gahetNA in het Nationaal Archief

Ned.-Ind. Handelsbank

2.20.68
D.J. Wijmer
Nationaal Archief, Den Haag
2012
(c)

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.20.68
Auteur: D.J. Wijmer
Nationaal Archief, Den Haag
2012
(c)

Periode:

1857-1972
merendeel 1863-1965

Omvang:

112,00 meter; 2750 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief bevat series notulen van vergaderingen van aandeelhouders, van commissarissen, van de directie, correspondentieseries met agentschappen en andere banken, jaarstukken en dossiers. Deze documenten betreffen de organisatie van de bank, de nationalisatie door Indonesié, overname door de Rotterdamse Bank, deelneming in en kredietverlening aan bedrijven, effectenbedrijf, deviezenverkeer en handel in grondstoffen.

Archiefvormers:

  • Nederlands-Indische Handelsbank, 1863-1950
  • Nationale Handelsbank, 1950-1965

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Openbaarheidsbeperkingen

Deels openbaar, deels beperkt openbaar (B) [betreft inv.nr. 2669]. Inzage na machtiging Historisch Archief ABN-AMRO, Postbus 283 (AT0050), 1000 EA Amsterdam

Beperkingen aan het gebruik

Materiële beperkingen

Aanvraaginstructie

Citeerinstructie

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

    • Op de aandeelhoudersvergadering van 10 september 1890 werd besloten tot vorming van een pensioenfonds. Hiervoor werd een bedrag van ƒ 10.000,- afgezonderd en afzonderlijk belegd. Per 31 december 1902 werd de aparte beleggingsregeling opgeheven en werden de fondsen overgedragen aan een commissie van beheer. In november 1923 werd het geheel ondergebracht in de Stichting Pensioenfonds der NIHB. In 1933 werd bij een statutenwijziging de naam gewijzigd in Stichting Pensioen- en Ondersteuningsfonds der NIHB, NV. Bij statutenwijziging van 17 februari 1961 werd de naam gewijzigd in Stichting Sociaal Voorzieningsfonds NHB. De Stichting Pensioenfonds voor het Personeel Nederland van de Nationale Handelsbank werd opgericht per 1 januari 1961. Per 31 december 1966 werd het vermogen overgedragen aan het Pensioenfonds Amsterdam-Rotterdam Bank en werd ook het deelnemerschap beëindigd. De stichting trad daarna in liquidatie.

      • De NV Javasche Cultuur Maatschappij werd op 3 maart 1890 op initiatief van M.J. Boissevain opgericht met als doel de exploitatie van de suikerfabrieken Bandjardawa, Perning, Djaboeng, Bagoe en Pesantren en van de koffieondernemingen Kroewoek en Rataredjo. Deze fabrieken en ondernemingen waren daarvóór eigendom van G. von Bültzingslöwen, die in 1889 was overleden. Medeoprichters waren H.H. Beels, N.P. van den Berg, H.D. Kramer, A.D. de Marez Oijens, W. von Bülzingslöwen, P. Salm en H. Berkhoff. N.P. van den Berg werd tot directeur benoemd. Na zijn benoeming tot president van De Nederlandsche Bank werd hij opgevolgd door H.D. Kramer, directeur van de NILM. In 1901 werd deze opgevolgd door W.F. van Heukelom. De behartiging van de belangen op Java werd toevertrouwd aan een vertegenwoordiger van de NILM, zoals dat al sinds 1885 gebeurde onder de vorige eigenaar. De koffieondernemingen werden in 1906 wegens verlies verkocht. Literatuur: Javasche Cultuur Maatschappij, gedenkschrift uitgegeven ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan op 3 maart 1940.

      • In 1901 werd in Soerabaja de Firma Braat & Co opgericht. Het bedrijf was gespecialiseerd in de productie van machines voor de thee- en suikerindustrie, maar maakte ook andere zaken als scheepsmotoren en oorlogsmatereel. De firma stond aanvankelijk onder leiding van B. Braat. Per 1 juli 1910 werd de firma omgezet in de NV Machinefabriek Braat te Soerabaja. In 1914 vond de oprichting plaats van de NV Rotterdamsche Machinefabriek Braat te Rotterdam, met J.A. Karreman als directeur en de Machinefabriek Braat te Soerabaja als aandeelhouder. B. Braat vertegenwoordigde Braat nu te Rotterdam, terwijl J.J. Braat directeur werd te Soerabaja. In 1909 was al een inkoopkantoor te Rotterdam opgericht onder de naam Technisch Bureau Braat, vanaf 1921 verdergaand als NV Technische Handelsvereniging Braat. De directie werd gevoerd door de Machinefabriek Braat. Van 1916 tot 1921 was het bedrijf gevestigd te New York onder de naam Technisch Bureau Braat Ltd. Daarnaast waren er vestigingen te Tegal (NV Tegalsche Machinefabriek Braat, opgericht in 1915), te Medan (NV Medansche Machinefabriek Braat, opgericht in 1918 en geliquideerd in 1924), te Djokja (overname in 1918 van de NV A. Resink & Co en Fabriek van automatische weegtoestellen, in 1938 buiten gebruik gesteld), te Soerabaja (overname in 1921 van de Eerste Nederlandsch-Indische Moerbouten en Klinknagelfabriek, Braat was een van de oprichters) en te Sukabumi (overname van de NV Technisch Bureau van Assendelft de Coningh in 1929). De NIHB was vanaf 1917 vertegenwoordigd in de Raad van Commissarissen van Braat. Vanaf 1922 was Braat een dochteronderneming. Zie voor tekeningen ook inv.nr 744 in rubriek A.1.3.1.2.

      • openB.3.4. Overige

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in