Nationaal Archief. Collectie, tentoonstellingen en activiteiten

Amsterdam 1928


Den Haag

De Olympische Spelen zijn weer terug bij hun oorsprong: Griekenland. Nederland heeft tot nu toe één keer de eer gehad om de Spelen te organiseren. De negende Olympiade vindt in 1928 in Amsterdam plaats. Een terugblik op de Spelen van toen.

Wie betaalt?

Al in 1921 valt de keuze op Amsterdam. De financiering is echter een groot probleem en de kans dat de Spelen naar de rijkere VS gaan is reëel. Het Internationaal Olympisch Comité (IOC) moet een harde financiële garantie hebben om de Spelen in Amsterdam door te laten gaan. De regering dient op 1 mei 1925 een wetsvoorstel in waarbij een miljoen gulden aan subsidie aan het Nederlands Olympisch Comité (NOC) wordt toegekend.
De Tweede Kamer debatteert maar liefst drie dagen over het voorstel.

Zondagsschennis en sportverdwazing

Vooral de Anti-Revolutionairen zijn faliekant tegen subsidiëring. De Olympische Spelen zijn voor hen niets anders dan “heidense feesten waarbij niet God wordt gediend, maar de mensch en de mammon”. Ook vrezen zij een “ontheiliging van de Dag des Heeren” als op zondag gesport wordt. Bovendien zijn de Spelen een bedreiging voor de vrouw: “Door de sportmanie aangegrepen verliest zij haar gevoel voor kieschheid”.
De socialisten vinden een subsidie weggegooid geld en de communisten zien in de Olympische Spelen een moderne kapitalistische vertoning. Alleen de liberalen zijn unaniem voor de subsidie. Het wetsvoorstel wordt uiteindelijk met ruime meerderheid verworpen.

Maar het geld komt

Het NOC is woedend. Voorzitter Schimmelpenninck vindt dat “Nederland zich door het Kamerbesluit heeft verlaagd tot de klasse van internationale klaplopers”.
Het NOC doet daarom met succes een klemmend beroep op de Nederlandse bevolking; donaties van bedrijven en particulieren stromen binnen. De gemeente Amsterdam besluit een half miljoen gulden aan het NOC te verstrekken. Zo zijn de Spelen toch op tijd veilig gesteld.

Zonder de Koningin

De Spelen zijn een groot succes. Enige smet op het feest is de afwezigheid van Koningin Wilhelmina bij de opening. De Koningin is ontstemd omdat de openingsdatum zonder overleg met haar is vastgesteld. Zij laat zich niet gebieden, zelfs niet door “een verzameling van achtenswaardige, bejaarde baronnen en graven, markiezen en jonkheren”. Ze weigert eerder van haar Noorse vakantie terug te komen en laat de opening aan Prins Hendrik over. Koningin Wilhelmina is wel weer present om de gouden medailles uit te reiken op de slotdag.

Nieuwe tradities

Tijdens de Spelen van 1928 brandt voor het eerst het Olympisch vuur. Ook wordt het gebruik ingevoerd dat het defilé van deelnemende landen met Griekenland begint en met het gastland eindigt. Voor vrouwen is het vanaf 1928 mogelijk deel te nemen aan atletiek en turnen. De Amsterdamse atletiekbaan is 400m lang en dat is sindsdien de internationale standaard.
Het Europese vasteland maakt tijdens deze Spelen voor het eerst kennis met Coca-Cola.

Welk een propaganda voor Nederland!

Iedereen kijkt tevreden en trots terug op de Spelen van 1928. Sportief gezien doen de Nederlanders het, met 8 gouden, 10 zilveren en 4 bronzen medailles, goed. De organisatie verloopt nagenoeg vlekkeloos. Het tekort aan accommodatie voor de spelers wordt opgelost door de schepen waarmee de spelers naar Amsterdam kwamen, te gebruiken als permanent verblijf. Athene kiest bij de huidige Spelen voor het huisvesten van de officials voor een zelfde optie.
Hopelijk zijn de 28e Olympische Spelen net zo’n succes als de 9e in Amsterdam.

Archieven en literatuur

Toegang 2.19.124 Nederlands Olympisch Comité (NOC), 1912-1993, inventarisnr. 62-64, 328
- Toegang 2.02.14 Kabinet van de Koningin, inventarisnr. 7129-7145
- Toegang 2.02.21.01 Handelingen der Staten generaal, inventarisnr. 575
- 'Amsterdam 1928', P. Arnoldussen (Amsterdam 1994) 
 



Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in