gahetNA in het Nationaal Archief

Dierentuin Artis al 175 jaar aan de Plantage Middenlaan


Den Haag

Het Koninklijk Zoölogisch Genootschap Natura Artis Magistra (letterlijk: de natuur is de leermeesteres van de kunst en wetenschap) wordt opgericht op 1 mei 1838. Artis vestigt zich aan de Plantage Middenlaan 40 te Amsterdam. En op die locatie zit de dierentuin nu, 175 jaar later, nog steeds. Maar de locatie van Artis in de stad was niet altijd onomstreden.

Overname door gemeente en provincie

Vanaf de oprichting op 1 mei 1838 is het Zoölogisch Genootschap (de dierentuin Artis) een particuliere organisatie. In de jaren ’30 van de 20e eeuw blijkt Artis echter financieel niet langer op eigen benen te kunnen staan. De dierentuin wordt dan overgenomen door de gemeente Amsterdam en de provincie Noord-Holland. In deze periode wordt ook het Artis-Reddingscomité in het leven geroepen. Doel van dit comité is om geld bijeen te brengen voor nieuwe gebouwen in de dierentuin. Voorwaarde voor het beschikbaar stellen van het geld van het comité is dat Artis wordt overgenomen door gemeente en/of provincie. Op die manier kunnen schuldeisers er namelijk niet meer met de opbrengst vandoor gaan.

Artis naar de stadsrand

Maar ook na de overname door gemeente en provincie blijft Artis in financieel zwaar weer verkeren. Vlak voor het 100-jarig bestaan van het Genootschap gaan daarom in 1937 stemmen op om de dierentuin meer naar de stadsrand te verplaatsten. In een bijlage bij een brief aan de Chef van de afdeling Cultuurbescherming en Wetenschap van het Departement van Opvoeding, Wetenschap en Cutuurbescherming, zet de toenmalige directeur van Artis, dr. A.L.J. Sunier, op 20 maart 1941 de gebeurtenissen van de afgelopen jaren nog eens op een rij.

8 miljoen voor een nieuwe dierentuin

Als nieuwe locatie voor de dierentuin valt het oog op een terrein aan de Amstelveenseweg ‘ten zuiden van de ringbaan’. De kosten om daar een nieuwe, op de moderne tijd toegesneden dierentuin in te richten met een omvang van 20 hectare worden geraamd op 8 miljoen gulden. Aanvankelijk bestaat er ook nog het idee om op een terrein van 30 hectare ‘vier à vijf weilanden voor hoefdieren, met bijbehoorende stallen, waartusschen wandelpaden, kreupelbosch, waterpartijen en een vogelbosch van tenminste 3 H.A. oppervlakte’ extra in te richten. Daar wordt echter in de laatste versie van de plannen van afgezien.

Tal van bezwaren

Van de kant van het Genootschap bestaan de nodige bezwaren tegen een verplaatsing. Door de nieuwe dierentuin aan de rand van de stad te vestigen, wordt deze ‘niet alleen voor de meeste Amsterdammers, maar vooral ook voor de vele niet-Amsterdammers, die de hoofdstad bezoeken, veel moeilijker bereikbaar (…) dan het tegenwoordige “Artis”’.
Daarnaast zal er de nodige tijd overheen gaan voordat de begroeiing van een nieuwe dierentuin net zo mooi en weelderig is als in de oude situatie. Het duurt nog ‘ongeveer 10 à 15 jaar, nadat tot beplanting zou worden overgegaan, (…) voor het daarop exploiteren van een dierentuin geschikt geacht’ wordt.
Maar misschien nog wel het meest relevante is dat bij het verplaatsen van de dierentuin ‘het juist thans hier te Amsterdam gerealiseerde nauwe contact tusschen het universitaire onderwijs en den zoölogische tuin verbroken zou worden’.

Geen ongunstige invloed op aantal bezoekers

Het argument dat de huidige ligging van de dierentuin een ongunstige invloed heeft op het aantal leden van het Genootschap en bezoekers gaat volgens de directie niet op. Het aantal leden loopt inderdaad terug, maar dat is een verschijnsel waarmee zoölogische tuinen in de hele wereld te maken hebben. ‘Het forensenwezen, het steeds toenemende gebruik in normale tijden der auto’s, autobussen, e.d., het zoeken van ontspanning buiten de groote stad brengen mede, dat overal een geringere neiging bestaat tot het worden van lid – of abonné – van een dierentuin.’ Het bezoekersaantal is evenwel redelijk stabiel. ‘Op het oogenblik treft men hier dan ook wel algemeen de mening aan, dat tenslotte de ligging van ‘Artis’ niet zoo ongunstig en in elk geval tamelijk centraal is’.

Verbeteringen op huidige locatie

En er is een aantrekkelijke verbetering op komst voor de dierentuin op zijn huidige locatie. Door het verdwijnen van het omvangrijke spoorwegemplacement aan de Plantage Doklaan, valt een enorm terrein vrij ‘tusschen het tegenwoordige “Artis” en het Entrepôtdok’. Ook over het toevoegen van het gedeelte aan de oostkant tot aan de Plantage Muidergracht zijn nu de besprekingen gaande van het Genootschap met de gemeente. (Uiteindelijk zou Artis overigens pas aan het einde van de 20e eeuw het gebied tot aan het Entrepôtdok bij de dierentuin kunnen trekken.)

Deze vooruitzichten, maar vooral de grote financiële injectie van het Artis Reddings-Comité aan het einde van de jaren ’30 (ruim 2 ton in guldens!), verschaffen de dierentuin weer wat lucht. De plannen voor de verhuizing gaan in de ijskast om er nooit meer uit te komen.

Nationaal Archief

Bekijk de vele historische beelden van Artis in de fotocollectie van het Nationaal Archief.

2.14.73 – archief van de Afdeling Oudheidkunde en Natuurbescherming en taakvoorgangers, (1910) 1923-1965 (1981) van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, inv.nr. 5816
2.19.009 – archief van H. van Poelgeest: Dierenbeschermingsarchieven, (1867) 1918-1954 (1963), inv.nr. 342

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in