gahetNA in het Nationaal Archief

Nassause Domeinraad vanaf 1581

1.08.11
Onder redactie van M.C.J.C. van Hoof, E.A.T.M. Schreuder, B.J. Slot
Nationaal Archief, Den Haag
(c) 1997
This finding aid is written in Dutch.

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

1.08.11
Auteur: Onder redactie van M.C.J.C. van Hoof, E.A.T.M. Schreuder, B.J. Slot
Nationaal Archief, Den Haag
(c) 1997
(c)

Periode:

1218-1842
merendeel 1581-1811

Omvang:

488,25 meter; 16861 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands. Een klein gedeelte is gesteld in talen als het Latijn , Frans en het Duits

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven en gedrukte documenten. Kennis van het 13e t/m 18e eeuwse handschrift is noodzakelijk: de Nederlandstalige stukken van vóór ca. 1700 zijn geschreven in het gotische cursiefschrift, met name in de oud-Hollandse klerkencursief.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

De Nassause Domeinraad was het bestuurscollege dat het beheer over de domeinen van de familie Oranje-Nassau uitoefende. Deze landgoederen strekten zich uit over het gehele territorium van de Republiek, maar lagen overwegend in Holland, Zeeland, (Noord-)Brabant en Gelderland. Ook in Duitsland, Luxemburg en Frankrijk (vnl. het prinsdom Orange) had men bezittingen. Oorspronkelijk was de domeinraad gevestigd te Breda en later vanaf eind zestiende, begin zeventiende eeuw te Den Haag aan het Binnenhof. De Raad- en Rekenkamer, zoals zij ook wel werd genoemd, telde vijf tot zeven leden met daarnaast een griffier of secretaris als belangrijkste ambtenaar.
Het beheer van de goederen vergde een uitgebreide verantwoording door tal van rentmeesters die ter plekke waren belast met o.a. het toezicht op heerlijke rechten, als bijvoorbeeld het recht op de wind of op de visvangst. Al deze rechten en bevoegdheden leverden bij elkaar aanzienlijke inkomsten op ter bekostiging van de hofhouding (paleizen, kunstcollectie e.d.). Voor het verdere beheer was in elk domein tevens een grote hoeveelheid functionarissen aangesteld variërend van hoveniers tot predikanten. Dit gold eveneens het terrein van bestuur en rechtspraak met de aanstelling van schout en schepenen.
Het archief bevat de notulen van de domeinraad; thesauriersrekeningen (m.b.t. de uitgaven) en het ambtboek met gegevens over aanstellingen in elk domein. Verder zijn er per domein reeksen rentmeestersrekeningen, gebundelde correspondentie over tal van onderwerpen van bestuurlijk-juridische aard en losse stukken (meestal met een financiële inslag). Op een aantal series bestaan zowel eigentijdse als latere nadere toegangen.

Archiefvormers:

