gahetNA in het Nationaal Archief

Hof van Holland

3.03.01.01
M.C. le Bailly, P.J.M. van den Heuvel et al.
Nationaal Archief, Den Haag
2008
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

3.03.01.01
Auteur: M.C. le Bailly, P.J.M. van den Heuvel et al.
Nationaal Archief, Den Haag
2008
CC0

Periode:

1428-1811

Omvang:

592,60 meter; 11696 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Oud-Nederlands; enkele stukken zijn in het Frans of in het Latijn gesteld.

Soort archiefmateriaal:

Normale handgeschreven en gedrukte teksten. De Nederlandstalige stukken van vóór ca. 1700 zijn geschreven in het gotische cursiefschrift, met name in de oud-Hollandse klerkencursief.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het Hof van Holland had in de vijftiende eeuw taken op het gebied van het bestuur, de wetgeving en de rechtspraak in Holland, Zeeland en West-Friesland. De rechtsprekende taak van het Hof werd in eerste aanleg gevormd door die zaken die voorheen in de grafelijke rechtspraak werden berecht, zoals: inbreuken op de rechten van de landsheer en het landsheerlijk gezag, misdrijven en correctie van landsheerlijke ambtenaren, muntzaken, de bescherming van geestelijken, vreemdelingen en de zogenoemde personae miserabiles. In hoger beroep oordeelde het Hof over de uitspraken van lokale rechtbanken in burgerlijke zaken. Van het Hof kon men, in de periode vóór de Opstand, in beroep gaan bij de Grote Raad van Mechelen. Door inperking van de bestuurlijke bevoegdheden van het Hof, met name na de Opstand, bleef de rechtspraak als hoofdtaak van het Hof over.
De stamreeks van het archief wordt gevormd door de memorialen. Hieruit zijn in de loop der tijd andere reeksen afgescheiden, zoals de sententieregisters, waarin de vonnissen werden opgetekend. Daaruit kwamen vervolgens andere reeksen voort zoals de registers van de procureur-generaal, de quaetclappen en de presentatieboeken. Vanaf het begin van de 17e eeuw werden de eigen besluiten van het Hof afgesplitst uit de memorialen en opgetekend in resolutieboeken.
Eigenlijk niet tot het archief behorende zijn de zogenaamde proceszakken met daarin processtukken van partijen die voor het Hof procedeerden. Normaal gesproken werden deze na afloop van een proces opgehaald door de procureurs, maar dat gebeurde lang niet altijd. Het archief van het Hof van Holland is tamelijk compleet bewaard gebleven.

Archiefvormers:

  • Hof van Holland, Zeeland en West-Friesland, 1428-1798
  • Hof van Justitie van Holland en Zeeland, 1798-1803
  • Hof van Justitie van Holland, 1803-1811
  • Commissie tot afdoening der zaken van de Consignatiekas van het voormalige Hof van Justitie van Holland, 1814-1842

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

    • Een van de bestuurlijke taken van het Hof van Holland was de controle op de benoemingen van magistraten, dorpsgerechten en gerechtelijke officieren (zoals schouten en baljuws) in het graafschap. Daarom hield het Hof een administratie bij van die benoemingen. Tot 1640 werden de nominaties niet in een boek geregistreerd maar aan liassen geregen, gesorteerd op naam van de betreffende steden en plaatsen. Losse stukken op naam van de plaatsen worden wel in de huidige inventaris genoemd, maar zijn steeds onvolledig. Vanaf 1640 werden deze nominaties ook in een register bijgehouden (inv.nr. 5981).

    • De Sociëteit van 's-Gravenhage die in 1587 werd opgericht, bestond uit leden van de Gecommitteerde Raden, van de Hoge Raad, van het Hof van Holland en de magistraat van Den Haag. De Sociëteit was in eerste instantie in het leven geroepen met oog op het opstellen van een gemeenschappelijk financieel en fiscaal beleid op het grondgebied van Den Haag. Vanaf het midden van de zeventiende eeuw kreeg zij ook steeds meer overheidstaken, bijvoorbeeld op het gebied van veiligheid, openbare werken, gezondheidszorg, armenzorg, etc.

    • Een van de bestuurlijke taken van het Hof van Holland was het toezicht op de dijken, sluizen en waterwegen in Holland en Zeeland. Onder deze bevoegdheid viel bijvoorbeeld ook het afhoren van de rekeningen van het Hoogheemraadschap Rijnland. Daarom zijn in het Hofarchief ook die rekeningen achtergebleven. Van iedere afgehoorde rekening ging een zogenaamd rendants exemplaar terug naar het Hoogheemraadschap Rijnland, die er nog steeds bewaard worden (toegangsnummer 1.1.1, inventaris online beschikbaar als Oude Archieven van het hoogheemraadschap van Rijnland (O.A.R.). In deze rubriek worden de rekeningen opgenomen die voorheen onder toegang 3.03.01.05 werden beschreven.

  • In deze rubriek zijn stukken ondergebracht die afkomstig zijn uit de sterfhuizen van raadsheren van het Hof van Holland. Stukken die duidelijk in een bepaalde serie thuis horen, zijn weer op de betreffende plaats ingevoegd.

  • open7. Varia
  • Het archief van de Commissie tot afdoening der zaken van de Consignatiekas van het voormalige Hof van Justitie van Holland maakt geen deel uit van het archief van het Hof van Holland en is hier opgenomen als gedeponeerd archief. De commissie is ingesteld bij Soeverein besluit van 18 mei 1814, met als leden drie raadsheren van het Hooggeregtshof der Vereenigde Nederlanden. Secretaris van de commissie werd de griffier van het Hooggerechtshof, voorheen griffier van het Hof van Justitie (Hof van Holland). In 1842 beëindigde het laatst overgebleven lid zijn werkzaamheden.

    Het archief is al in 1842 overgedragen aan het Rijksarchief.

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
CAPTCHA
Deze vraag is om te testen of u een menselijke bezoeker bent en om geautomatiseerde spam te voorkomen.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in