Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Koloniën / Rapportage Indonesië

2.10.29
A.M. Tempelaars, C. Hoskens
Nationaal Archief, Den Haag
1982
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.10.29
Auteur: A.M. Tempelaars, C. Hoskens
Nationaal Archief, Den Haag
1982
CC0

Periode:

1945-1950

Omvang:

16,00 meter; 785 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands. Een gedeelte is gesteld in het Maleis en het Engels.

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

In de Rapportage komen stukken voor van de Regerings Voorlichtingsdienst waaronder interne stukken ten behoeve van voorlichters zoals weekkronieken, "stemmingsbeelden", telegrammen, etc. en externe stukken zoals communiqué's, overzichten uit de pers en culturele stukken.
Van de overige civiele autoriteiten bevat het archief rapportages aan en van de LT-GG, de Raad van Departementshoofden en de Procureur-Generaal, voorts weekoverzichten voor de Ministerraad, stukken van de voorlichtingsdiensten in Den Haag en economische berichten samengesteld door de Departementen van Economische Zaken, Landbouw en Visserij.
Van de NEFIS en de CMI zijn periodieke overzichten, signalementen, bulletins etc. bewaard gebleven.
De rapportages van militaire autoriteiten in Nederlands-Indië zijn ingedeeld naar landmacht, marine en luchtvaart. Hieronder zijn gerubriceerd: dagelijkse overzichten van gebeurtenissen, operatieve rapporten, overzichten van inlichtingen, dagelijkse overzichten en de z.g. OOT's (overzicht van de toestand).
Men zij zich ervan bewust dat in het gehele bestand rapportages zijn dooreengemengd van Nederlandse én Nederlands-Indische civiele en militaire autoriteiten, de laatste onder andere overgenomen uit het archief van de Algemene Secretarie van de Nederlands Indische regering.

Archiefvormers:

  • Ministerie van Overzeese Gebiedsdelen
  • Ministerie voor Uniezaken en Overzeese Rijksdelen

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

Korte geschiedenis van het naoorlogs Nederlands bestuur in Indonesië

Tijdens het verblijf van Lt-GG Van Mook in Australië werden al voorbereidingen getroffen om het bestuur bij terugkeer op Java weer te gaan uitoefenen. Hiertoe werd de onder geallieerd gezag, maar door Nederlanders bemande Netherlands Indies Civil Administration (NICA) opgericht. De naam van deze organisatie werd in oktober 1945 -kort na de Japanse overgave aan de Britten- omgedoopt tot Allied Military Administration Civil Affairs Branch (ABACAB). Aan het hoofd hiervan stonden een aantal Chief Commanding Officers (CCO-AMACAB) met onder hen de Commanding Officers (CO-AMACAB). De bevoegdheden van deze functionarissen kwamen in hoofdzaak overeen met die van de vooroorlogse gouverneurs en residenten.

Op landelijk niveau fungeerde vanaf oktober 1945 de Lt-GG als hoofd van de regering met onder hem de departementen van algemeen bestuur. Als adviserend college diende de Raad van Departementshoofden. Belangrijker in dit opzicht was de rol van een aantal op grond van hun persoonlijke kwaliteiten aangetrokken adviseurs. De Regerings Voorlichtings Dienst (RVD) verschafte informatie over het bestuur en de politieke situatie naar buiten toe.

De feitelijke bestuursmacht over het grootste deel van Java en Sumatra berustte sinds 1945 bij de Republik Indonesia. In de Grote Oost, op Borneo, Banka en Billiton, was de situatie evenwel onder Nederlandse resp. geallieerde controle. Ter voorbereiding van de federale opbouw in die gebieden werd medio 1946 het Regeringscommissariaat voor Borneo en de Grote Oost gevestigd. In de hoofdplaats van de begin 1947 gestichte deelstaat Oost-lndonesië werd een Commissaris van de Kroon voor Oost-Indonesië geplaatst. Het aldus gestationeerde bestuursapparaat -Nederlands en inlands Binnenlands Bestuur- was evenwel ter beschikking gesteld van de Oost-Indonesische regering. De bevoegdheden van het Europees BB werden in dit gebied in snel tempo overgedragen aan de nieuw gevormde organen van deze deelstaat.

