Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.

Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Marinecommandant Australië

2.12.26
H.E.M. Mettes, W.S.A. de Ruijter
Nationaal Archief, Den Haag
2000
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.12.26
Auteur: H.E.M. Mettes, W.S.A. de Ruijter
Nationaal Archief, Den Haag
2000
CC0

Periode:

1942-1947

Omvang:

10,00 meter; 218 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands, een klein deel is in het Engels.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief bevat rapporten over de evacuatie, rapporten over de verrichtingen van de schepen (Heemskerck, Tromp, Van Galen, Tjerk Hiddes, onderzeeboten, torpedoboten en mijnenvegers), operaties van de marine rond Nieuw-Guinea (Merauke, Biak, Hollandia), rapporten over de situatie in Nederlands-Indië tijdens de Japanse bezetting (waaronder stukken van de Netherlands Forces Intelligence Service, NEFIS), stukken betreffende Nederlandse krijgsgevangenen, rapporten over de Nederlandse marine in Australië, contacten met de geallieerde strijdkrachten, personele kwesties (onderscheidingen en decoraties) en de voorbereidingen voor de opbouw van een militair bestuur in Nederlands-Indië (= civil-affairs afdeling). Tenslotte is er gedeponeerd archief in het archief van de Marinecommandant Australië: archief van de Royal Netherlands Navy Liaison Officer te Sydney,de commandant van de onderzeebootdienst te Perth en archief van de Hr. Ms. O 19 (1943).

Archiefvormers:

  • Ministerie van Marine, Marinecommandant Australië

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Instructies

( In afschrift zijn deze instructies aanwezig in het archief van de Bevelhebber der Strijdkrachten/Minister van Marine, inv. nr. 65, nr 100/1 ZG 1943. )
Instructie van 1 mei 1943

De bevelhebber strijdkrachten oosten,

Stelt vast de volgende instructie voor den Onderbevelhebber Strijdkrachten Oosten (OBSO).

Artikel 1 De OBSO staat rechtstreeks onder het bevel van den Bevelhebber Strijdkrachten Oosten (BSO) en voert namens dezen het bevel over het in de SWP A gestationeerde deel der Nederlandsche en Nederlandsch-Indische weermacht, met inachtneming van het vermelde onder punt 2.

Artikel 2 Hij heeft indien hij marineofficier/legerofficier is geen bemoeienis met zuiver interne zaken van leger/maritiemen aard. Het in punt 1 bedoelde bevel beperkt zich tot de diensten, welke de geheele weermacht raken en omvat mede de vertegenwoordiging van de weermacht tegenover Nederlandsche en vreemde autoriteiten.

Artikel 3 Onverminderd het bepaalde in de laatste zinsnede van de tweede zin van het vorige punt, heeft hij geen bemoeienis met straf- en tuchtzaken.

Artikel 4 Mochten de ingevolge punt 1 onder zijn bevel gestelde Marine- en Legercommandant in Australië van oordeel zijn dat door den OBSO genomen beslissingen of getroffen maatregelen de uitvoering van hun taak schaadt, dan kunnen zij zich terzake door tussenkomst van den OBSO bij voorkeur schriftelijk of zoo nodig telegrafisch tot den BSO wenden. In dit geval zendt deze laatste de door hem ontvangen brieven of telegrammen door voorzien van zijn opmerkingen.

Artikel 5 De OBSO brengt den BSO een wekelijksch verslag uit over de plaats gehad hebbende oorlogshandelingen en de appreciatie van den toestand, terwijl tevens op den 1 en en 15en van de maand over de dislocatie der Nederlandsche Strijdkrachten een rapport wordt uitgebracht.

De Bevelhebber Strijdkrachten Oosten

(w.g.) C.E.L. Helfrich

Instructie van 1 mei 1943

De bevelhebber strijdkrachten oosten,

Stelt vast de volgende instructie voor den Marine Commandant Australië (MCA).

1 De MCA staat onder rechtstreeks bevel van den OBSO.

2. De MCA voert het bevel over de in de SWP A bevindende inrichtingen der Koninklijke Marine en over de aldaar gestationeerde maritieme strijdkrachten, met inachtneming van het gestelde van de instructie voor den OBSO.

