Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Koloniën, 1850-1900

2.10.02
H.G. Wondaal
Nationaal Archief, Den Haag
1962
cc0

Beschrijving van het archief

Naam archiefblok:

2.10.02
Auteur: H.G. Wondaal
Nationaal Archief, Den Haag
1962

CC0

Periode:

1850-1932
merendeel 1850-1900

Omvang:

1078.10 meter; 9196 inventarisnummers.

Taal van het archiefmateriaal:

Het merendeel der stukken is in het Nederlands

Archiefbewaarplaats:

Nationaal Archief, Den Haag

Samenvatting van de inhoud van het archief:

Het ministerie van Koloniën was verantwoordelijk voor de inrichting van het koloniaal bestuur in Oost-Indië, West-Indië (Suriname, Curaçao en overige eilanden) en tot 1872 de Kust van Guinea. Ook de begrotingen van het bestuur in de overzeese gebiedsdelen werden in Den Haag opgesteld. Verder speelde het departement, samen met het ministerie van Marine, een rol bij de defensie van de koloniën en met name de verscheping van militair personeel naar deze gebieden. Het ministerie van Koloniën regelde voorts de uitzending, de verloven, de overtochten en de pensioenen en wachtgelden van de Indische ambtenaren alsmede de keuring, aanschaf en verzending van gouvernementsgoederen, bestemd voor het leger en de burgerlijke dienst in de koloniën.
Het omvangrijke archief bestaat grotendeels uit een chronologisch geordend verbaal, met indices en klappers als toegangen. Het bevat stukken over de bovengenoemde onderwerpen, maar is tevens een rijke bron aan gegevens over de overzeese gebieden zelf, als gevolg van de uitgebreide rapportage vanuit de koloniën aan Den Haag. Zo bevatten de ingekomen registers Oost-Indische besluiten (aanwezig over de jaren 1850-1932) afschriften van alle door de Gouverneur-Generaal genomen besluiten, vergelijkbaar met de West-Indische gouvernementsjournalen, met afschriften van besluiten van de gezaghebbers in Suriname, Curaçao en de Kust van Guinea.
Een belangrijke bron over Oost-Indië vormen vanaf 1869 de zogenaamde mailrapporten, die in een aparte serie werden geborgen. Deze mailrapporten bevatten talrijke bijlagen zoals: adviezen van de Raad van Indië, rapporten van de commandanten van leger (KNIL) en marine, rapporten van residenten, verslagen van reizen en onderzoekingen, overzichten en staten van financiële en economische aard. Bij de buiten het verbaal gehouden stukken zijn er onder meer bescheiden betreffende de oorlog in Atjeh.

Archiefvormers:

  •  
  • Ministerie van Koloniën1842-1945

Archiefvorming

Aanwijzingen voor de gebruiker

Verwant materiaal

Beschikbaarheid van kopieën

Publicaties

Uitgaven vanwege het departement in Nederland:

Koloniaal Verslag 1848-1939. Het verslag verscheen tot 1931 als Bijlage van de Handelingen der Staten-Generaal, vanaf 1869/70 als vaste Bijlage C, en onder verschillende benamingen: Mededeelingen betreffende de Koloniën (over 1848); Verslag van het beheer en den staat der Koloniën (1849-1865); Koloniaal Verslag (1866-1923); Verslag van bestuur en staat van Nederlandsch-Indië, Suriname en Curaçao (1924-1930). Als afzonderlijke publicaties: Indisch Verslag (1931-1939) respectievelijk Verslag van bestuur en staat van Suriname, Curaçao en de Nederlandse Antillen (1931-na 1940). ( Over opzet en inhoud van het Koloniaal Verslag: F. van Baardewijk, 'The Colonial Report (Koloniaal Verslag) 1849-1939', in: Boomgaard, Colonial Past, 22-28. )

Begroting voor Nederlandsch-Indië, Suriname, Curacao, 1861-1940. Verschenen als Bijlage van de Handelingen der Staten-Generaal, vanaf 1869/70 tot en met 1931 als vaste Bijlage B, daarvoor en daarna als genummerde bijlage. Vóór 1861 opgenomen als (niet-openbare) bijlage van het Koloniaal Verslag.

Uitgaven in Oost- en West-Indië:

Staatsblad van Nederlandsch-Indië 1816-1940.

Bijblad op het Staatsblad van Nederlandsch-Indië 1857-1940. Staatsblad en Bijblad bevatten elk jaar een alfabetisch register. Er zijn diverse (niet van overheidswege uitgegeven) cumulatieve registers, zoals: `Albrecht's Klapper op (de Wetboeken en) het Staatsblad van Nederlandsch-Indië benevens op het Bijblad op dat Staatsblad' 1816-1927, met losse jaarvervolgen over 1922-1937. Het Bijblad was aanvankelijk een particuliere uitgave onder redactie van ambtenaren van de Algemene Secretarie en pas vanaf 1904 een regeringsuitgave. ( Uitvoeriger informatie in: J.H. Kompagnie (red.), De overheid publiceert ...: Staatsalmanak, Staatsblad en Staatscourant, Handelingen Staten-Generaal, Oost-Indische publicatiebladen, West-Indische publicatiebladen (Den Haag, Algemeen Rijksarchief, 1998). )

Regeringsalmanak voor Nederlandsch-Indië, 1869-1940. Opvolger van deAlmanak en Naamregister van Nederlandsch-Indië (1827-1864). Het Naamregister werd voortgezet als Naamlijst van Europese inwoners en vanaf 1902 als Adresboek van Nederlandsch-Indië (particuliere uitgave).

