gahetNA in het Nationaal Archief

Archief 'Johannes van Damme zaak' (beperkt) openbaar


Den Haag

Begin jaren negentig arresteert de overheid van Singapore twee Nederlanders, Maria Krol-Hmelak en Johannes van Damme. De aanklacht luidt drugssmokkel. Een Nederlander, Guus van Bladel staat de  twee bij als sociaal raadsman. Hij is er bij als Van Damme uiteindelijk door de strop om het leven komt. Dit voorjaar overhandigde Van Bladel het Nationaal Archief zijn persoonlijke archief dat hij destijds bijhield over beide zaken. Dit archief biedt allerlei onderzoeksmogelijkheden. Het geeft onder andere een beeld van het optreden van de Nederlandse overheid ten aanzien van gedetineerden in het buitenland. Verder is er informatie te vinden over undercoveroperaties, de praktijken van de Nigeriaanse maffia en het Singaporaanse rechtssysteem.

Arrestaties

Maria Krol wordt op 19 april 1991gearresteerd. Op haar hotelkamer vindt de politie 1,6 kilo heroïne. De drugs zitten verstopt in machineonderdelen. Vijf maanden later houden de autoriteiten Johannes van Damme aan op de luchthaven van Singapore. In de dubbele bodem van zijn koffer vinden ze 4,32 kilo heroïne. In afwachting van hun proces zitten beide zakenlieden in voorlopige hechtenis. Krol en Van Damme kennen elkaar niet. Wel waren zij beiden tot hun arrestatie woonachtig in Nigeria. Voor de twee Nederlanders ziet het er niet best uit. De Singaporaanse autoriteiten beschouwen het bezit van  15 gram heroïne of meer als een halsmisdaad. Bij bewezen schuld moet de rechter de doodstraf opleggen.

Proces tegen Krol

De rechtszaak tegen Maria Krol-Hmelak begint op 17 september 1993. De openbare aanklager eist tegen haar de doodstraf. Zelf zegt zij onschuldig te zijn. Toch lijken haar kansen niet groot. Ze is immers betrapt op smokkel. Volkomen onverwacht spreekt de rechter Krol echter vrij. Volgens hem wist Krol niet wat voor lading ze werkelijk vervoerde. Maria Krol kan Singapore als vrij persoon verlaten. Het proces heeft bij elkaar 29 dagen geduurd.

Proces tegen Van Damme

Van Damme heeft geen geluk. Reeds in april 1993 wordt hij ter dood veroordeeld. Het hof gelooft zijn bewering niet dat hij is misleid door een Nigeriaanse zakenrelatie. Na het vonnis wordt Van Damme overgeplaatst naar de dodencel. Eind november vindt het hoger beroep plaats. Volgens het hof is er geen nieuw, ontkrachtend bewijs. De rechters handhaven dan ook de doodstraf. Op 6 mei 1994 dient Van Damme's advocaat vervolgens een gratieverzoek in bij de Singaporaanse president. De Nederlandse regering steunt het verzoek op humanitaire gronden. Een maand later wordt het verzoek echter afgewezen. Alle juridische mogelijkheden zijn nu uitgeput. Ook een brief van koningin Beatrix aan de Singaporaanse president brengt geen verandering meer in het vonnis. Op vrijdag 23 september tussen zes en halfzeven in de ochtend wordt Johannes van Damme opgehangen in de Changi Prison.

Beperkingen van de raadpleging

Dit archief is beperkt openbaar. Met het oog op de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en het voorkomen van een onevenredige bevoordeling of benadeling van nog levende personen of rechtspersonen dan wel van derden, is raadpleging van het archief pas mogelijk na indiening van een schriftelijk gemotiveerd verzoek. Daarnaast dient het 'formulier voor toestemming tot raadpleging van niet-openbare archieven'ingevuld te worden. Door ondertekening van dit formulier verklaart de ondertekenaar in te stemmen met de in het formulier genoemde voorwaarden.

Uitgebreid
Zoek in collecties
Zoek in