Reijden, van der
- Archiefinventaris
- Inleiding
- Inventarisnummers
- Bestanden
- Alle scans (0)
2.21.381
I.C. Kolen, Bureau Voorzee
Nationaal Archief, Den Haag
(c) 2011
Beschrijving van het archief
Naam archiefblok:
J.P. van der Reijden [levensjaren 1927-2006]
Reijden, van der
Periode:
1939-2003
merendeel (1945) 1939-2003(2004)
Omvang:
8,10 meter; 374 inventarisnummers.
Taal van het archiefmateriaal:
Het merendeel der stukken is in het Nederlands
Soort archiefmateriaal:
Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.
Archiefbewaarplaats:
Nationaal Archief, Den Haag
Samenvatting van de inhoud van het archief:
J.P. van der Reijden werd als relatieve buitenstaander staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur in het eerste kabinet-Lubbers (1982-1986). Daarvoor en daarna was hij voornamelijk werkzaam bij organisaties van de (buitenlandse) handel, de volksgezondheid en de omroep. Het archief van Van der Reijden (CDA) heeft voornamelijk betrekking op zijn openbare leven. De stukken omvatten onder meer correspondentie, teksten van artikelen en redevoeringen, knipsels van perspublicaties en andere documentatie, ambtelijke stukken en vergaderstukken van zijn vele nevenfuncties. De voornaamste onderwerpen van bemoeienis betreffen: de gezondheidszorg en de financiering daarvan, ziektekostenverzekeringen (o.a. Het Zilveren Kruis), de groothandel en exportbevordering, het omroepwezen (NOS en Veronica, zowel publiek als commercieel), de sport (o.a. Feyenoord en NOC*NSF) en de lokale politiek in Oegstgeest en Valkenburg. De stukken over het persoonlijk leven hebben in het bijzonder betrekking op zijn studie economie in Rotterdam.
Archiefvormers:
- Reijden, J.P. van der, 1927-2006
Archiefvorming
Geschiedenis van de archiefvormer
Beknopte biografie
Johannes Piet (Joop) van der Reijden werd op 7 januari 1927 te Leiden geboren. Zijn ouders hadden een wasserij waar hij als kind nog voor heeft gewerkt. Hij bezocht in Leiden een christelijke lagere school en vervolgens de Christelijke Hogere Burgerschool. In juni 1945 kreeg hij een getuigschrift, zonder examen te hebben gedaan (die waren in de chaotische tijd rond de bevrijding niet afgenomen).
Van der Reijden begon aan een studie scheikunde, maar stapte spoedig over naar economie, aan de Nederlandse Economische Hogeschool in Rotterdam. Zijn eerste werkkring, na de vervulling van de dienstplicht, was bij de Federatie van door Verzekerden en Medewerkers bestuurde Ziekenfondsen (VMZ). Die functie bracht hem in aanraking met de sfeer van de ziektekostenverzekeringen en de volksgezondheid, waarin hij lange tijd in meerdere of mindere mate werkzaam zou zijn.
In 1960 ging Van der Reijden werken voor het bedrijfschap voor de handel in vee, maar daarnaast werd hij bestuurslid (later voorzitter) van de ziektekostenverzekeraar Het Zilveren Kruis. In de jaren 1970 en begin 1980 vervulde hij ook andere nevenfuncties in dezelfde sfeer. Zijn hoofdfunctie veranderde in 1967 door de overstap naar het Verbond van de Nederlandse Groothandel, waarvan hij ruim veertien jaar (algemeen) secretaris was. Over de groothandel begon hij ook een proefschrift, dat onvoltooid bleef.
In 1982 werd Van der Reijden, op dat moment enige maanden werkzaam bij de werkgeversorganisatie VNO, door W.J. Deetman benaderd met de vraag of hij staatssecretaris van Volksgezondheid wilde worden in het eerste kabinet-Lubbers. Die vraag kwam onverwacht, omdat hij nauwelijks politieke ervaring had. Hij was alleen gemeenteraadslid in zijn woonplaats Oegstgeest, overigens zonder veel enthousiasme. Binnen het CDA had deel uitgemaakt van de commissie voor het verkiezingsprogram van 1981. Ondanks zijn geringe ervaring stemde hij toe.