3. Hij vertegenwoordigt de Koninklijke Marine tegenover Nederlandsche en vreemde autoriteiten.

De Bevelhebber Strijdkrachten Oosten

(w.g.) C.E.L. Helfrich

Instructie van 1 mei 1943

De bevelhebber strijdkrachten oosten,

stelt vast de volgende instructie voor den Leger Commandant Australië (L.C.A.)

1. De LCA staat onder rechtstreeksch bevel van den OBSO.

2. De LCA voert het bevel over de onderdeelen van het KNIL in de SWP A met inachtneming van het gestelde in lid 1 van de instructie voor den OBSO.

3. Hij houdt toezicht op de ten behoeve van het leger gedane uitgaven en treedt op als kasinspecteur tav de daarvoor bestemde gelden.

4. Hij vertegenwoordigt het KNIL tegenover Nederlandsche en vreemde autoriteiten.

5. Tav zuiver administratieve zaken het KNIL betreffend, is hij bevoegd rechtstreeks te corresponderen met den Minister van Koloniën.

De Bevelhebber Strijdkrachten Oosten

(w.g.) C.E.L. Helfrich

Colombo, 7 october 1943

Op datum van aankomst in Australië van den generaal-majoor L.H. van Oyen van het wapen der militaire luchtvaart wordt de instructie MCA, zoals die was vastgesteld bij beschikking BSO d.d. 1 mei 1943 no. S5/4/31 gewijzigd zodat die komt te luiden:

Stelt vast de volgende instructie voor den Marine Commandant Australië MCA).

1. De MCA staat onder rechtstreeksch bevel van den BSO.

2. De MCA voert het bevel over de in SWP A bevindende inrichtingen der Koninklijke Marine en over de aldaar gestationeerde maritieme strijdkrachten, met inachtneming van het gestelde in lid 1 van de instructie voor den OBSO.

3. Hij vertegenwoordigt de Koninklijke Marine tegenover Nederlandsche en vreemde autoriteiten.

De Bevelhebber Strijdkrachten Oosten

(w.g.) C.E.L. Helfrich

Op dien datum worden tevens van kracht de hiernevens gaande (nieuwe) "Instructie van den OBSO", en de eveneens hiernevens gaande "Instructie voor den Clg", welke laatste is vastgesteld bij beschikking Minister van Koloniën d.d. 28 augustus 1943, no. 62/L.Cdo. De functie van LCA vervalt alsdan.

Namens de Bevelhebber der strijdkrachten in het oosten de chef van den Staf

(w.g.) L.G.L. van der Kun

Colombo, 7 october 1943

1 Gevolg gevende aan de opdracht van den Minister van Marine no 130/2 ZG 1943 van 6 september 1943 heb ik de eer UhoogEdelgestrenge hiernevens te doen toekomen

a. afschrift van het besluit van den Minister van Koloniën d.d. 28 augustus 1943 no. 62/L.Cdo;

b. afschrift der bij beschikking sub a. vastgestelde instructie voor den commandant der Nederlandsch- Indische Legerstrijdkrachten;

c. de nieuwe instructie voor den OBSO welke door mij is vastgesteld.

2. Van het vermoedelijke tijdstip van aankomst van Generaal van Oyen in Australië zal ik U nader in kennis stellen. Hij begeeft zich eerst naar West-Indië.

3. Bij de aanvaarding der functie van Clg komt tegelijkertijd die van LCA te vervallen.

4. Te allen overvloede zij meegedeeld dat de sub 1 b en c vermelde instructies in overleg met den Minister van Koloniën, den BDZ en met mij zijn ontworpen.

5. Voor den LCA voeg ik een afschrift der sub la, b, c genoemde bescheiden benevens doordruk van dezen brief

6. De nieuwe instructie OBSO wordt van kracht op het tijdstip bedoeld in sub 2.

7. Op ditzelfde - sub 6 -vermelde tijdstip wordt in de thans geldende, op 1 mei 1943 door mij vastgestelde, instructie MCA, lid 1, in stede van OBSO, gesteld: BSO.

