Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Nassause Domeinraad » Archiefblok nr. 1.08.11 > Rubriek DEEL 9. > Rubriek XIII

Naam archiefblok:
Nassause Domeinraad

  • DEEL 9., DOMEINEN IN DE ZUIDELIJKE NEDERLANDEN EN LUXEMBURG
    • XIII, VIANDEN
Verwerving

Elizabeth van Vianden stierf in 1417 kinderloos. Haar bezit -Vianden met St. Vith, Dasburg en Bütgenbach - liet zij na aan de kleinzonen van haar zus Adelheid. Adelheid van Vianden was getrouwd met Otto II van Nassau, stichter van de Dillenburgse linie. Haar kleinzonen waren dus Nassaus. Zij erfden Vianden gezamenlijk. In 1450 was de enige bezitter van Vianden graaf Jan IV van Nassau. ( Zie: Drossaers I,I, pp. 140 e.v. en M. Mazel, 'Het graafschap Vianden'.)

Het graafschap Vianden werd in 1566 door Philips II geconfisqueerd. Pas na de dood van graaf Pierre-Ernest de Mansfeld, die door Philips II als beheerder was aangesteld, kwam het graafschap weer in handen van een Oranje-Nassau: Philips-Willem. ( Jean Milmeister, 'Le comté de Vianden sous la Maison de Nassau', overdruk uit Hémecht 2/70, p. 217.) Deze liet de Luxemburgse goederen na aan zijn halfbroer Maurits.

In 1683 en in 1702 werd door de graaf van Isenghien beslag gelegd op het graafschap Vianden, als gevolg van het geschil tussen het huis Isenghien en het huis van Oranje Nassau over de aanspraken op het erfdeel van Françoise de Lannoy, moeder van Anna van Egmond. In 1759 werd het geschil beëindigd en het beslag opgeheven. ( Jean Milmeister, Le comté de Vianden dans le conflit de Nassau et Isenghien (Luxembourg, 1973).)

In 1789 werd Luxemburg door de Fransen bezet. In 1795 werd Vianden tot nationaal bezit verklaard en door François Jacques van de Wall, intendant-generaal voor de Hollandse domeinen in de Franse departementen in bezit genomen. In 1806 werd het graafschap gevoegd bij de domeinen van Lodewijk Napoleon. Deze ruilde Vianden met zijn broer Napoleon voor de abdij van Echternach en Oost-Friesland. Napoleon schonk het graafschap in 1810 aan Laurent François Marie de Marboeuf, officier in zijn leger. Na diens dood in 1812 op Russische bodem, verviel het graafschap weer aan Napoleon. In 1815 echter wees het Congres van Wenen het groothertogdom Luxemburg toe aan koning Willem I. Daarmee kwam ook Vianden, zij het kleiner dan voorheen, weer aan een Oranje-Nassau. ( Milmeister, Nassau et Isenghien, 193.)

Grondgebied en benaming

Vianden ligt in het tegenwoordige Luxemburg en bestond uit de stad Vianden, het kasteel en uit 90 dorpen en gehuchten in zeven meierijen. De hoge jurisdictie in het gehele graafschap werd namens de heer uitgeoefend door een overambtman. De meierijen waren: Geichlingen en Wallendorf, Carlshausen, Geckler, Mittendorff, Nussbaum en Lahr. Aan het hoofd van een meierij stond een meier. Een meierij kon omvatten de hoge of lage jurisdictie, het grondgebied, of de dienstbaren (lijfeigenen). ( NDR inv.nr. 767, folio 1135.)

De hoofdbank van Vianden werd door verscheidene andere heerlijkheden en lagere rechtbanken erkend, hetgeen betekende dat deze instellingen advies over vonnissen bij de hoofdbank van Vianden dienden te halen. Voorts fungeerde in het graafschap nog een aantal grondbanken die aan een andere heer dan de graaf van Vianden behoorden. ( NDR inv.nr. 769, folio 1774 e.v.)