Van belang voor de handhaving van de Nederlands positie waren de strijdkrachten. Onder de Generale Staf in Batavia ressorteerden: de Koninklijke Landmacht (KL), het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL), de Koninklijke Marine en de Militaire Luchtvaart. Verder beschikte men over de Netherlands Forces Intelligence Service (NEFIS), waarvan de naam per 20 September 1948 gewijzigd wordt in Centrale Militaire Inlichtingendienst (CMI).

Na het terugtrekken van de Engelse troepen, eind november 1946, werden op Java en Sumatra de Tijdelijke Bestuursdiensten (TB) opgericht, die de functies van de AMACAB-organisatie overnamen. Na de veroveringen als gevolg van de eerste politionele actie (juli-aug.1947) werden in de "nieuw bezette" gebieden op Sumatra en Java Regeringscommissarissen voor Bestuursaangelegenheden (RECOMBA) aangesteld, die de leiding hadden over residenten, die hen onder de naam van Hoofd Tijdelijk Bestuur (HTB) vertegenwoordigden. Eind 1948 werd tijdens de tweede politionele actie de civiele functie van Territoriaal Bestuursadviseur (TBA) ingevoerd. Deze functionaris had de taak leiding te geven aan het burgerlijk bestuur en diende de militaire operaties vanuit civiel oogpunt te begeleiden.

Als resultaat van de deelstatenpolitiek, waarin de republikeinen zich overigens niet wensten te schikken, kwam in maart 1948 een voorlopige Federale Regering tot stand onder presidium van de Lt-GG. Tot november 1948 was dit dr. Van Mook. Na zijn aftreden werd hij vervangen door dr. Beel, in de kwaliteit van Hoge Vertegenwoordiger van de Kroon (HVK). Hij werd in de deelstaten vertegenwoordigd door de gedelegeerde van de HVK, een functie die tevoren als commissaris van de Kroon was aangeduid. Deze Nederlandse constructie bleek niet houdbaar en na de Ronde Tafel Conferentie werd op 27 december 1949 de soevereiniteit overgedragen aan de onder republikeinse invloed staande federale staat: de Verenigde Staten van Indonesië (VSl).

Het Archief De Rapportage Indonesië vormt een onderdeel van het archief van het Ministerie van Overzeese Gebiedsdelen en beslaat de periode 1945-1950.

De serie bevat rapporten, verslagen en nota's van velerlei autoriteiten, die direct bij het civiel en militair bestuur over Nederlands-Indië betrokken waren. Deze werden veelal via de Algemene Secretarie te Batavia aan het ministerie toegezonden, maar ook het Ministerie van Oorlog in Den Haag tezamen met de staven van het leger leverden hun aandeel. In het algemeen betreft het seriematige rapporten, die met de stencilmachine vermenigvuldigd, in een oplage van enige tientallen tot enige honderdtallen verzonden werden aan ambtelijke instanties via een vastgestelde verzendlijst of, waar het om de Regerings Voorlichtingsdienst gaat, aan hun voorlichters of aan de pers.

Deze archivalia zijn om praktische redenen indertijd door de ambtenaren op het ministerie afgescheiden uit de series openbare en geheime verbalen en uit de mailrapporten en met behulp van een nummering toegankelijk gemaakt. Een concordantie van deze oude nummering is als bijlage bij de inventaris opgenomen.

Het merendeel van de bescheiden is van geheime of vertrouwelijke aard, uitgezonderd diverse uitgave van de Regerings Voorlichtingsdienst, die juist voor openbare publicatie bestemd waren.

Veel van de in deze inventaris beschreven archivalia zal men ook aantreffen in de archieven van de Algemene Secretarie, van de NEFIS en van de Procureur-Generaal van het Hooggerechtshof van Nederlands-Indië. Geconstateerd is echter, dat incomplete series in het ministeriële archief zijn aangevuld met bescheiden uit de archieven van de Algemene Secretarie en uit het NEFIS-archief. Dit houdt echter niet in, dat bepaalde series compleet zijn en het is zeker aan te raden om bij een onderzoek naar bijv. bestuurlijke verslagen, eveneens het archief van de Algemene Secretarie Batavia hierbij te betrekken.