  • Aalst, heer van
  • Acquoy, Heer van
  • Agentschap van Financiën, Bureau der Nationale Domeinen, herkomstig van de vorst van Nassau
  • Ameland, Heer van
  • Antwerpen, Burggraaf van
  • Baarle-Nassau, Heer van
  • Baarn, Heer van
  • Bentheim, Heer van
  • Bergen op Zoom, Heer van
  • Borculo, Heer van
  • Borsele, Heer van
  • Bourgogne, Heer van
  • Boxmeer, Heer van
  • Bracque, Heer van De
  • Breda, Heer van
  • Bredevoord, Heer van
  • Brussel, Paleis te
  • Buren, Graaf van
  • Bütgenbach, Heer van
  • College van Administratie der Goederen in Holland gelegen van de Prins van Oranje
  • College van Administratie over de door de Fransen geabandonneerde Goederen van de Vorst van Nassau
  • Cortenbach, Heer van
  • Cortgene, Heer van
  • Cranendonk en Eindhoven, Baron van
  • Culemborg, Heer van
  • Dasburg, Heer van
  • Dieren, Heer van
  • Diest, Heer van
  • Directie der Publieke Domeinen en Geestelijke Goederen
  • Directie der Staatsdomeinen in Holland
  • Dongen, Heer van
  • Eemnes, Heer van
  • Friesland, Heer van
  • Geertruidenberg, Heer van
  • Geertruidenberg, Kastelein van
  • Gorzen Orizand, Heer van
  • Grave en Cuijk, Heer van
  • Gravenhage, 's, Oude Hof in het Noordeinde
  • Gravenhage,'s, Huis Den Bosch
  • Grimbergen, Heer van
  • Het Loo, Heer van
  • Hohenlohe, Van
  • Holede, Heer van
  • Hulsterambacht, Heer van
  • IJsselstein, Heer van
  • Intendant van de Nassause Domeinen in de Zuidelijke Nederlanden
  • Kruidberg, Hofstede de
  • Lannoy, Heer van
  • Leerdam, Graaf van
  • Lek, Heer van de
  • Lekkerkerk, Heer van
  • Lichtenvoorde, Heer van
  • Liesveld, Heer van
  • Lingen, Heer van
  • Meerhout, Heer van
  • Meurs, Graaf van
  • Ministerie van Financiën, Administratie der Nationale Domeinen, herkomstig van de vorst van Nassau
  • Monster, Heer van
  • Monsterambacht, Heer van
  • Montfort, Heer van
  • Naaldwijk, Heer van
  • Nassau, Van
  • Nassause Domeinraad
  • Nassause Domeinraad, Ontvanger-Generaal
  • Nassause Domeinraad, Thesaurier en Rentmeester-Generaal der Domeinen
  • Nederheim, Heer van
  • Neerem, Heer van
  • Niervaart, Heer van
  • Nieuwburg, Huis ter
  • Nispen, Heer van
  • Noord-Beveland, Heer van
  • Oosterhout, Heer van
  • Oploo, Heer van
  • Orange, Prince d'
  • Orange, Prins van
  • Oranje, Van
  • Oranje-Nassau, Van
  • Paifve, Heer van
  • Peen, Heer van
  • Polanen, Heer van
  • Princeland, Heer van
  • Prinsenland, Heer van
  • Raad en Rekenkamer
  • Ravestein, Heer van
  • Rollencourt, Heer van
  • Roosendaal, Heer van
  • Russon, Heer van
  • Rutten, Heer van
  • Scherpenisse, Heer van
  • Secretariaat van Staat voor de Financiën, Secretarie de Nationale Domeinen, herkomstig van de vorst van Nassau
  • Sichem, Heer van
  • Sint-Maartensdijk, Heer van
  • Sint-Maartensdijk, Kapittel van Sint Maarten
  • Soest, Heer van
  • Soestdijk, Heer van
  • St. Vith, Heer van
  • Stadhouders van Friesland, Groningen, Drenthe en Overijssel
  • Steenbergen, Heer van
  • Steenwijk, Heer van
  • Ter Eem, Heer van
  • Thesaurier-Generaal en Raden van Financiën, Bureau der Nationale Domeinen, herkomstig van de vorst van Nassau
  • Tholen, Heer van
  • Veere, Markies van
  • Vianden, Graaf van
  • Vlissingen, Heer van
  • Vorst, Heer van
  • Vriesland, Heer van
  • Wernhout, Heer van
  • Westcappel, Heer van
  • Westland, Heer van
  • Willemstad, Heer van
  • Zelhem, Heer van
  • Zevenbergen, Heer van
  • Zichem, Heer van
  • Zuid-Beveland, Heer van
  • Zwaluwe, Heer van

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

    • In 1677 droegen de Staten van Overijssel aan prins Willem III hun leengoederen in het graafschap Bentheim op. Willem III ontving de leengerechtigheid van Nieuwenhuis, ook wel Neder-Bentheim genoemd en alle goederen die voorheen behoorden aan Salland en Twente en de rentambten Sibculo, Albergen, Windesheim. In 1682 werd de schenking uitgebreid met alle tienden, cijnzen, tijnzen, beden, opvaart, winningen, echten, diensten en andere rechten voortvloeiend uit deze goederen in Bentheim.

      Ook verwierf de prins van Oranje de status van eerste stende [stand, lid van de gewestelijke Staten] in de landsregering.

      Als leenheer van Nieuwenhuis, ofwel het Nedergraafschap, werd prins Willem III betrokken bij erfeniskwesties van de graven van Bentheim.(

      W.F. Visch, Geschiedenis van het graafschap Bentheim (Zwolle, 1829), p. 215.

      )

      Na de dood van Willem III vervielen de rechten en goederen in Bentheim weer aan de Staten van Overijssel. In 1747 werden deze goederen opnieuw aan een prins van Oranje opgedragen en wel aan prins Willem IV.

      In 1753 verpandde graaf Frederik Karel van Bentheim het graafschap aan de koning van Groot-Brittannië, keurvorst van Hannover voor een periode van 30 jaar. Na 1795 bleef het graafschap neutraal tot 1803, toen het door de Fransen werd bezet en ingelijfd in het keizerrijk. Na 1815 werd de toenmalige rechthebbende graaf van Bentheim weer in het bezit van het graafschap gesteld. De goederen in Bentheim van prins Willem V werden, net zoals al zijn andere goederen, inbezit genomen door de republiek en genationaliseerd. In 1802 werden de goederen door de thesaurier en raden van Financiën aan de Commissie tot administratie der Financiën in het voormalig gewest Overijssel overgedragen. Kort daarna werd ook het archief naar Overijssel overgebracht.(

      NDR inv.nrs 214 en 671; notulen van 22 januari en van 28 juli 1802.