Vianden was vanouds een souverein graafschap. In de 13e eeuw werd het leenroerig aan de graaf van Luxemburg. Nadat het hertogdon Luxemburg in handen kwam van de Bourgondiërs, verloor Vianden ook zijn souvereiniteit. ( Mazel, 'Het graafschap Vianden, pp. 98 e.v.) De stad Vianden wordt doorsneden door de rivier de Our. Op de rechteroever ligt het oudste gedeelte van de stad -de hoge stad geheten- met het kasteel en op de linkeroever het jongere gedeelte van de stad -de lage stad geheten.

Het kasteel kwam, na vanaf de 15e eeuw niet meer als residentie van de graven van Vianden te hebben gefungeerd, te vervallen en werd een ruïne.

Rechten en bevoegdheden

De heer had in het graafschap Vianden de hoge, middelbare en lage jurisdictie. In twee meierijen -Geichlingen en Wallendorf- had de heer uitsluitend de hoge jurisdictie. Deze twee meierijen hadden een andere 'grondheer'. De overige vijf meierijen - Carlshausen, Geckler, Mittendorff, Nussbaum, Lahr- waren zogenaamde 'dienstbare' meierijen. Dat wil zeggen dat de onderdanen lijfeigenen waren. Het lijfeigenschap hield in dat de lijfeigene herendiensten moest verrichten en/of verbonden was aan de grond: de voogdij. De lijfeigene mocht de grond niet verlaten, dan na vrijkoop. Anderzijds mocht de heer de voogdij niet aan een ander toebedelen, zolang er nog familie van de lijfeigene in leven zou zijn en aanspraak maken. ( NDR inv.nr. 769, folio 1834.)

Buiten het graafschap bezat de heer van Vianden in Neuenburg nog het dorp Krautscheid en enige dienstbare lieden; dus lijfeigen aan de graaf van Vianden.

Voorts bezat de heer de tienden en had hij bossen in eigendom. Ook had hij recht op de levering van hout uit de 'gemene' bossen. De heer bezat 10 molens in het graafschap. ( NDR inv.nr. 769, folio 849.) De heer benoemde de volgende functionarissen: ( Ontleend aan het Ambtboek, NDR inv.nr. 686.)

  • Bewaarder van de ammunitie van oorlog op het kasteel
  • Griffier en controlleur van stad en graafschap
  • Justicier (meier)
  • Klerk
  • Leenman
  • Manrichter van het Leenhof
  • Rentmeester of ontvanger van de domeinen
  • Opperintendant
  • Overambtman
  • Stadhouder van de lenen
Beheer

Het huis van Oranje heeft niet ononderbroken het beheer over Vianden kunnen voeren. Tussen 1683-1698 en tussen 1702-1759 had het huis Isenghien beslag gelegd op deze goederen. Het domein werd beheerd door een rentmeester.

De rentmeesters waren:

Jacob Groelaard
Herman Ernst
Gaspar Veijden
Pieter Roemer
Jan Roemer
Coenraad Philip de Breiderbagh de Bertrange
Christ. Joseph de Baringh
F. de Baring
Aanwijzingen voor de gebruiker

In dit hoofdstuk staan de stukken betreffende Vianden beschreven. Van Vianden berusten nog weinig stukken in het archief van de Nassause Domeinraad. Veel stukken betreffende Vianden en Sankt Vith zijn in 1849 overgedragen aan de Commissie voor de nalatenschap van koning Willem II en terechtgekomen in het Koninklijk Huisarchief.

Toch is er in het archief van de Nassause Domeinraad over Vianden meer te vinden dan op het eerste gezicht lijkt. In de 'algemene' series: de notulen, de registers van uitgaande stukken, zijn gegevens te vinden betreffende Vianden. Zie daarvoor de rubriek Stukken van algemene aard.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in