Sorry, you need to enable JavaScript to visit this website.

Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Brieven van Mata Hari


Den Haag

In de Eerste Wereldoorlog executeert Frankrijk de Nederlandse danseres Mata Hari. Ze zou een spionne zijn. Maar was dat ook zo? Zelf beweerde ze onschuldig te zijn. Enkele brieven geschreven door Mata Hari uit het Nationaal Archief versterken de twijfel.

Dol op dansen en hoge officieren

Mata Hari wordt als Margaretha Geertruida Zelle in 1876 in Leeuwarden geboren. Als kind leert ze Frans, Engels en Duits wat haar later goed van pas zou komen. Als Margaretha achttien is, leest ze een contactadvertentie van kapitein Rudolph MacLeod. Ze reageert en trouwt hem een paar maanden later. Ze krijgen een zoon en een dochter en wonen een tijd in Nederlands-Indië. Het huwelijk wordt geen succes en Margaretha zoekt afleiding in haar voorliefde voor Indonesische dansen.

Exotische beroemdheid in Parijs

Terug in Nederland scheiden ze en Margaretha vertrekt naar Parijs.  Als Mata Hari (Maleis voor oog van de dageraad) maakt ze furore met haar oosterse en erotische dansen. Binnen enkele maanden is ze een internationale vedette. Ze treedt tijdens Europese tournees op voor de allerrijkste en hoogste heren met wie ze ook de nodige avontuurtjes beleeft. Mata Hari trekt met haar affaires en verzonnen verhalen over haar achtergrond als Javaanse prinses veel aandacht.

Verdacht

Haar geheimzinnige, zinnelijke imago breekt haar in de Eerste Wereldoorlog op. De verdenking rijst dat ze geheimen zou ontfutselen aan haar geüniformeerde minnaars. Haar vele reizen naar Duitsland, tussen Nederland en Frankrijk via Engeland en Spanje, voeden die speculaties. In 1915 en 1916 wordt ze in Engeland gearresteerd maar snel weer vrijgelaten. Toch blijft ze opvallen, ook door haar eigen verhaal dat ze gevraagd zou zijn als spionne voor Duitsland te werken. In 1917 arresteert de Parijse politie Mata Hari dan ook op verdenking van spionage voor Duitsland.

Wanhopige brieven

Vanuit de gevangenis doet de radeloze Mata Hari herhaaldelijke pogingen om de buitenwereld te overtuigen van haar onschuld.  Zo schrijft ze aan de Nederlandse consul in Parijs: 'Sinds zes weken ben ik opgesloten in St. Lazare, beschuldigd van spionage, wat ik niet heb gedaan. Doet u voor mij wat u kunt, ik zal u er dankbaar om zijn.' De Nederlandse ambassade ontvangt vijf brieven waar de wanhoop van afstraalt. Ze vraagt de ambassadeur om bemiddeling bij de Franse regering omdat er sprake is van een vergissing: 'Ik heb niets misdaan. Mijn internationale betrekkingen zijn het gevolg van mijn werk als danseres en niet anders (...). Aangezien ik werkelijk niet heb gespioneerd, is het verschrikkelijk dat ik me niet kan verdedigen.'

Dubbelspionne

Haar zaak verergert als ze ook verdacht wordt van spionage voor de Franse geheime dienst. Ze wordt schuldig bevonden en op 15 oktober 1917 gefusilleerd. Pas als in 2017 haar dossier in het archief van het Franse ministerie van Defensie opengaat, weten we misschien of dat oordeel terecht was.  

Nationaal Archief

In het nieuwe blad van het Nationaal Archief Lees het NA magazine staat het artikel De wanhoop van Mata Hari Brieven van een spionne met afbeeldingen van de brieven.    Lees het NA is gecombineerd met het blad G-Geschiedenis dat voor 5,50 euro in kiosk, boekhandel en bij het Nationaal Archief te koop is.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in