No 62/L.Cdo
( Afschrift van deze brief aanwezig in het archief van de Bevelhebber der strijdkrachten in het oosten, inv. nr.77. )

Londen, 28 augustus 1943

De minister van koloniën

uitoefenende het Algemeen Bestuur van Nederlandsch-Indië krachtens Staatsblad C.39;

gelet op:

artikel 32 van de Indische Staatsregeling; overwegende;

dat na het openvallen van de plaats van bevelhebber der Landmacht nog geen opvolger is benoemd en dat het noodig is tijdelijk in de benoeming in de waarneming te voorzien;

heeft goedgevonden:

a. bij het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger, met ingang van den dag zijner aankomst in Australië, te belasten met de waarneming van de functie van Commandant van het Leger en Hoofd van het Departement van Oorlog,

den Generaal-Majoor van het Wapen der Militaire luchtvaart, adjudant ibd van H.M. de Koningin,

L.H. van Oven

b. vast te stellen de hierbij gevoegde instructie voor voornoemden commandant.

Instructie voor den Commandant der Nederlandsch-Indische Legerstrijdkrachten (CLG)

Artikel 1

1. De Clg is, met inachtneming van het sub 2) in dit artikel vermelde, rechtstreeks gesteld onder den (wnd) Gouverneur-Generaal van Nederlandsch-Indië, of, zoolang deze functie niet is vervuld, onder de autoriteit, aan wie het algemeen bestuur in Nederlandsch-Indië is opgedragen.

2. Met betrekking tot het beleid ten aanzien van de onder geallieerde bevelvoering gestelde legerstrijdkrachten, uitsluitend in verband met de krijgsverrichtingen in het Verre Oosten, is de Clg rechtstreeks gesteld onder den BSO (BDZ).

Artikel 2

De Clg bezit, met inachtneming van de thans geldende bijzondere omstandigheden, de bevoegdheden en verplichtingen van den Commandant van het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger en Hoofd van het departement van Oorlog van Nederlandsch-Indië.

Artikel 3

De Clg is belast met de voorbereiding en de uitvoering van de militaire maatregelen, welke mogelijk en noodzakelijk zijn voor het herstel en de handhaving van het Nederlandsche gezag in vrij, en van den vijand te bevrijden, Nederlandsch-Indisch gebied. Hij volgt ter zake de aanwijzingen van de autoriteit bedoeld in artikel 1, sub 1.

Artikel 4

1. In aangelegenheden, niet vallende onder art 1 sub 2), welke mede van belang zijn voor de Koninklijke Marine, pleegt de Clg overleg met den betrokken commandant der zeestrijdkrachten.

2. T.a.v. gemeenschappelijke diensten van de Koninklijke Marine en het KNIL worden v.z.n. afzonderlijke instructies vastgesteld.

De bevelhebber strijdkrachten oosten

Stelt vast de volgende instructie voor den Onderbevelhebber Strijdkrachten Oosten (OBSO)

Artikel 1 De OBSO, met standplaats Australië voert in de SWP A namens den BSO het bevel over de Nederlandsche diensten, instanties, inrichtingen e.d., welke beide onderdeel en der weermacht gezamenlijk betreffen, met inachtneming van de voor bedoelde diensten afzonderlijk vastgestelde instructies

Artikel 2 Hij vertegenwoordigt aldaar de Nederlandsche weermacht als zoodanig tegenover Nederlandsche en vreemde autoriteiten.

Artikel 3 De OBSO brengt de BSO een wekelijksch verslag uit over de plaats gehad hebbende oorlogshandelingen en de appreciatie van den toestand, terwijl tevens op den 1en 15en van de maand over de dislocatie der Nederlandsche strijdkrachten een rapport wordt uitgebracht.

Artikel 4 In zaken, welke het beleid betreffen in verband met de krijgsverrichtingen van de gezamenlijke strijdkrachten in de SWPA, treedt de OBSO op als vertegenwoordiger van den BSO.

Artikel 5 Mocht de Marine- of de Legercommandant in Australië van oordeel zijn dat door den OBSO zelfstandig genomen beslissingen of getroffen maatregelen tav het in punt 4 bedoelde beleid de uitvoering van hun taak schaadt, dan kunnen zij zich terzake door tussenkomst van den OBSO, bij voorkeur schriftelijk of zoo nodig telegrafisch, tot den BSO wenden. In dit geval zendt de OBSO de door hem ontvangen brieven of telegrammen door, voorzien van zijn opmerkingen.

Artikel 6 Deze instructie wordt van kracht op het tijdstip dat de instructie van den waarnemend Commandant van het Leger en Hoofd van het Departement van Oorlog van kracht wordt.

De Bevelhebber Strijdkrachten Oosten

(w.g.) C.E.L. Helfrich

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in