Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Legatie Oostenrijkse Nederlanden

1.02.17
J.C.M. Pennings
Nationaal Archief, Den Haag
1994
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

1.02.17
Auteur: J.C.M. Pennings
Nationaal Archief, Den Haag
1994

CC0

Periode:

1717-1810

Omvang:

5.62 meter; 358 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief bevat voornamelijk stukken gevormd door de gezanten Pesters (1717-1728), Travest (1728-1729), Van Assendelft (1729-1740) en Van Kinschot (1740-1749) en de gezanten Van Haren (1749-1768) en Geelvinck (1768-1773). Het gaat hierbij om ondermeer correspondentie, extractresoluties van de Staten-Generaal en kopieresoluties van de Staten-Generaal, nouvelles en bijlagen, ingekomen stukken van Staatse Militairen en omringend personeel, stukken betreffende de huishoudelijke zaken van de ambassade en van het Staatse leger in de Oostenrijkse Nederlanden, stukken betreffende opgebrachte en vergane schepen en van de protectie van particulieren.

Archiefvormers:

  • Legatie Oostenrijkse Nederlanden

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Verantwoording van de bewerking

In de negentiende eeuw werden alle archieven en archiefbestanddelen die van gezanten in de Zuidelijke Nederlanden afkomstig waren en die in de loop van de jaren door het Rijksarchief werden verworven met elkaar tot het zogenaamde legatiearchief Zuidelijke Nederlanden samengevoegd. De belangrijkste bestanddelen waren het secretariaatsarchief Travest en de archieven van het gezantschap in Brussel die in 1854 waren overgedragen. Ook de geëxhibeerde verbalen uit het archief van de Staten-generaal vonden in deze collectie een plaats. Bovendien werden er archieven en archiefbestanddelen aan toegevoegd die als onderdeel van particuliere en familiearchieven of als losse aanwinst in de loop van de jaren door het Rijksarchief waren verworven en die afkomstig waren van onder anderen de gezanten Johan van den Bergh, buitengewoon gedeputeerde tijdens de Spaanse Successieoorlog in de Zuidelijke Nederlanden van 1707 tot 1716, Van Assendelft, gezant in Brussel van 1729-1740 en daarna gezant in Kopenhagen, en Hendrik Hop, gezant in Brussel van 1773 tot 1794. Bij de laatste inventarisatieoperatie werd het legatiearchief van alle latere toevoegingen ontdaan. Thomassen verwijderde in 1985 het persoonsarchief van Van den Bergh. In het jaar daarop maakte hij op dit archief een plaatsingslijst. ( T.H.P.M. Thomassen, Plaatsingslijst van het archief van Johan van den Bergh (1664-1775) (Den Haag 1986) ) Pennings verwijderde de stukken die oorspronkelijk hadden behoord tot het persoonlijk archief van de gezant Van Assendelft en herenigde ze met de bijbehorende stukken die in de negentiende eeuw aan het legatiearchief Denemarken waren toegevoegd, op basis van de nummering die Van Assendelft zelf op de stukken had aangebracht. Voor het aldus gereconstrueerde persoonsarchief maakte zij in 1990 een nieuwe inventaris. ( J.C.M. Pennings, Inventaris van het archief van Willem van Assendelft (1693-1740) (Den Haag 1990) ) Alleen de stukken die van Van Assendelft in Brussel had achtergelaten - voornamelijk dossiers - en die herkenbaar waren aan de combinatie van de Travest- en de Van Assendelft-nummering - bleven in het secretariaatsarchief Travest achter. Ook verwijderde zij de stukken die destijds uit het verstrooide familiearchief Hop naar het legatiearchief waren overgebracht. Alleen de weinige stukken van Hop die in 1854 door Buitenlandse Zaken waren overgedragen, liet zij daar achter. Het gereconstrueerde archief van Hendrik Hop werd in 1988 door Mirjam Heijs geïnventariseerd. Pennings nam deze inventaris op in de door haar vervaardigde inventaris van het familearchief Hop. ( Mirjam Heijs en Joyce Pennings, Inventaris van het familiearchief Hop (1464) ca 1660-1807 (Den Haag 1988) ) In 1989 tenslotte voltooide Pennings de inventaris van het eigenlijke legatiearchief. Daarin werden niet alleen de stukken in opgenomen die in 1854 werden overgedragen, maar ook het secretariaatsarchief Travest, dat men al in 1752 met de andere gezantschapsarchieven had willen verenigen. Onderzoek in het archief van de Staten-Generaal bracht overigens nog een paar in dat archief achtergebleven bestanddelen aan het licht. Die bestanddelen konden worden opgespoord dank zij de lijst die Van Kinschot in 1752 van de stukken had gemaakt, en die verwees naar nummers die Travest destijds op de stukken had aangebracht. Bij controle van deze lijst bleek, dat alleen de nummers 28-68 naar de legatiearchieven waren overgebracht. Van de overige nummers konden de nummers 17, 19 en 20 nog in het archief van de Staten Generaal worden getraceerd. Deze stukken werden naar het in deze inventaris beschreven archief overgebracht en kregen de inventarisnummers 1-3.

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in