gahetNA in het Nationaal Archief

Cie. Gedragingen- en Onderscheidingen KNIL

2.10.58
Centrale Archief Selectiedienst
Nationaal Archief, Den Haag
1999
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.10.58
Auteur: Centrale Archief Selectiedienst
Nationaal Archief, Den Haag
1999
CC0

Periode:

1943-1952

Omvang:

14,50 meter; 2916 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het archief bevat materiaal over de werkwijze van de commissies, stukken over de krijgsraden te velde, stukken over specifieke gebeurtenissen (desertie, diefstal, collaboratie, misdragingen en muiterij) en ongeveer 950 persoonsdossiers betreffende misdragingen en ruim 1700 persoonsdossiers betreffende onderscheidingen.

Archiefvormers:

  • Commissie Gedragingen en Onderscheidingen van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger
  • Commissie Gedragingen van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger
  • Commissie Onderscheidingen van het Koninklijk Nederlands Indisch Leger

Archiefvorming

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Openbaarheidsbeperkingen

Beperkingen aan het gebruik

Gelet op artikel 15, lid 1, onder a van de Archiefwet 1995 zal de openbaarheid van de over te brengen dossiers beperkt moeten worden in het kader van de eerbiediging van de levenssfeer van de in de dossiers voorkomende personen. Volgens de Archiefwet 1995 adviseert de Algemene Rijksarchivaris de zorgdrager over de inhoud van de beperkende bepalingen.

  • De dossiers die betrekking hebben op nog levende personen zijn (pas) 75 jaar na vorming openbaar. Deze tijdsspanne is gekozen omdat de verwachting is dat de desbetreffende personen inmiddels overleden zijn. Wanneer de onderzoeker kan aantonen dat de persoon waarvan hij het dossier wil inzien overleden is dan kan er geen sprake meer zijn van aantasting van de persoonlijke levenssfeer en mag deze het dossier inzien hoewel dat wellicht jonger is dan 75 jaar. De onderzoeker hoeft hiervoor geen ontheffing aan te vragen bij de Algemene Rijksarchivaris maar overlegt de bewijzen aan de studiezaalbeambte.
  • De onderzoekers richten hun verzoek om ontheffing van de beperkende bepalingen aan de Algemene Rijksarchivaris. Deze kan op grond van de volgende criteria ontheffing van de openbaarheidsbeperking verlenen:,
    • als de onderzoeker inzage vraagt in een dossier dat betrekking heeft op hemzelf;
    • als de onderzoeker kan aantonen dat de persoon in wiens dossier hij inzage wil hebben is overleden;
    • als de onderzoeker kan aangeven dat de gegevens van doorslaggevend belang zijn voor de voortgang van zijn onderzoek. In dat geval zullen de resultaten van het onderzoek geanonimiseerd openbaar moeten worden gemaakt. Bovendien krijgt de Algemene Rijksarchivaris inzage voordat het resultaat openbaar wordt gemaakt.

De Algemene Rijksarchivaris deelt zijn beslissing met redenen omkleed schriftelijk aan de onderzoeker mee.

Reproductie van originele bescheiden uit dit archief is, behoudens de algemene regels die gelden voor het kopiëren van stukken, niet aan beperkingen onderhevig. Er zijn geen beperkingen krachtens het auteursrecht.

Materiële beperkingen

Aanvraaginstructie

Citeerinstructie

Verwant materiaal

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in