Van der Reijden werd staatssecretaris op het nieuwgevormde departement Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (WVC). Hij had een zware portefeuille met volksgezondheid, sport en delen van welzijn (onder andere verzetsdeelnemers). Ook kreeg hij de moeilijke opdracht om binnen vier jaar drie miljard gulden te bezuinigen op de gezondheidszorg - het terugdringen van de collectieve lasten was immers het hoofddoel van het kabinet-Lubbers. Van der Reijden haalde die doelstelling mede door een (beperkte) wijziging van het stelsel van ziektekostenverzekeringen en door de invoering van de 'medicijnenknaak' voor ziekenfondspatiënten, de verplichte eigen bijdrage van f. 2,50 voor geneesmiddelen. Op welzijnsgebied bracht hij onder meer uitkeringen tot stand voor burgerslachtoffers van oorlogsgeweld 1940-1945 en een buitengewoon pensioen voor het Indisch verzet. Op sportgebied maakte hij zich sterk voor de kandidatuur van Amsterdam voor de Olympische Spelen van 1992, die echter werden toegewezen aan Barcelona.
Na de eerste termijn als staatssecretaris bleek er voor de succesvolle, maar onorthodox opererende Van der Reijden om verschillende redenen geen functie beschikbaar in het kabinet-Lubbers II. Hij zocht zijn heil buiten de landelijke politiek en ontplooide een veelheid aan activiteiten op het gebied van de gezondheidszorg (onder meer als interim-manager bij het Leyenburg Ziekenhuis in Den Haag), de ziektekostenverzekeringen, welzijn en de sport (in het bijzonder als adviseur en interim-manager bij de voetbalclub Feyenoord). Daarnaast aanvaardde hij een commissariaat bij de Vuil Afvoer Maatschappij. Ondanks zijn eerdere ervaring ging hij opnieuw in de lokale politiek en werd hij raadslid en wethouder in Oegstgeest. En passant schreef Van der Reijden ook nog een boek over de volksgezondheid en de bekostiging daarvan.
Zijn hoofdtaak lag echter sinds 1987 in Hilversum, bij de omroep. In dat jaar werd hij voorzitter van de Nederlandse Omroep Stichting (NOS), waarbij hij leiding gaf aan de afsplitsing van het Nederlands Omroepproductie Bedrijf (NOB). In 1990 verraste hij vriend en vijand door over te stappen naar Veronica. Onder zijn voorzitterschap verliet de Veronica Omroep Organisatie in 1995 het publieke bestel en ging commercieel door als onderdeel van de Holland Media Groep. Hier stapte Veronica in 2001 weer uit, waardoor zij tijdelijk een omroepvereniging zonder tv-zender werd. Dat jaar trad Van der Reijden af als voorzitter.
Zijn laatste baan was de waarneming van het burgemeesterschap van de gemeente Valkenburg in Zuid-Holland, die op termijn opgeheven zou worden. Opmerkelijk genoeg was hij al 73 jaar oud toen hij in 2001 werd benoemd. In deze functie heeft hij zich onder andere ingezet voor het openhouden van het marinevliegkamp Valkenburg. Ook schreef hij in deze jaren het eerste deel van zijn memoires, gewijd aan zijn hoofdfuncties. Geplande vervolgdelen over de vele nevenfuncties en over zijn tijd in Valkenburg kwamen er niet door zijn overlijden begin 2006, op 79-jarige leeftijd. Van der Reijden werd herdacht als een rasbestuurder, een 'onafhankelijke banenvreter' en een 'netwerker bij uitstek'.
In jaartallen
| 1927 | geboren te Leiden, 7 januari |
| 1939-1945 | Christelijke Hogere Burgerschool te Leiden (hbs-B) |
| 1945-1946 | studie scheikunde te Leiden |
| 1947-1954 | studie economie aan de Nederlandse Economische Hogeschool te Rotterdam |
| 1954-1956 | militaire dienst |
| 1957-1960 | gedelegeerde van de Federatie van door Verzekerden en Medewerkers bestuurde Ziekenfondsen |
| 1960-1967 | adjunct-secretaris van het Bedrijfschap voor de handel in vee |
| 1968-1982 | secretaris, later algemeen secretaris van het Verbond van de Nederlandse Groothandel |
| 1978-1982 | lid van de gemeenteraad van Oegstgeest |
| 1982 | directeur Sociale zaken van het Verbond van Nederlandse Ondernemers (VNO) |
| 1982-1986 | staatssecretaris van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur, belast met o.a. volksgezondheid en sport |
| 1986-1987 | interim-directeur van het Leyenburg Ziekenhuis te Den Haag |
| 1988-1990 | voorzitter van de Nederlandse Omroep Stichting (NOS) |
| 1990-1993 | lid van de gemeenteraad van Oegstgeest en wethouder van financiën, sport, recreatie en economische zaken |
| 1990-2001 | voorzitter van Veronica |
| 2001-2006 | waarnemend burgemeester van Valkenburg (ZH) |
| 2006 | overleden te Nieuwegein, 3 februari |



Reacties