gahetNA in het Nationaal Archief

K(r)oningsdag: koninklijk protocol en symboliek


Den Haag

Op 30 april, bijna 200 jaar na de inhuldiging van koning Willem I, wordt Willem-Alexander de 7e Koning der Nederlanden. Deze plechtigheid gaat uiteraard gepaard met de nodige symboliek. Op het moment van de officiële troonopvolging gaat de kroon, het koninklijk wapen en de koninklijke standaard (vlag) over op de nieuwe vorst. In Koninklijke Besluiten (KB’s) staan deze symbolen tot in detail beschreven.

De kroon en andere regalia

De term kroningsdag is feitelijk onjuist. In Nederland worden vorsten namelijk niet gekroond, maar beëdigd (de Koning zweert trouw) en ingehuldigd (antwoord hierop van de Staten Generaal en de Staten van Aruba, Curaçao en Sint Maarten). De koningskroon wordt daarom nooit gedragen of tijdens de inhuldiging opgezet. Het ultieme symbool van koningschap maakt echter wel onderdeel uit van de ceremonie. Op 30 april ligt de kroon, samen met de regalia de scepter (symbool voor gezag) en de rijksappel (symbool voor het grondgebied), op de credenstafel in de Nieuwe Kerk. Hierop liggen dan ook de Nederlandse grondwet en het Statuut voor het Koninkrijk. De andere regalia, het rijkszwaard (symbool van macht) en de rijksbanier (teken voor de natie), worden tijdens de inhuldiging vastgehouden door 2 hoge militairen. De huidige regalia worden gebruikt sinds 1840, toen koning Willem II werd ingehuldigd. Ze zijn geen eigendom meer van het koningshuis: in 1963 droeg Koningin Juliana de regalia over aan de Stichting Regalia van het Huis Oranje-Nassau.

Heraldische kroon

Het ontwerp van de koningskroon is gebaseerd op de heraldische (officiële afbeelding van de) kroon. De heraldische kroon is echter niet gevoerd en heeft meer parels dan de koningskroon. De Nederlandse heraldische kroon wordt o.a. afgebeeld op het rijkswapen en de koninklijke standaard. Over het uiterlijk van deze kroon mag dan ook geen misverstand bestaan. Hoe de heraldische kroon er precies uit moet zien, staat nauwkeurig beschreven in een KB uit 1816.

Rijkswapen

Het rijkswapen is in 1815 vastgesteld door Koning Willem I. Voor het nieuwe Verenigd Koninkrijk der Nederlanden was een geheel nieuw wapen nodig, vond hij. Het rijkswapen werd en is nog altijd een combinatie van het wapen van het Huis van Nassau en het wapen van de Republiek der Nederlanden. Er zijn 3 varianten: het kleine rijkswapen, het rijkswapen en het koninklijke wapen. Het kleine rijkswapen is de meest eenvoudige versie van het wapen van Nederland. Het bestaat uit een azuurblauw schild met gouden blokjes. In het midden staat een gekroonde gouden leeuw ‘getongd en genageld van keel, in de rechtervoorklauw opgeheven houdende in schuinlinkse stand een zwaard van zilver met gevest van goud en in de linker- een bundel van zeven pijlen van zilver met punten van goud’. Het azuur, de blokjes en de leeuw zijn afkomstig van het familiewapen van Van Nassau. De kroon op de leeuw en de 7 pijlen (die de 7 provinciën symboliseren) zijn afkomstig van het wapen van de Republiek. Het rijkswapen is uitgebreider dan het kleine rijkswapen: het schild wordt gedragen door 2 leeuwen en is voorzien van de wapenspreuk Je maintiendrai (Ik zal handhaven). Dit devies staat voor de familie en het prinsdom Van Oranje. Bij het koninklijke wapen is het rijkswapen voorzien van wapenmantel en baldakijn. Het wordt alleen gebruikt als symbool voor de koning.

Alleen de Nederlandse koning(in) kan door KB het wapen officieel aanpassen. Dit gebeurde door Koningin Wilhelmina in 1907: de schilddragende leeuwen dragen geen kroon meer en worden in plaats van aanziend, en profil afgebeeld.

Koninklijke standaard

De koninklijke vlag wordt ook wel de koninklijke standaard genoemd. Standaarden worden gebruikt om de aanwezigheid van een lid van de Koninklijke familie kenbaar te maken. De Koninklijke standaard is bijvoorbeeld te zien op Paleis Noordeinde als de koning daar aanwezig is. De huidige koninklijke standaard is bij KB vastgesteld door koningin Wilhelmina in 1908 en sindsdien niet meer aangepast. Het is een vierkante oranje vlag in vier gelijke vakken verdeeld door een ‘staand vierarmig kruis van Nasausch blauw’. In het midden van het kruis staat het rijkswapen afgebeeld ‘omhangen door de versierselen (lint met ordeteeken) van het Grootkruis der Militaire Willemsorde’. In het midden van elk oranje vak staat ‘een jachthoorn van azuur, gesnoerd en geopend van keel, beslagen met zilver (prinsdom Oranje)’.

Persoonlijke onderscheidingsvlag prinses Juliana

De koninklijke standaard mag alleen worden gebruikt door de Koning der Nederlanden. Andere leden van het Koninklijk Huis of van de Koninklijke familie kunnen een persoonlijke onderscheidingsvlag toegekend krijgen. Zo stelde Koningin Wilhelmina op 8 november 1909 bij KB een onderscheidingsvlag vast voor ‘Onze geliefde dochter, Hare Koninklijke Hoogheid Juliana, Prinses van Oranje-Nassau, Hertogin van Mecklenburg’. In 1938 is een onderscheidingsvlag voor prinses Beatrix en haar zussen vastgesteld. Omdat koningin Beatrix na haar abdicatie weer als prinses door het leven gaat, zal zij deze vlag weer in gebruik nemen.

Nationaal Archief

2.02.14, Kabinet der Koningin (1898-1945), inv. 5444, 5551,8161

2.02.01 Staatssecretarie (1813-1840), inv.254, 272

Onderzoeksgids: Ik zoek een Koninklijk Besluit (KB)

Bekijk beelden van inhuldigingen, de koninklijke familie en regalia in de fotocollectie van het Nationaal Archief. Een selectie van beelden over Nederlandse koninklijke abdicaties en inhuldigingen is te zien in Flickr de Commons.


Lees ook het bericht De abdicaties van Wilhelmina en Juliana.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in