Handelingen en Bijlagen van de Volksraad, 1918-1942. Voor een uitgebreider overzicht van door de Nederlands-Indische regering uitgegeven (jaar)verslagen, statistieken e.d., zie de vanaf 1896 in de Regeringsalmanak opgenomen Opgave van periodieke geschriften in Indië verschijnende en voor de jaren 1929-1940 de jaarlijkse publicatie Nederlandsche Overheidsuitgaven. ( Voor seriële overheidspublicaties op gebieden als buitenlandse handel, landbouw en gezondheidszorg zie ook: Boomgaard, Colonial Past, 31, 35-36, 42 e.v. ) Gouvernementsblad van Suriname, 1816-(na 1940). Bijblad op het Gouvernementsblad, 1900-(na 1940). M. de Niet, Alfabetisch Register op het Gouvernementsblad van Suriname, 1816-1958 ('s-Gravenhage 1959). Op het Bijblad bestaat een alfabetisch register over 1900-1981. Publicatieblad van Curaçao, 1816-(na 1940). Handelingen en Bijlagen van de (Koloniale) Staten van Suriname, 1868-1975. Handelingen van de Staten van Curaçao, 1936-1948.

Beschrijving van de series en archiefbestanddelen

  • Bij het geheim verbaal (dat eindigt in 1868) kregen het ingekomen stuk en de bijbehorende minuut hetzelfde nummer; men hanteerde daarbij een per jaar doorlopende nummering, ter onderscheiding van het openbaar verbaal dat een nummering per dag heeft.. Soms zijn lagere nummers over dezelfde kwestie bij een hoger nummer gevoegd (in de agenda is dan bij die lagere nummers een verwijzing gemaakt).
    Bij het kabinetsarchief hanteerde men een per jaar doorlopende letter/nummercombinatie. Bij deze laatste methode begon men begin januari met de letter A, om na de letter Z te vervolgen met A1 tot Z1, A2 tot Z2 etc. Het bij een minuut horende ingekomen stuk kreeg hetzelfde kenmerk, voorafgegaan door Exh.(van Exhibitum).
    In de jaren 1850-1868 bestonden het geheim- en het kabinetsverbaal naast elkaar: terwijl twee series agenda's werden gevormd, waren de `alfabetische registers' (klappers op namen en zaken) steeds gecombineerd. Vanaf 1870 zijn de klappers opgenomen voor in de agenda's; aanvankelijk werd verwezen naar het folionummer van de agenda, later naar het agendanummer. Via de kolom in de agenda, waarin de beschikking dan wel het uitgaande stuk werd vermeld, werd dan verwezen naar de berging van de stukken in het verbaal. Opmerkelijk is, dat veel stukken in de geheime agenda werden geagendeerd, maar toch opgelegd in het openbaar verbaal

    • Na de invoering van de ministeriële verantwoordelijkheid in 1848 kreeg het departement behoefte aan meer en vooral snellere informatie uit de koloniën. Vanaf 1869 moest de gouverneur-generaal voortaan Den Haag zo spoedig mogelijk informeren over alle belangrijke gebeurtenissen, handelingen, voorstellen e.d.. Het jaar 1869 is niet toevallig ook het jaar waarin het Suezkanaal werd geopend. Het informeren van Den Haag gebeurde in de vorm van een mailrapport, in feite een lijst van inhoudelijk kort en bondig omschreven en per jaar doorlopend genummerde berichten, veelal voorzien van bijlagen. Als bijlagen werden onder meer in afschrift meegezonden: adviezen van de Raad van Indië, rapporten van de commandanten van leger en marine, rapporten van residenten, verslagen van reizen en onderzoekingen, processtukken, overzichten en staten van financiële en economische aard. Vooral na 1890 werden deze bijlagen ook wel geborgen in het verbaal: op de lijst werd dan bij het betreffende bericht in een marginale aantekening naar het verbaal verwezen.
      De mailrapporten werden geregistreerd in de indices van afdeling A (Oost-Indische zaken), inclusief de rapporten die voor andere afdelingen waren bestemd.

    • Op grond van zijn instructie moesten de gouverneurs in West-Indië het departement in Den Haag in kennis stellen van alle door hen genomen besluiten. Deze (extract-)besluiten werden opgetekend in registers, welke Gouvernementsjournalen werden genoemd. Indices ontbreken: wel is voorin elke band een uitvoerige inhoudsopgave opgenomen.

    • Op grond van zijn instructie moest de gouverneur-generaal het departement in Den Haag in kennis stellen van alle door hem genomen besluiten. Een omvangrijk gedeelte van de uit Oost-Indië overgekomen stukken vormen de Oost-Indische besluitenregisters. Hierin werden afschriften, vanaf 1869 extracten, opgenomen van alle besluiten van de GG.. De registers zijn toegankelijk middels een aparte serie indices, die voor in elk deel een alfabetische hoofdenlijst bevatten en (tussen de hoofden of rubrieken in) per letter een klapper op persoonsnamen.

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr> <span>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in