De Rapportage Indonesië is geordend in twee rubrieken "Algemeen", gesplitst naar civiele en militaire rapportage, waarin zich de bescheiden bevinden die de gehele archipel betreffen. Aan de derde rubriek ligt een geografische onderverdeling ten grondslag. Deze is hoofdzakelijk gebaseerd op de vooroorlogse residentie-indeling, doch kent ook een meer algemene indeling als gebieden samengevoegd worden in verband met de deelstaatvorming.

In het algemeen is het Nederlands de meest gehanteerde taal in de Rapportage: de Maleise taal komt ook met regelmaat voor, terwijl perspublicaties incidenteel in het Engels zijn gesteld.

In de Rapportage komen in grote lijnen de volgende stukken voor:

  • Van de Regerings Voorlichtingsdienst. Interne stukken ten behoeve van voorlichters: weekkronieken, "stemmingsbeelden", telegrammen, etc.; Externe stukken: communiqué's, overzichten uit de pers, culturele stukken.
  • Van overige civiele autoriteiten: rapportage van de LT-GG, de Raad van Departementshoofden, de procureur-generaal, weekoverzichten voor de Ministerraad, stukken van de voorlichtingsdiensten in Den Haag, economische berichten samengesteld door de Departementen van Economische Zaken, Landbouw en Visserij.
  • Van de NEFIS en de CMI: periodieke overzichten, en meer gestandaardiseerde overzichten zoals DOBIN's, signalementen, bulletins etc.
  • Van overige militaire autoriteiten, ingedeeld naar landmacht, marine en luchtvaart: dagelijkse overzichten van gebeurtenissen, operatieve rapporten, overzichten van inlichtingen, dagelijkse overzichten en de z.g. OOT's (overzicht van de toestand). Deze rapportage is afkomstig van de Generale Staf te Batavia. De chef van de Generale Staf op het Ministerie van Oorlog leverde de SITRAP's (situatierapport) en de mededelingen betreffende Nederlands-Indië. Voorts operatieve rapporten van de commandant Zeemacht en rapporten Verre Oosten door de Marinestaf in Den Haag. De militaire Luchtvaart stelde weekoverzichten, SITRAP's en maandoverzichten van inlichtingen samen.

Voor hetgeen werd samengesteld door militaire autoriteiten en civiele bestuurders op regionaal niveau zie het navolgende schema. Opgemerkt moet worden, dat de titel resident vaak gebruikt wordt in gevallen, waarin deze ambtenaar optreedt als tijdelijke bestuursadviseur (TBA).

Rapportage afkomstig van:
Tabel met zoekresultaten in archieven
NaamOnderwerp
CCO-NICA en CO-NICAmaandverslagen, algemene overzichten.
CO-AMACABpolitieke verslagen, algemene verslagen.
Regent of Patihverslagen over hun bestuur.
Assistent-residentverslagen over hun bestuur.
Residentpolitiek-economische verslagen, algemene overzichten.
Algemeen hoofd TBhalfjaarlijkse verslagen. politieke verslagen, dagrapporten, korte politiek-politionele overzichten.
Gedelegeerde voor Tijdelijke Bestuursaangelegenheden (GTBA)algemene rapporten.
Controleur TB
Plaatselijk bestuursambtenaar
Vertegenwoordiger van de RECOMBA en de territoriaal bestuuradviseurpolitiek-politionele verslagen, algemene verslagen, bestuursverslagen.
Commissaris van de Kroonpolitiek-economische verslagen, interne nota's.
Hoge Vertegenwoordiger van de Kroon (HVK) of diens gedelegeerdepolitiek-economische verslagen, weekkronieken, brieftelegrammen, interne nota's.
Departementen van Economische Zaken, Landbouw en Visserijeconomische verslagen, maandoverzichten.
NEFISpolitiek-economische verslagen.
KNIL-troepencommando'ssituatierapporten, overzichten van de ontwikkeling van de toestand.
Koninklijke Landmacht(KL)overzichten van de ontwikkeling van de toestand.

A.M. Tempelaars

Den Haag 1982

Geschiedenis van het archiefbeheer

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in