Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Suriname / Volkstelling 1950

2.10.19.02
J.A.A. Bervoets, S.M. Pereira
Nationaal Archief, Den Haag
1978
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.10.19.02
Auteur: J.A.A. Bervoets, S.M. Pereira
Nationaal Archief, Den Haag
1978

CC0

Periode:

1950-1956
merendeel 1950

Omvang:

67.00 meter; 1243 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands

Soort archiefmateriaal:

Normale geschreven, getypte en gedrukte documenten, geen bijzondere handschriften.

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Archief bevat voornamelijk telkaarten , afkomstig van de Tweede Algemene Volkstelling in Suriname in 1950. Gegevens van de ondervraagden zijn gerangschikt naar district, geboortjaar, geslacht en etnische afkomst.

Archiefvormers:

  • Algemeen Leider der tweede Algemene Volkstelling in Suriname
  • Bureau Volkstelling
  • Hr. Gemmink

Archiefvorming

Geschiedenis van de archiefvormer

De Tweede Algemene Volkstelling in Suriname in 1950
1. De voorbereiding op de Volkstelling

1.1 De Afkondiging van het besluit

Tijdens de opening van de Staten van Suriname in mei 1949 kondigde de gouverneur een volkstelling aan ter uitvoering van het gouvernementsbesluit van 29 november 1917, Gouvernementsblad nr. 80 inzake de samenstelling van een bevolkingsregister. De

landsverordening tot deze volkstelling werd afgekondigd op 1 oktober 1949, Gouvernementsblad nr. 110; tevens werd een woningtelling, een landbouwtelling en een talentelling afgekondigd op dezelfde datum, Gouvernementsblad nr. 111 .

1.2 De Commissie van coördinatie ten behoeve van de Tweede Algemene Volkstelling

Bij gouvernementsresolutie van 4 juni 1949, nr. 2444, werd een werkcommissie ingesteld, die de volkstelling moest voorbereiden. Deze werkcommissie voor volkstelling 1950 bracht in augustus een pre-advies uit over de opzet van deze telling, aan de hand waarvan de volkstelling werd opgezet. Zij stelde voor om een algemene leider aan te stellen in de persoon van J. Gemmink en de telling gedeeltelijk te financieren uit het op 1 augustus 1947 opgerichte Surinaams Welvaartsfonds. Gemmink werd aangesteld bij gouvernementsresolutie van 22 oktober 1949, nr. 1325 SWF, en zijn Bureau Volkstelling 1950 ving op 1 november daaropvolgend zijn werkzaamheden aan. De adviescommissie zette haar werkzaamheden voort onder de naam Commissie van coördinatie ten behoeve van de Tweede Algemene Volkstelling, en oefende diepgaande invloed uit op de samenstelling van de vragenlijsten bij de diverse tellingen. Zij onderzocht welke onderzoekspunten voor de landsdepartementen van belang waren en bracht hierover advies uit aan de algemene leider. Op 22 september 1950 werd door de algemene leider en de Coördinatiecommissie de eindredactie van de telkaarten aan de landsregering voorgelegd, die bij landsbesluit van 18 oktober 1950, Gouvernementsblad nr. 112, werd vastgelegd.

2. De gevraagde gegevens

De gevraagde gegevens, vervat in 41 hoofdvragen, waren:

1.Voor alle personen:

landsaard; leeftijd (geboortedatum); geslachts-, familie- of eigennaam in 1950; geslachts-, familie- of eigennaam in 1921 met nadere gegevens over eventuele naamsverandering; voornamen; woonplaats op het teltijdstip; land van geboorte; nationaliteit; geboortedatum; persoonlijke staat; landsaard van ouders en grootouders; de verblijfplaats op 31 oktober 1950; de woonplaatsen sedert 1921 op district en jaar nauwkeurig met redenen van migratie; godsdienst; ziekten of gebreken; genoten onderwijs; naam van de vader en de moeder met geboortedata;

