Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Nieuw publiekscentrum voor 211 jaar oud instituut


Den Haag

Volgende week opent het nieuwe publiekscentrum van het Nationaal Archief zijn deuren. Daarmee bereikt het 211 jaar oude archief een nieuwe mijlpaal: een studiezaal die van alle gemakken is voorzien voor de archiefonderzoeker en een enorm publiekscentrum en tentoonstellingsruimte waar geïnteresseerden zich kunnen onderdompelen in verhalen uit en over de collectie van het Nationaal Archief.

Hendrik van Wijn

Hendrik van Wijn wordt op 17 juni 1802 door het toenmalige Staatsbewind voor 5 jaar aangesteld ‘ter recherche, examinatie en redactie, der vroege Staatsarchieven in de Bataafsche Republiek’. Kennelijk doet hij zijn werk goed, want nog voor het aflopen van zijn ‘contract’ krijgt Van Wijn op 28 mei 1806 een vaste aanstelling als ‘Archivarius der Bataafsche Republiek’. Daarmee verdient hij jaarlijks 3.500 gulden; geen klein bedrag voor die tijd.

Kopiisten in dienst

Al snel neemt Van Wijn meneer Van Heijnsbergen in dienst als ‘kopiist’. Zijn taak is om belangrijke documenten uit de collectie te kopiëren door ze over te schrijven. Later komt ook zijn zoon in dienst van de ‘Archivarius der Bataafsche Republiek’. Veel van de papieren die in het archief liggen, zijn namelijk in een erg slechte staat, of in de woorden van Van Wijn zelf: ‘oude en pretieuse stukken, van welken geen afschriften waren exteerende, en welke, bij faute van dien, bij de eerste ongelukkige catastrophe, gevaar lopen verloren te gaan’.

Roerige periode

De tijd waarin Van Wijn start als ‘Archivarius’ is voor Nederland nogal roerig. Hij begint in de Bataafsche Republiek, maar al snel laat de Franse keizer Napoleon zijn invloed gelden. Napoleon installeert zijn broer Lodewijk in 1806 als Koning van Holland. Van Wijn behoudt zijn aanstelling en wordt ‘Archivarius des Koningrijks Holland’. Koning Lodewijk Napoleon zet zich enorm in voor de belangen van Holland, tot onvrede van zijn keizerlijke broer. Op 31 december 1810 wordt Nederland dan ook ingelijfd in het Franse Keizerrijk.

Al die tijd blijft Van Wijn stug doorwerken aan het verzamelen, ordenen en behouden van de belangrijke documenten voor de geschiedenis van Nederland. Zelfs als hij daarvoor een tijdje geen salaris ontvangt; zijn aanstelling vervalt op het moment dat Holland deel gaat uitmaken van het Franse Keizerrijk. Ook zijn kopiisten blijven onbetaald onder zijn leiding werken. Kennelijk is Van Wijn zozeer gecharmeerd van hun werkzaamheden, dat hij ‘om deze menschen in hun gebrek aan gelden tegemoet te komen, om zig niet van hunne hulp te zien ontbloten (…) uit zijn privé beurs hunnen geldelijke verdiensten’ gedeeltelijk heeft voorgeschoten.

Rijksarchivaris vanaf 1815

Vanaf 1815 krijgt Van Wijn de titel ‘Rijksarchivaris’, de functie-aanduiding die sindsdien wordt gebruikt. De laatste jaren van zijn leven laat Van Wijn het dagelijkse archiefwerk vaak over aan zijn adjunct, jonkheer mr J.C. de Jonge, die later zijn opvolger wordt. Op 27 september 1831 overlijdt Hendrik van Wijn in Den Haag; hij is 91 jaar oud geworden.

Nationaal Archief

1.13.20 – Archief Hendrik van Wijn [levensjaren 1740-1830], 1431-1831, inv.nr. 216

Lees ook het online nieuwsbericht ‘210 jaar Nationaal Archief’ op deze website.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in