gahetNA in het Nationaal Archief

Rechtbank Dordrecht, 1940-1949

3.03.12.03
Alfonso Ros Wiese
Nationaal Archief, Den Haag
2000
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

3.03.12.03
Auteur: Alfonso Ros Wiese
Nationaal Archief, Den Haag
2000
CC0

Periode:

1935-1951
merendeel 1940-1949

Omvang:

36,00 meter; 324 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands

Soort archiefmateriaal:

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief bevat de processen-verbaal, vonnissen en dossiers van de strafzaken, hoofdzakelijk misdrijven. Strafzaken die bij de officier van Jusititie worden aangemeld krijgen een parketnummer, als de zaken voor de rechtbank komen krijgen ze ook een rolnummer. De burgerlijke zaken zijn onderverdeeld naar procesgang in dagvaardingen en rekesten. Van de dagvaardingen zijn er audiëntiebladen, vonnissen en processtukken, van de rekesten zijn er de beschikkingen. Onder de burgerlijke zaken vallen: geldvorderingen boven een bepaald bedrag, maar ook faillissementen, ondertoezichtplaatsingen, echtscheidingen, bezoekregelingen en curatele zaken. De rechtbank bewaart ook diverse akten, zoals de akten van depot, betreffende nalatenschappen, afstand van gemeenschap van goederen en de verkoop van schepen. Het archief bevat tevens huishoudelijke en griffiezaken, zoals vergaderstukken.

Archiefvormers:

  • Arrondissementsrechtbank te Dordrecht 1940-1949

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Selectie en vernietiging

Verantwoording van de bewerking

Ordening van het archief

Wenken voor het onderzoek in de archieven
Procudures strafzaken

Het begin van iedere strafzaak lag niet bij de rechtbank, maar bij een opsporingsambtenaar die een proces-verbaal opmaakte en dit vervolgens naar het parket van het Openbaar Ministerie zond.

Bij het parket werd de zaak ingeschreven in de parketregisters, waarbij de zaak een parketnummer kreeg.

De Officier van Justitie (OvJ) had nu, rekenend houdend met de ernst van het strafbare feit, drie mogelijkheden de zaak af te doen, te weten de zaak te seponeren, een transactie aanbieden of de zaak voorleggen aan de rechter.

Indien de zaak werd voorgelegd aan de rechter werden de stukken die betrekking hadden op deze zaak, overgedragen aan de strafgriffie van de arrondissementsrechtbank en werd ingeschreven op de rol van strafzaken ( inv. nrs. 5 - 8 ). Behalve het parketnummer kreeg het strafdossier nu ook een numeriek rolnummer. Naast de inschrijving in het rolboek werd de zaak ook ingeschreven in een alfabetische klapper op de strafzaken ( inv. nr. 334 )

Het kon zijn dat de OvJ of de rechter na het politie-onderzoek ook nog eens een gerechtelijk vooronderzoek nodig achtte. Zij hadden de mogelijkheid, voorafgaand aan de behandeling ter terechtzitting, de rechter-commissaris een dergelijk onderzoek naar het strafbare feit te laten instellen.

Na de terechtzitting volgde een vonnis of had men de mogelijkheid de zaak aan te houden voor nader onderzoek. Indien de zaak werd aangehouden, werd een proces-verbaal van het onderzoek ter terechtzitting opgemaakt. Na dit onderzoek volgde een eindvonnis ( inv. nrs 12 - 69 ) en was de OvJ met de ten uitvoerlegging van dit vonnis belast.

Tegen het vonnis kon binnen veertien dagen na uitspraak hoger beroep worden aangetekend en volgde een verdere behandeling bij het gerechtshof.

Contentieuze zaken: dagvaardingsprocedure

Een procedure begon meestal met een dagvaarding. Dit was een authentieke akte, opgesteld door een deurwaarder of een procureur, namens de eiser. Zij werd door een gerechtsdeurwaarder aan gedaagde betekend (aan diens woonhuis uitgebracht).

Het doel van de dagvaardig was tweeledig:

  1. Een oproep voor de gedaagde om ter rechtzitting te verschijnen
  2. Een kennisgeving aan de gedaagde van de eis.

De dagvaarding werd bij de griffie van de rechtbank op de rol ingeschreven en de zaak kreeg hierdoor een rolnummer. De rol, het audiëntieblad werd samen met de uitgesproken vonnissen ingebonden. (inv. nrs. 221 - 243).

Nadat men de zaak op deze manier had vastgelegd, voorzag men deze ook nog van een aantal neveningangen, zoals de rolklappers (inv. nr. 117), waarin men op alfabetische volgorde namen van de partijen noteerde en de rolkaarten (inv. nrs 110 - 116). De rolkaarten geven een chronologisch overzicht van de verschillende rechtshandelingen die betrekking hebben op een zaak weer.

Behalve door een eindvonnis kon een zaak ook beëindigd worden, doordat de partijen onderling tot een vergelijk kwamen en verzochten de zaak te royeren.

Voluntaire zaken: rekestprocedure

Niet alle procedures begonnen met een dagvaarding. Dit kon ook gebeuren door het indienen van een verzoekschrift (rekest).

De oproeping van de tegenpartij geschiedde dan in opdracht van de rechter door de griffier. De rechter bepaalde dan zelf op welke terechtzitting de zaak behandeld zou worden. Bepalingen in het Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, het Wetboek van Koophandel, Faillissementswet en Krankzinnigenwet schreven deze rechtsgang zelfs voor.

Vaak had een rekestprocedure ook zijn vervolg in een dagvaardingsprocedure, bijvoorbeeld:

  1. Een verzoek om een procedure kosteloos te mogen voeren (gratis admissie)

Tot 1971 bepaalde de wet dat de rechter slechts het huwelijk mocht ontbinden, wanneer één van de partners zich aan een bepaalde misdraging, bijvoorbeeld overspel, schuldig had gemaakt. De wet ging er dus vanuit dat één van de partners schuld aan het mislukken van het huwelijk moest hebben. Met de uitspraak die men in een rekestprocedure beschikking noemde, startte men na toestemming een dagvaardingsprocedure. Een verzoekschrift dat op de griffie werd ontvangen, werd chronologisch ingeschreven in een register (inv. nrs. 197 - 198). Naast dit rekestenboek waarin verschillende zaken door elkaar stonden, was er ook een rekestenklapper op namen van partijen (inv. nrs. 195 - 196). Deze stonden in alfabetische volgorde.

De beschikkingen zijn niet zoals de vonnissen apart gearchiveerd, maar zijn een onderdeel van de stukken (inv. nrs. 199 - 216).

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in