2. Voor personen, ouder dan 14 jaar en gehuwde vrouwen:

naam van echtgenoot/echtgenote met eventuele huwelijksdatum; burgerlijke staat of copulatieverband met gegevens over persoonlijke staat, godsdienst en geboortejaar van de echtgenoot/echtgenote; gegevens over verwekte kinderen en hun onderling familieverband; ingeval van invaliditeit; middelen van bestaan; lidmaatschap van verenigingen; genoten vakopleiding; beroep, met gegevens over beroep van de ouders en eigen nevenberoepen; werksituatie op 31 oktober 1950 met eventuele gegevens over werkgevers of werknemers; financieel inkomen; verleende ondersteuning aan anderen;

3. Voor gezinshoofden:

naam met voornaam, burgerlijke staat enz.; woonadres op 31 oktober 1950; namen van inwonende gezinsleden met gegevens over de familiebetrekkingen en persoonlijke gegevens; ligging van de woning; zakelijk recht ten aanzien van de bouwgrond; omschrijving van de woning (fundering, etages, materiaal, sanitair, e.d.); bedrijfsruimte in de woning; kosten van huur of hypotheek; indeling woning; gezinsinkomen; huishoudelijk personeel.

3. Het verloop van de telling

3.1 De volkstelling

Op 1 november 1950 nam de telling van individuele bevolkingsleden, woningen en gezinnen een aanvang. De telling kon slechts nauwkeurig geschieden in controleerbare en bereikbare nederzettingen. Vandaar, dat het grondgebied van Suriname werd onderverdeeld in een telgebied en een sampling-gebied. In het laatste gebied werd de aan te treffen bevolking (in hoofdzaak Bosnegers en Indianen in stamverband) globaal geteld. Het telgebied werd onderverdeeld in 19 hoofdressorten, die elk werden onderverdeeld in een variërend aantal telressorten van 200 personen elk. Reeds vanaf 14 maart 1950 was Gemmink doende geweest om een duizendtal tellers in vijf cursussen op te leiden, maar slechts de helft van het noodzakelijke aantal bleek geschikt. Bovendien bleek de telproductie in de planning per mandag aanzienlijk te zijn overschat. De tellingen duurden daardoor langer en nieuw personeel moest worden aangetrokken.

3.2 De Landbouwtelling

Op 8 januari 1951 werd met de landbouwtelling een aanvang gemaakt. Deze moest wegens conflicten met de tellers over de bezoldiging worden afgebroken.

3.3 Het einde van de telling

Op 20 januari 1951 werden de werkzaamheden van het Bureau Volkstelling opgeschort. Toen in juli 1951 door de gouvernementsaccountantsdienst werd geconstateerd, dat de door het Surinaams Welvaartsfonds begrote kosten aanzienlijk werden overschreden, besloot de landsregering alle bemoeienissen met dit bureau stop te zetten.

4. De verwerking van de gegevens van het basismateriaal

4.1 De betrouwbaarheid van de gegevens

Over de betrouwbaarheid van het basismateriaal werd op 7 maart 1952 door het Centraal Bureau voor de Statistiek een positief oordeel uitgesproken. Het percentage fouten in de volledigheid van de opgave werd geraamd op 1%, en in de juistheid van de beantwoording der vragen op 3%, 'waarbij dit percentage voor de demografische gegevens aanmerkelijk lager ligt dan voor de sociaal-economische gegevens'

4.2 Bewerking van het Basismateriaal

4.2.1 De publicaties van het C.B.S.

Begin 1954 werd de sortering van het basismateriaal van de telling door het C.B.S. voltooid en konden tabellen worden opgesteld die voor publicatie van de resultaten zouden worden uitgewerkt. Voorzien werd in 24 delen, waarvan de eerste tien de tabellen van de personentelling, 'de eigenlijke volkstelling', zouden bevatten, de overige de uitwerking op sociaal-economisch gebied (godsdienst, inkomen, gezondheidstoestand, beroep). Uiteindelijk verschenen in de jaren 1954-1956 de delen 1-8 en 10, (deel 9, de telling in het 'sampling-gebied' van Bosnegers en Indianen, verscheen niet), en de delen 23 (woningtelling) en 24 (gezinstelling).

