gahetNA in het Nationaal Archief

De deur blijft nog dicht


Den Haag

Met feest en vuurwerk zijn tien nieuwe lidstaten op 1 mei volwaardig EU-lid geworden. Alleen geldt het vrije verkeer van werknemers nog niet voor de nieuwkomers.  De angst overspoeld te worden door duizenden goedkope arbeidskrachten leidde tot het instellen van een quotum van 22.000 Oost-Europese werknemers die hier in het eerste jaar na uitbreiding mogen werken.  Het Centraal Planbureau verwacht evenwel niet meer dan 10.000 Oost-Europese werkzoekenden.

Wij niet, jullie ook niet

Als reactie op de tijdelijke beperking wil Polen voorlopig geen werkkrachten van de oude lidstaten toelaten. En pas na 5 jaar kunnen we er een tweede huis kopen. Uit onderzoek blijkt overigens dat er weinig animo is om te emigreren. Polen die in Nederland werken, doen dat voor een korte periode en besteden de euro's thuis. Ze noemen het verschil in cultuur als belangrijkste reden om in eigen land te blijven wonen.

Vrees voor nieuwkomers

De angst voor migranten is niet nieuw. In het Nationaal Archief is veel materiaal te vinden over de voorbereidingen van de eerdere uitbreidingen van de Europese Unie. Daarbij is telkens hetzelfde geluid te horen: Wat te doen aan de te verwachten stroom van onderdanen van de nieuwe lidstaten naar Nederland? Met overgangsbepalingen wordt de vrees telkens bezworen.

Groot-Brittannië 1973

De Nederlandse regering denkt dat met de toetreding van Groot-Brittannië in 1973 duizenden Pakistani en Indiërs het Kanaal oversteken om hier werk te gaan zoeken. 
Nederland wil het liefst een overgangsperiode van 10 jaar voor het vrije verkeer volledig van kracht wordt. Overzeese categorieën werknemers in het Verenigd Koninkrijk moeten dan wel 10 jaar daar gewoond hebben voor ze in Nederland mogen werken.
Later besluit men dat de lidstaten ieder afzonderlijk voor een overgangsperiode van 5 jaar kunnen kiezen.

Bescherming eigen onderdanen

Als Spanje, Portugal en Griekenland groen licht krijgen om zich bij Europa te voegen, speelt weer dezelfde angst op. De drie genoemde landen hebben al 1,5 miljoen werklozen en men denkt rekening te moeten houden met 3 miljoen potentiële migranten, de verborgen werkloosheid er bij tellend. Dat aantal kunnen de geïndustrialiseerde landen nooit verwerken.
Jan Pronk, minister van Ontwikkelingssamenwerking schrijft in 1974 aan minister-president Den Uyl dat het vrije verkeer van werknemers een belangrijke verworvenheid van de individuele burgers in de EEG is. Maar er moet wel op gelet worden in hoeverre daarmee een bijdrage wordt geleverd aan de oplossing van de eigen werkloosheidsproblematiek. De hogere welvaart en de betere sociale voorzieningen zouden bijzonder aantrekkelijk zijn voor de Zuid-Europeanen.

Men lijdt het meest….

Wat is indertijd uitgekomen van de verwachte migrantenstromen? In feite niets. Pakistani en Indiërs blijven in Engeland. Spanje, Portugal en Griekenland leveren ook geen massale migratiestromen op. Integendeel de toetreding betekent een enorme economische ontwikkeling waardoor de migratie naar het noorden juist afneemt.
De geschiedenis leert in elk geval dat bescherming van de eigen welvaart het best gegarandeerd is door de ontwikkeling van potentiële migrantenlanden en niet zozeer door de grenzen dicht te houden.

Bronnen

Nationaal Archief Toegangsnr. 2.03.01 Ministeries voor Algemeene Oorlogvoering van het Koninkrijk (AOK) en van Algemene Zaken (AZ): Kabinet van de Minister President

  • Inventarisnr. 8861 Toetreding Groot-Brittannië in EEG 1971
  • Inventarisnr. 8862 Toetreding Griekenland, Portugal en Spanje

Reacties

Nieuwe reactie inzenden
Velden gemarkeerd met een sterretje (*) zijn verplicht
De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Toegelaten HTML-tags: <p> <a> <em> <strong> <br> <abbr>
  • Zet HTML-elementen in hoofdletters om naar kleine letters.
Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in