voor die regering van groot belang konden zijn. De stukken, in bepaalde commissies gevormd of gebruikt, werden tot dan meestal als persoonlijk eigendom beschouwd - een opvatting, die zelfs heden nog niet geheel uitgestorven is.
Dit groeiend archiefbegrip nu veroorzaakte, dat in 1553 Cornelis Suys belangrijke aanwinsten achter zijn inventaris te boeken kreeg.
De Brusselse regering had successievelijk uit de boedels van overleden ambtenaren papieren, betrekking hebbende op de uitoefening van hun functie (soms bij vergissing ook wel eens particuliere stukken), in beslag doen nemen en overbrengen naar het huis van de kanselier Pierre Vereycken. Na diens dood verzocht zijn weduwe van deze archieven verlost te mogen worden. Voortzetting van de bestaande praktijk van overbrenging naar de opvolger, wist Viglius, de nieuwe functionaris, te voorkomen en men koos een andere oplossing voor het bewaringsprobleem.
19 Mei 1553 ontvingen Mr. Matthijs Strick, secretaris in de conseil-privé, en Jeronimus Boot, secretaris in de Raad van Brabant, opdracht om onder toezicht van Viglius de stukken te inventariseren (
Commissiebrieven, geregistreerd voorin de inventaris van Cornelis Suys. Het resultaat van de arbeid van Strick en Boot: Inventaires des diverses mortuaires, no. 78 misschien ook nos. 76 en 77 van J. Cuvelier, Inventaire des inventaires de la deuxième section des Archives Generales du Royaume. Bruxelles 1904, p. 42 ss.
Vóór de opstand is toen nog twee keer een verzameling stukken in de charterkamer gedeponeerd, n.l. door Viglius zelf ("tractaten") en door de stadhouder van Groningen, Friesland en Drente, Johan de Ligne, graaf van Aremberg. Alles werd achter de inventaris van Suys geregistreerd.
Beschrijving en indeling der stukken in de inventaris van Suys
De beschrijving van de gedeponeerde stukken in de inventaris van Cornelis Suys maakt de indruk eenvoudig een copie te zijn van de lijsten van Strick en Boot. De beschrijvingen zijn geclasseerd onder de namen van hen van wie ze afkomstig zijn, binnen de afdelingen is de orde geheel willekeurig. Soms zijn stukken afzonderlijk beschreven en wordt vaak de bedoeling van de beschrijvers duidelijk. Niet zelden evenwel worden grote pakken onder een zo vage beschrijving opgenomen, dat bijna alle stukken van de collectie in deze pakken ondergebracht zouden kunnen worden (
Als demonstratie twee voorbeelden: fol. 258 (Du Blioul) Ung aultre trousseau ou sont plusieurs pieces concemans les Estatz et aulcunes villes de Hollande. Cothe......50. fol. 266 (Ruffault) Ung trousseau d'aulcunes ensiegnements touchant Hollande et aultres qu'il fault visiter et encoires garder, Cothe...... 136. Zie hierachter in de concordans.
Latere lotgevallen en inventarisaties
De stukken hebben alle avonturen van de Hollandse charters na 1552 gevolgd. De sporen van het verblijf in de vochtige Goudse toren zijn maar al te duidelijk. Veel werd er ook van ontvreemd (
Als aanwinsten naar het Algemeen Rijksarchief teruggekeerd: 1831, 1860, no. 1, 1867, XI, no. 3, 1891, no. 24 t, 1892, no. III, Bb, IV, d, en VI, a en b, 1893, no. 20, b, 1897, LII, no. 1, 1902, XXVI, no. 58, 1911, XV, no. 1.
Grote belangstelling hebben sommige delen van de collectie ondervonden van de eerste archivarius des Rijks, Mr. H. van Wijn; hij heeft plannen voor een uitgave gehad (
(Bakhuizen van den Brink), Overzigt van het Rijksarchief, blz. 129.
Voor zover in het begin van de 19de eeuw nog iets van de oude orde over was, is deze door H. van Wijn verstoord; vele stukken zijn later uit de z.g. Collectie Van Wijn op het Algemeen Rijksarchief voor de dag gekomen.
De eerste, die zich ernstig met een herstel bezig heeft gehouden was J.K. Bondam. Bij het beschrijven van de z.g. Verspreide Collectie (na de verhuizing van het Algemeen Rijksarchief van het Plein naar het tegenwoordige gebouw aan het Bleyenburg in 1902) verzamelde hij deze stukken weer, met aantekening van hun plaats in de inventaris Suys. In 1920 waren de meeste stukken weer bijeen en door reparatie in een enigszins bruikbare staat gebracht (
Verslagen omtrent 's Rijks Oude Archieven, 1920, blz. 151.
De vele door Bondam op de omslagen der stukken gestelde beschrijvingen, hoeveel ik er soms in gewijzigd heb, hebben mijn arbeid niet weinig verlicht.
In 1922 is Dr. P.A. Meilink begonnen met een poging tot herstel van de collectie naar de inventaris van Suys (
Verslagen omtrent 's Rijks Oude Archieven, 1922, blz. 58. Verslagen omtrent 's Rijks Oude Archieven, 1923, blz. 77.
De verwerving van het archief
De rechtstitel is (nog) onbekend
De verwerving van het archief
De rechtstitel is (nog) onbekend.




Reacties