gahetNA in het Nationaal Archief

Eijck van Zuylichem

3.20.86
G.M. van Aalst
Nationaal Archief, Den Haag
(c) 2005

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

Familiearchief Eijck van Zuylichem
Eijck van Zuylichem

Periode:

1669-1947

Omvang:

0.9 meter; 226 inventarisnummers

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het familiearchief is verdeeld in een persoonlijk en een zakelijk deel. De stukken van persoonlijke aard betreffen de genealogie, het familieleven, loopbaan en nalatenschappen van de diverse leden van de familie. Het zakelijke gedeelte bevat o.a. stukken betreffende de buitenplaats Eijkenstein en de heerlijkheid Zuilichem.

Archiefvormers:

  • Eijck van Zuylichem

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

De familie Eijck van Zuylichem is, voor zover bekend, afkomstig uit Holland. De oudst bekende voorvader, Maurits Jacobsz. Eijck, was bij zijn huwelijk in 1669 te Maassluis bekend als jongeman van Delft. Een doopaantekening is echter nooit aangetroffen. Blijkens familieaantekeningen van Jan Cornelisz. Fortuijn werd hij geboren op 22 februari 1643 (

De oudst bekende gegevens van de familie Eijck berusten, naast archiefonderzoek, alle op deze aantekeningen. Zie inv.nrs. 22 en 198.

). Na een bestaan als visser en zeilmaker vertrok hij in 1677 naar Indië. Hij werd opperstuurman, later schipper, en eindigde zijn loopbaan aldaar als commandeur en equipagemeester.

Zijn enige zoon, Hendrik, ontving zijn opvoeding in Holland en studeerde rechten aan de Universiteiten van Leiden en Harderwijk. Hij vestigde zich in Utrecht en was onder meer raadsheer in den Hove van Utrecht en muntmeester van het Land van Utrecht. Ook zijn nakomelingen slaagden erin vooraanstaande posities te verwerven onder andere als lid van de vroedschap van Utrecht.

Adriaan Hendrik Eijck en diens zoon Maurits Jacob waren in stad en land van Utrecht bekende patriotten. Van 1787 tot 1795 leefden zij als ballingen, hoofdzakelijk in Frankrijk (

Zie inv.nrs. 48, 71 en 74.

).

Frans Nicolaas Marius Eijck van Zuylichem is bekend geworden door zijn grote belangstelling voor architectuur (

Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, dl. III, kolom 516. Zijn voornamen staan daar niet juist vermeld.

). Op zijn reizen door het land bestudeerde hij oude gebouwen, als kerken, kastelen en verdedigingswerken, waar niemand zich in die tijd om bekommerde, en publiceerde daarover (

Zie onder andere in de Berigten van het Historisch Genootschap te Utrecht, Tweede deel, eerste stuk, 1849 blz. 67 e.v., waar hij een kort overzicht publiceerde van de bouwtrant der middeleeuwse kerken in Nederland. Dit overzicht werd in 1851 in de Kronijk van het Historisch Genootschap te Utrecht aangevuld.

)
. Blijkens een publicatie in deze inventaris deelde hij deze belangstelling met zijn vader (

Zie inv.nr. 93.

)
.

Veel leden van de familie Eijck van Zuylichem hebben getracht om de herkomst van hun voorvader Maurits Jacobsz. Eijck te achterhalen. Een uitzondering was Hendrik Eijck die, blijkens een aantekening van zijn kleinzoon Maurits Jacob, "geen lust had zulks op te spooren als zijnde meer overgegeven aan de studiën .." (

Zie inv.nr. 1 fo 1 recto.

).

In 1777 kocht Adriaan Hendrik Eijck de buitenplaats Eijkenstein onder Maarssen, die door hem en zijn zoon werd verfraaid en uitgebreid (

Zie inv.nr. 178 blz. 2 en verder.

). Maurits Jacob stichtte daar in 1811 het familiegraf, dat hij bij testament vermaakte aan de kerk van Maartensdijk "voor het geval deze uit de familie Van Eijck mogt geraken" (

Zie inv.nr. 178 blz. 42 en 43.

)
.

In 1818 kocht hij de heerlijkheid en het kasteel van Zuilichem in de Bommelerwaard, waardoor de familienaam Eijck gewijzigd werd in Eijck van Zuylichem. Deze goederen werden door zijn kleinzoon, W.G.M. Eijck van Zuylichem, verkocht. (

Zie voor een overzicht van de geschiedenis van de heerlijkheid en het kasteel: A.J. van der Aa, Aardrijkskundig Woordenboek, dl. 13, Gorinchem 1851, blz. 376-479, waar ook de restauraties aan het kasteel door Maurits Jacob Eijck worden gememoreerd.

)Ook de buitenplaats Eijkenstein is in andere handen overgegaan.

Geschiedenis van het archiefbeheer

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Converts capital HTML tags to lower case HTML tags e.g. <A> to <a>.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in