gahetNA in the National Archives

Plas, van der

2.21.266
M.G.H.A. de Graaff, A.M. Tempelaars
Nationaal Archief, Den Haag
1989
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.21.266
Auteur: M.G.H.A. de Graaff, A.M. Tempelaars
Nationaal Archief, Den Haag
1989
CC0

Periode:

1941-1973
merendeel 1942-1972

Omvang:

1,80 meter; 252 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands. Een klein gedeelte is gesteld in talen als het Engels, het Arabisch en het Indonesisch.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften. Het archief bevat enkele kaarten en foto's.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief van Ch. O van der Plas bevat stukken betreffende het bestuur van Nederlands-Indië tijdens de Japanse bezetting en na de bevrijding, stukken betreffende de oorlogsvoering en propaganda zoals nota's betreffende de objecten die gespaard moeten blijven van geallieerde bombardementen en briefwisselingen met diverse legeraanvoerders. Daarnaast bevat het archief veel stukken betreffende de situatie in Nederlands-Indië na de bevrijding en de daaropvolgende crisis zoals situatierapporten en stukken van militaire aard. Tenslotte bevat het archief ook stukken betreffende zijn werkzaamheden voor de Food and Agricultural Organisation van de Verenigde Naties bij diverse ontwikkelingsprojecten.

Archiefvormers:

  • Ch. O. van der Plas, 1891-1977

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Levensloop

Charles Olke van der Plas, geboren in 1891 en overleden in 1977 (

Geboren 15 mei 1891 in Buitenzorg als zoon van Charles Olke van der Plas en jkvr. C.C.E. Clifford Kocq van Breugel; overleden 7 juni 1977 in Zwolle. Biografische gegevens afkomstig uit het archief van het Ministerie van Koloniën, Stamboeken van Oost-Indische Ambtenaren, deel P1 pag. 251 en 776 en deel S1 pag. 417; zie tevens het Nieuw Nederlands Biografisch Woordenboek, deel 2.

), heeft zich zijn leven lang met grote hartstocht ingezet voor een goed en rechtvaardig bestuur en voor de verheffing van de "kleine man". Hij kan gezien worden als een van de meest illustere figuren in het krachtenspel, dat uiteindelijk leidde tot de onafhankelijkheid van Indonesië, maar ook daarna bleef hij zich aktief inzetten voor zijn idealen.

Na het behalen van het examen voor de Nederlands-Indische bestuursdienst aan de Rijksuniversiteit Leiden was Van der Plas van 1912 tot 1919 als ambtenaar van het Binnenlands Bestuur werkzaam aan diverse opdrachten. In 1919 volgde hij een aanvullende opleiding in Nederland in verband met zijn benoeming tot Nederlands consul in Djeddah. In 1927 werd hij, weer terug op Java, benoemd tot plaatsvervangend adviseur Inlandse Zaken en stond als zodanig in voortdurend rechtstreeks kontakt met de gouverneur-generaal. In de periode 1929 tot 1932 voerde hij diverse opdrachten uit op het terrein van onderwijs en kolonisatie. Hij was van 1932 tot 1936 resident van Cheribon en tevens voorzitter van de Overdrachtscommissie, in het leven geroepen om de machtsoverdracht voortvloeiend uit de decentralisatiepolitiek voor te bereiden.

In 1936 werd hij benoemd tot Gouverneur van Oost-Java, een positie die hij bekleedde tot 1941 toen hij benoemd werd tot lid van de Raad van Indië.

Na de Japanse inval werd hij naar Australië gedetacheerd, waar hij de funktie bekleedde van voorzitter van de Nederlands-Indische Commissie voor Australië en Nieuw-Zeeland. Taken van de Nederlandsch-Indische Commissie (NINDICOM) waren:

  1. Vertegenwoordiging van de Minister van Koloniën als bewindsman en als algemeen bestuurder over Nederlands-Indië.
  2. Bevordering van de oorlogsinspanning ten behoeve van de bevrijding van Indië (inlichtingendiensten, propaganda etc).
  3. Financieel beheer van het Indisch vermogen (vorderingen, aanspraken, handelscommissariaat).
  4. Steunverlening aan Nederlandse onderdanen.
  5. Het geven van voorlichting.
  6. Het behartigen van Reconstructie Zaken.
  7. Bevordering van de burgerlijke scheepvaart en luchtvaart

Van der Plas was als zodanig direkt betrokken bij de voorbereidingen voor een herstel van het Nederlands gezag in Indië. In 1944 bij de heroprichting van de Nederlands-Indische regering in ballingschap werd Van der Plas benoemd tot direkteur Binnenlands Bestuur. In augustus en september 1945 voerde hij namens de Indische regering de besprekingen met de Britse legerleiding (South-East Asia Command) over de bevrijding van Java. In oktober 1945 zette hij als Chief Civil Affairs Officer, regeringsadviseur en rechterhand van Van Mook weer voet aan wal op Java. Van der Plas, die diverse Indonesische talen vloeiend beheerste, gold als een Islam-kenner bij uitstek uit hoofde waarvan hij in de periode 1944-1946 tevens optrad als adviseur voor Islamitische Zaken. Van der Plas legde verantwoording af over zijn bestuur gedurende de verhoren afgenomen door de Enquete-Commissie Regeringsbeleid 1940-1945.

Hoewel hij in 1947 pensioengerechtigd was, werd hij aangesteld als regeringscommissaris voor de nieuw bezette gebieden (RECOMBA) in Oost-Java en na de tweede politionele actie vervulde hij de funktie van Territoriaal Bestuursadviseur (TBA) aldaar. Voor de Republiek vormde Van der Plas een reëel gevaar vanwege de grote invloed, die hij op de bevolking wist uit te oefenen.

Na de souvereiniteitsoverdracht heeft hij diverse adviserende funkties uitgeoefend voor de Food and Agricultural Organisation (FAO) van de Verenigde Naties. Van 1951 tot 1952 was hij in dat kader werkzaam in Saoedi-Arabië, van 1956 tot 1958 in Griekenland, van 1960 tot 1961 bij een rijstbouwprojekt in Laos. In de periode 1954 tot 1964 was hij bovendien, tussen de bedrijven door, werkzaam in Gambia voor het daar in gang gezette "community development project", aanvankelijk voor de Verenigde Naties, sinds 1961 voor de Nederlandse Organisatie voor Internationale Bijstand (NOVIB) (

Thans Nederlandse Organisatie voor Internationale Ontwikkelingssamenwerking geheten. De afkorting NOVIB is vanwege naamsbekendheid ongewijzigd gebleven.

). Voor deze organisatie heeft hij tot 1973 -hij was toen 82 jaar- nog veel belangrijk adviseurswerk verricht.

Geschiedenis van het archiefbeheer

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in