      )

      De rechten van het huis van Oranje in Bentheim waren:

      • de prins van Oranje was leenheer van Nieuwenhuis, of het Nedergraafschap;
      • de prins was de eerste 'stende' in de regering van het graafschap;
      • de prins van Oranje en zijn opvolgers in de goederen van Bentheim hebben een preferent recht in de landsregering bij besluiten over het bewilligen van subsidies;
      • jurisdictie over 'zijn eigenhorige meijeren in 't graafschap';
      • recht van jacht in Neder-Bentheim;
      • tienden, cijnzen, tijnzen, beden, etc.

      Het graafschap Bentheim lag ten oosten van Overijssel. De rivier de Vecht doorsneed het graafschap. Het graafschap was 'bekwaam om haare inwoonderen te onderhouden'(

      NDR inv.nr. 764, folio 114.

      ) Het graafschap was verdeeld in een Oppergraafschap en een Nedergraafschap. Onder het Nedergraafschap werd gerekend de stad en het slot Nieuwenhuis bij de Dinkel en het dorp Veldhuizen met de adellijke huizen Schuilenburg, Zurn, Esch of Oldenhof.

      Het graafschap werd beheerd door een administrateur of rentmeester. Daarnaast stelde de prins van Oranje ook een commissaris aan, die zijn belangen behartigde bij de Staten van Overijssel en toezicht hield op het beheer van de goederen. Joan George Droghorn, de eerste rentmeester sinds de Staten van Overijssel in 1747 de goederen opnieuw aan de prins van Oranje had geschonken, was ook rentmeester van de commissaris van de prins, baron de Heijde, heer van Ootmarsum. Overigens werd er in 1748 aan Willem van Arnhem de titel rentmeester gelaten.

      Rentmeesters waren:

      Herman Borgeren, 1678-1690.
      Albertus Pontanus, 1691-1702.
      Joan George Droghorn, 1748-1781.
      F.A. Naber, 1782-1802.
      Verwante Archieven

      Van de stukken betreffende Bentheim is weinig in het archief van de Nassause Domeinraad terug te vinden. De meeste stukken zijn waarschijnlijk in 1802 overgebracht naar Overijssel. Daarvan is slechts een klein deel bewaard gebleven. Deze berusten nu in het Rijksarchief in Overijssel.

      Andere archieven betreffende Bentheim berusten onder meer bij:

      Rijksarchief in Overijssel te Zwolle en Landesverband Westfalen-Lippe, Landesamt für Archivpflege

      In de Inventar des Fürstlichen Archivs zu Burgsteinfurt, Algemeine Regierungssachen des Grafschaften Bentheim und Steinfurt, Bestand A (Inventare der nichtstaatlichen Archive Westfalens, NF 5, 1971) en Regierungssachen des Grafschaften Bentheim und Steinfurt Bestand A Bentheim, A. Steinfurt, G. (inventare der nichtstaatlichen Archive Westfalens, NF 6, 1975) zijn verdere verwijzingen naar archiefbestanden betreffende Bentheim in Duitsland te vinden.

    • openII LINGEN

      Het graafschap Lingen was een leen van Maximiliaan van Egmond en Buren en ging na diens dood over in de handen van Anna van Buren. De keizer stelde als een voorwaarde voor zijn goedkeuring aan het huwelijk van Anna van Buren met Willem I van Oranje dat het graafschap Lingen aan hem werd verkocht.

      In 1555 werd Lingen door Karel V aan Philips II overgedragen als deel van de Nederlanden.

      Het graafschap Lingen kwam in bezit van Willem van Oranje als gift van de Staten-Generaal bij de geboorte van zijn dochter Catharina Belgia in 1578. Het graafschap behoorde echter nog aan de koning van Spanje: de gift werd gedaan uit naam van de koning. Als voorwaarden werden door de Staten-Generaal aan de gift gesteld: Willem zou afstand zou doen van zijn vordering van f 160.000 op Philips, uit de opbrengst zou een uitkering worden gedaan aan zijn dochter en het graafschap zou leenroerig zijn aan de provincie Overijssel. De Overijsselse leenbank weigerde echter vooralsnog over te gaan tot belening en het graafschap zelf bleef in handen van de Spanjaarden.

