Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Titanic duikt op in het Nationaal Archief


Den Haag

Honderd jaar geleden verdwijnt het ‘onzinkbare’ schip de Titanic binnen drie uur naar de bodem van de ijskoude oceaan. Ruim 1500 opvarenden, onder wie drie Nederlanders, laten daarbij het leven. Het drama levert tientallen boeken en films op en spreekt nog altijd tot de verbeelding. Daarnaast zorgt de ramp er voor dat veiligheid op zee een hot item wordt. Ook in Nederland.

Mensenlevens op zee

In het Nationaal Archief duikt de Titanic ook op. In twee keuringsrapporten over Titanicfilms en in een vuistdik dossier van de Scheepvaartinspectie uit 1912-1916. Hierin zijn onderzoeksrapporten over de ramp en de voorbereidingen voor de eerste internationale conferentie over veiligheid van mensenlevens op zee te vinden. Uit de stukken is op te maken dat veiligheid op zee en rendabele bedrijfsvoering van scheepvaartmaatschappijen nogal eens op gespannen voet met elkaar staan.

Discussies

Meteen na de ramp ontbranden er discussies over veiligheid op zee. Scheepsrampen kosten elk jaar opnieuw mensenlevens. Uitvinders en fabrikanten komen met nieuwe reddingsvlotten als een onzinkbaar krukje of een vlot van sigaarvormige ijzeren pijpen.

Internationale veiligheidsconferentie

De Hoofdinspecteur voor de Scheepvaart nodigt in juli 1912 Nederlandse stoomvaartmaatschappijen, droogdokmaatschappijen, het KNMI en de hoofdcommies van het ministerie van Landbouw, Nijverheid en Handel uit om samen het Nederlandse standpunt bij de internationale veiligheidsconferentie te bepalen. De Bond van Zeevarenden vraagt ook om een uitnodiging maar wordt door de Scheepvaartinspectie buiten de deur gehouden. De heren reders zouden namelijk niet met hen aan een tafel willen zitten!

Hoogstens een morele verplichting

Opvallend is dat de reders liever geen nieuwe dwingende wettelijke eisen zien. Dat kost ze gewoonweg te veel geld of levert praktische bezwaren op. Het voorschrijven van zuidelijker, minder gevaarlijke routes, het verplicht minderen van vaart bij mist of ijsbergen, het doortrekken van een dubbele scheepsbodem, altijd bemande seinposten of de verplichting om van de eigen route af te wijken om een ander schip te helpen, vinden de heren niet wenselijk of noodzakelijk. Het kan hoogstens een morele verplichting zijn, geen wettelijke. Het voeren van elektrische noodverlichting bevelen ze wel aan, al voldoen kaarsen eigenlijk ook goed.

Iedereen in de reddingsboot

De uitbreiding van het aantal reddingsboten levert een lange discussie op. Het gaat toch vooral om het onzinkbaar zijn van een schip. En bij de Titanic gingen reddingsboten halfleeg weg, dus wie zegt dat met meer boten er meer mensen zouden zijn gered? En er passen er toch zeker 30% meer Javanen in een reddingsboot dan Europeanen. En wat te denken van zoveel reddingsboten op een excursieschip? Die zouden dan alle dekken in beslag nemen wat het einde van excursieschepen zou betekenen.

De Hoofdinspecteur ziet wel wat in een Engels idee om verplicht achterop de vaarbiljetten aan te geven dat er niet voor alle opvarenden een plek in een reddingsboot is. De hoofdcommies van Landbouw vindt dit toch wel een immorele vorm van wetgeving en het idee wordt verlaten. Na een lange discussie kiezen ze toch voor het principe van één plaats voor elke opvarende in een reddingsboot.

Nieuwe voorschriften

De internationale conferentie levert in 1914 uiteindelijk nieuwe internationale voorschriften op als altijd bemande seinposten, elektrische noodverlichting, waterdichte en brandwerende schotten en voor elke opvarende een plaats in een reddingsboot. En er wordt een internationale IJspatrouille opgericht die overigens niet alleen voor ijsbergen moet waarschuwen maar ook voor scheepswrakken.

Titanicfilms

Het grote publiek houdt zich meer bezig met het verhaal over de Titanic dan met veiligheid. Al in 1912 draaien de eerste Titanicfilms in Nederland: ‘De Ramp van de Titanic’ en ‘Het vergaan van de Titanic’. De productie van Titanicfilms is altijd door gegaan. Begin 1939 vindt de Nieuwe Tilburgsche Courant de Titanic onderhand ‘een afgezaagd onderwerp’, er staat dan onder meer een Titanicfilm van Hitchcock op stapel. Die film is er nooit gekomen, andere wel.

Filmkeuring

In het archief van de ‘Centrale Commissie voor de Filmkeuring’ vinden we dat de Duitse film ‘Titanic’ uit 1943 alleen goedgekeurd wordt voor een publiek van 18 jaar en ouder wegens ‘enkele sensationele taferelen’. Het is een overduidelijke nazipropagandafilm uit de koker van propagandaminister Goebbels, waarin de Engelsen het moeten ontgelden. De film draait alleen buiten Duitsland omdat alle Duitse filmtheaters ondertussen gebombardeerd zijn. De Amerikaanse film ‘De ondergang van de Titanic’ uit 1953 vond de Nederlandse filmkeuring ‘te aangrijpend en van te grote spanning’ voor kinderen jonger dan 14 jaar.

Nationaal Archief

Ministerie van Landbouw, Nijverheid en Handel: Afdeling Nijverheid, 1906-1922, 2.06.075, inv.nr. 213

Centrale Commissie voor de Filmkeuring, 2.04.60, inv.nrs. 803, 983

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in