4.2.2 Catalogus Landbouwhogeschool Wageningen

De tabellen, die in de overige delen zouden worden verwerkt bevonden zich in 1954 ter microfilming bij het Centraal Bureau voor de Statistiek. De Afdeling Sociologie en Sociografie van de Niet-Westerse gebieden van de Landbouwhogeschool te Wageningen bestelde een set microfilms en vervaardigde in 1966 een catalogus op deze set.

5. De verwerking van het overige materiaal

5.1 Materiaal afkomstig uit de boedel van het Welvaartsfonds

Ondanks de afgebroken samenwerking met de landsregering, wilde de gouverneur-beheerder van het Surinaams Welvaartsfonds echter de verwerking van de verkregen resultaten wel voortzetten. Dit leidde tot een besluit van het Ministerie van Uniezaken en Overzeese Rijksdelen om Gemmink met het materiaal naar Nederland te laten reizen, teneinde hem in staat te stellen om het in samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek in Den Haag nader uit te werken. Eerdere pogingen tot verwerking door het coördinatiebureau in Suriname mislukten door het ontbreken van technische apparatuur en statistische know-how.

In 1956 werd de liquidatie van het Surinaams Welvaartsfonds voltooid. De landsregering en de gouverneur besloten het materiaal niet meer te verwerken in het bevolkingsregister van Suriname. Onderhandelingen tussen de heer Gemmink, de landsregering van Suriname en het Ministerie van Overzeese Rijksdelen leidden op 1 november 1956 tot het besluit van de landsregering om het materiaal na december 1956 te doen overdragen aan het Centraal Bureau voor de Statistiek in Den Haag, hetgeen tevens de beëindiging van Gemminks werkzaamheden als algemeen leider van de volkstelling inhield.( Missive van de gouverneur van Suriname aan de minister van Overzeese Rijksdelen, 5 november 1956, nr. 1751 kabinet (archief van de beheerder van het Surinaams Welvaartsfonds inventarisnummer 90. )

5.1.1 Publicaties Gemmink

Gemmink maakte na de beëindiging van zijn werkzaamheden als algemeen leider van de volkstelling, verscheidene persoonlijke studies naar aanleiding van de resultaten, die gedeeltelijk met steun van de Stichting voor Culturele Samenwerking met Suriname en de Nederlandse Antillen werden gepubliceerd.( In een reeks socio-demografische studies verschenen van de hand van Gemmink: Reproductiepatronen binnen een raciaal-cultureel heterogene bevolking, Utrecht, februari 1966. Copulatiepatronen bij raciale en culturele assimilatie. Utrecht, augustus 1970. Een Nederlands kolonisten-geslacht in Suriname. 1805-1950. Utrecht, september 1971. De nakomelingschap van een Surinaamsche slavin. 1787-1950. Zuidwolde, november 1976. )

Kaart van Suriname

Geschiedenis van het archiefbeheer

Inhoud en structuur van het archief

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Bijlagen

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

Reacties

Jammer dat de telkaarten van personen op "ras" zijn ingedeeld, dat maakt het zoeken maar bepaalde personen er niet makkelijker op. Blijkbaar dacht men in die tijd nog in die categorieën.
Maar kan iemand mij vertellen wie de "Surinamers" zijn? Er zijn indianen, Europeanen, Chinezen, Indonesiërs, Hindoestanen, creolen, kleurlingen, bosnegers, halfbloeden, negers. Waren dat niet allemaal Surinamers? Als ze dat niet waren, wie zijn dan de Surinamers?

Beste Theo,
Kijk eens hierboven bij "Beschrijving van het archief" en dan "Inhoud en structuur van het archief" en dan "Ordening van het archief".
Daar staat wat "Surinamers" zijn.

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr> <span>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in