      Tot een werkelijke inbezitneming kwam het pas in 1597, toen Maurits het graafschap bezette. Het maakte toen nog onderdeel uit van de onverdeelde boedel van het sterfhuis van Willem van Oranje. Curator van het sterfhuis, Pijll, werd belast met het beheer van Lingen. In de praktijk voerde Maurits het bestuur en in 1602 werd hij door Overijssel met Lingen beleend.

      In 1605 werd Lingen door Spinola ingenomen en kwam het graafschap in het bezit van de aartshertogen van de Zuidelijke Nederlanden. In 1630 werd Lingen met meer door de Spaanse troepen verdedigd en in 1633 trok Rutger van Haersolte Lingen binnen. Van Haersolte benoemde uit naam van prins Frederik Hendrik van Oranje, de rechtsopvolger van Maurits in Lingen, een rentmeester en rechter. Van Haersolte zelf werd aangesteld als vice-drost, later als drost.

      In 1633 werd het gebied ook uitgebreid met de burcht van Bevergeern.

      In 1648 deed Spanje in art. 50 van het Vredestractaat van Münster officieel afstand van het graafschap, waarmee de feitelijke bezitsverhoudingen werden erkend. Het graafschap bleef leenroerig aan de Staten van Overijssel. Na de dood van Willem III liet Frederik I van Pruisen Lingen door zijn geheimraad Danckelmann bezetten, op grond van zijn aanspraken op een deel van de erfenis. In 1738 werd deze situatie met de definitieve regeling van de erfenis van Willem III bevestigd en erkend.(

      Mr. G.J. ter Kuile sr., 'Het graafschap Lingen onder de Oranje's' in: Verslagen en Mededelingen van de Vereeniging tot de beoefening van Overijsselsch regt en geschiedenis (Deventer, 1953).

      )

      Verwante Archieven

      Als gevolg van de overdracht van Lingen aan de koning van Pruisen zijn er weinig archiefstukken in het archief van de Nassause Domeinraad te vinden.

      De stukken zullen zich waarschijnlijk in het archief van de koning van Pruisen bevinden. Dit archief van vóór 1812 berust in het archief in Merseburg (voormalige DDR). De stukken betreffende de Nederlandse goederen die in de 18e eeuw aan Pruisen vielen, zijn te vinden in het Generaldirektorium, Oranischen Archiv, repositur 64. (Zie ook onder in het hoofdstuk Montfort).

    • openIII MEURS

      In 1594 schonk gravin Walburg van Nieuwenaar het graafschap Meurs aan graaf Maurits van Nassau. Tot haar dood zou zij het graafschap blijven administreren. Op dat moment was Meurs door de Spanjaarden bezet. In 1597 veroverde Maurits Meurs op de Spanjaarden. De gravin bevestigde de schenking, die na haar dood zou plaatsvinden. Op 25 mei 1600 stierf zij.

      Het graafschap Meurs was een leen van het hertogdom Kleef. Aangezien de hertog van Kleef aanspraken maakte op het graafschap Meurs duurde het nog tot 1601 voor Maurits het graafschap werkelijk in bezit kon nemen.

      In 1702 raakte het huis van Oranje-Nassau het graafschap weer kwijt. Op grond van zijn aanspraken op de erfenis van Willem III, nam de koning van Pruisen bezit van het graafschap door huldiging van hem als graaf van Meurs te eisen. De stad Meurs weigerde tot 1712 de koning als heer te erkennen. In die periode wist de magistraat ook het beheer door de rentmeester van de Oranje Nassaus te frustreren. In 1712 bezette de koning van Pruisen de stad, waarna hij als heer werd erkend.

      In 1732, met de overeenkomst over de erfenis van Willem III tussen Pruisen en het huis van Oranje Nassau, werd de feitelijke situatie gelegitimeerd.(

      Otto Ortsen, Die geschichte der Stadt Moers. Dl I Die Vorpreussische Zeit mit 27 Abbildungen, Plänen usw. (Moers, 1977), pp. 108-126 en 151 e.v.

      )

      Verwante Archieven

      In het archief van de Nassause Domeinraad bevinden zich slechts weinig stukken betreffende Meurs. Waarschijnlijk zijn de meeste stukken betreffende het beheer in het archief van de koning van Pruisen te vinden.

      Gegevens betreffende Meurs zijn ook te vinden in de serie notulen en de serie registers van uitgaande brieven beschreven in deel 1, Stukken van algemene aard in deze inventaris.

    • Zoals hieronder uit NDR inv.nr. 16530 blijkt kwamen deze bezittingen als pand aan prins Frederik Hendrik voor de termijn van tien jaar in 1633.

      De enkele archiefstukken betreffende deze goederen werden aangetroffen tussen de stukken betreffende Borculo.

  • openDEEL 13 AANHANGSEL

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in