Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Russische revolutie 1917


Den Haag

100 jaar geleden beleefde Rusland zijn revolutie. De Nederlandse gezant Oudendijk schrijft aan minister van Buitenlandse Zaken Loudon over deze roerige tijden.

Een groote revolutie

Gezant Oudendijk bericht in juli 1917 vanuit Petrograd (het huidige St. Petersburg) dat door de onverwachte, onaangename en verschrikkelijke verrassingen die het leven hier biedt, men beseft ‘wat het zeggen wil te midden van een groote revolutie te leven’.

Schaarste

Oudendijk schrijft ook over de steeds hogere ‘fabelachtige’ prijzen voor voedsel. Zijn toelage van fl. 25, - is volstrekt onvoldoende. En het ministerie van Buitenlandse Zaken moet daar wel eens iets aan gaan doen! De keukenmeid moet uren in de rij staan bij de winkels waar steeds minder te koop is. De lonen schieten omhoog en de bedienden zijn steeds brutaler.

Anarchie en chaos

In een brief uit oktober 1917 klaagt Oudendijk opnieuw steen en been over zijn karige toelage. De toestand in Rusland is volgens hem ‘volkomen hopeloos’: anarchie die zich steeds verder uitbreidt, geen veiligheid meer voor personen en bezittingen, macht in handen van ‘kijfende, praatzieke, gewichtig-doende, politieke emigranten. Een regering van onervaren idealisten die niet in staat is de chaos te besturen. Iedereen snakt naar vrede maar men is hier in een impasse’.

Ineenstorting van alles

Oudendijk schrijft verder: ’Wij zijn hier getuige van eene gestadige inéénstorting van letterlijk alles. De revolutie heeft dusver niets geschapen maar keert nu terug tot de slechtste methodes van het tsarisme: geheime spionnage, knechting der pers, binnenlandsche geheime brieven censuur.’ Hij vreest dat er nog meer verbrand, verwoest en gestolen moet worden, nog meer fabrieken gesloten, de prijzen nog meer moeten stijgen voor er ‘eene grooote wending ten goede kan intreden’. Hij denkt dat de oorlog zonder revolutie al afgelopen had kunnen zijn.

Een brandend gekkenhuis

In januari 1918 laat Oudendijk weten dat ze in Rusland in een brandend gekkenhuis zitten. ‘De bende die thans de macht in handen heeft, zijn desperado’s die voor niets staan. Niemand kan zich een voorstelling maken hoe volkomen de chaos is, hoe het geheele sociale commercieele en industrieele leven volmaakt gedesorganiseerd is.’ Het Russische volk heeft zich laten kennen van onvermoede zijde: ’het zijn beesten’.

Red de beschaving

De honger en de kou worden steeds erger: al dagen geen brood te krijgen, 45 graden vorst, gebrekkige verwarming, in één kamer levend. Oudendijk schrijft opnieuw dat hij ‘reikhalzend uitkijkt naar verhoging van zijn toelage’. Nu de oorlog nog steeds niet beëindigd is, vindt hij ook dat ‘Europa met vereende krachten aan dit gekkenhuis een einde moet maken om ons aller beschaving te redden’. Deze gelegenheid is te schoon om haar niet aan te grijpen’. Oudendijks idee wordt niet uitgevoerd. Omdat Nederland de bolsjewistische regering niet erkent, moet hij het land in oktober 1918 direct verlaten. Hij zal er niet rouwig om zijn geweest.

 

Nationaal Archief

2.21.205.37 Jhr. dr. John Loudon, inv.nr. 2

Bekijk hier foto's van de Russische revolutie uit de collectie van het Nationaal Archief.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in