Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Coolhaas

2.21.225
A.M. Tempelaars, D.J. Kortlang
Nationaal Archief, Den Haag
2007
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.21.225
Auteur: A.M. Tempelaars, D.J. Kortlang
Nationaal Archief, Den Haag
2007
CC0

Periode:

1905-1991

Omvang:

1,10 meter; 70 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands, enkele stukken zijn in het Maleis

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief van W. Ph. Coolhaas bevat hoofdzakelijk stukken uit zijn ambtsperiode als binnenlands bestuursambtenaar in Nederlands-Indië, als Landsarchivaris van Nederlands-Indië, en als lid van de Vereeniging Ambtenaren B.B, wetenschappelijke correspondentie in verband met zijn onderzoek en publicaties en overdrukken van zijn publicaties.

Archiefvormers:

  • W. Ph. Coolhaas

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Levensloop van W.Ph. Coolhaas

Willem Philippus Coolhaas werd op 2 mei 1889 in Brielle geboren als zoon van Johan Herman Coolhaas en Gerardina Elisabeth Meursingen. Na het behalen van het diploma van de middelbare school koos hij voor de opleiding tot bestuursambtenaar in Leiden, waar hij geschoold werd onder leiding van de bekende adepten van de ethische richting, Snouck Hurgronje en Van Vollenhoven.

In 1921 werd Coolhaas als administratief ambtenaar Binnenlands Bestuur aangesteld in de residentie Ternate en Onderhorigheden met de achtereenvolgende standplaatsen Ternate, Tidore en Batjan. Zijn grote historische belangstelling kwam tot uiting in een rapport, dat hij samenstelde over de genealogie van het Tidorese vorstenhuis en dat de basis vormde voor de regeling van troonopvolging.

In 1925 volgde een kortstondige overplaatsing naar Semarang, waar hij als plaatsvervangend landrechter fungeerde, en tenslotte naar het landschap Manggarai op Flores onderhorig aan de residentie Timor.

Na een verlofperiode van acht maanden in Nederland keerde Coolhaas in 1927 terug naar Indië. Hierna volgden plaatsingen in Tanapoeli (1928-1930 standplaats Padang Sidempoean) en aan de Oostkust van Sumatra (1930-1934, standplaatsen Bindjai en Tebintinggi).

In de laatste functie nam hij geruime tijd - wegens het ontbreken van de betreffende ambtenaar- het assistent-residentschap over de afdeling Langkat waar.

Tijdens het hem toegestane studieverlof (1934-1936) legde hij aan de Universiteit van Utrecht bij professor Gerretson het doctoraal examen geschiedenis en kort daarop behaalde hij tevens de doctorstitel met de dissertatie "Het Regeringsreglement van 1827. Het werk van 1818 aan de ervaring getoetst" (Utrecht, 1936).

Terug in Nederlands-Indië werd Coolhaas begin 1937 benoemd tot lid van de Volksraad en bevorderd tot de rang van assistent-resident.

Gerepatrieerd in 1939 verbleef Coolhaas gedurende de Tweede Wereldoorlog in Nederland, waar hij zich bezig hield met het verzamelen van bronnenmateriaal op het Algemeen Rijksarchief. Dit leidde tot een aanvulling op de grote J.P. Coen-bronnenpublicatie van Colenbrander.

In 1946 keerde hij terug naar Indonesië, werd als ambtenaar ter beschikking gesteld van het hoofd van de Regerings Voorlichtings Dienst en aangesteld bij het Landsarchief te Batavia. Spoedig daarna vond zijn aanstelling als landsarchivaris plaats, terwijl hij tevens werd benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Universiteit van Indonesië. In verband met de machtswisseling heeft Coolhaar er in 1949-1950 erg op aangedrongen, dat voor Nederland belangrijke archiefbestanden, hetzij in orginali, hetzij op microfilm, zouden worden overgebracht naar Nederland. Door de roerige tijdsspanne is van deze plannen evenwel niets uitgevoerd.

Vanaf 1950 was hij gedurende vier jaar verbonden aan het Koninklijk Instituut voor de Tropen in Amsterdam tot zijn benoeming tot hoogleraar aan de Universiteit van Utrecht in 1955 hierop volgde. Zijn leeropdracht betrof de geschiedenis der betrekkingen van Nederlanden en andere landen met de overzeese wereld.

Algemene bekendheid heeft Coolhaas verworven door de vele publicaties van zijn hand. Zijn belangrijkste werk is de bronnenpublicatie van de Generale Missiven van de Gouverneur-Generaal en Raden aan de Heren XVII van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Tussen 1960 en 1979 verschenen zeven volimineuze delen, die een selectie uit de generale missiven bevatten over de periode 1610-1725.

Professor Coolhaas overleed op 12 april 1981 in Bilthoven.

Geschiedenis van het archiefbeheer

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in